Den Haag wil straat zonder prostitutie

De gemeente Den Haag wil de raamprostitutie uit de Poeldijksestraat verwijderen. Daartoe wordt het bestemmingsplan aangepast en zullen panden zonodig worden onteigend. Dit heeft het college van B en W gisteren besloten.

De Poeldijksestraat ligt vlakbij station Hollands Spoor en trekt zodoende ook veel bezoekers van buiten Den Haag aan.

Het gebied rondom de prostitutiestraat is al in 1995 tot noodgebied verklaard. Daarmee werd samenscholen verboden, maar de overlast hield aan.

Nadat de prostitutiepanden zijn onteigend, wil de gemeente de straat opnieuw inrichten. Er zouden gezinnen en studenten moeten gaan wonen. De kosten van de mogelijke onteigening van de ruim driehonderd ramen kunnen voor de gemeenten in de miljoenen guldens gaan lopen.

De bewoners van het centrum ageren tegen de plannen van de gemeente, omdat ze bevreesd zijn dat de prostitutie zich in de binnenstad zal gaan uitbreiden. Om dat te voorkomen wil de gemeente voor de prostitutiestraten in het centrum bestemmingsregelingen doorvoeren waardoor het huidige aantal ramen aldaar niet kan worden uitgebreid. Verder wil de gemeente Den Haag na de officiële opheffing van het bordeelverbod sluitingstijden gaan invoeren in prostitutiestraten. Volgens wethouder P. Noordanus (ruimtelijke ordening) is het vreemd dat de 24-uurseconomie in dergelijke straten welig tiert, zonder nadere regelgeving. Den Haag moet nog wachten totdat het wetsvoorstel om het bordeelverbod op te heffen door de Eerste Kamer is aangenomen.