New Metropolis

Rob van Hattum en Diana Issidorides bepleiten in hun artikel van 8 maart dat New Metropolis open moet blijven. Sluiting zou neerkomen op `wetenschapsbarbarisme'.

Een van de conclusies van de studiereis die wij in 1984 op initiatief van O&W onder leiding van Jaap Kistemaker naar Amerika en Canada maakten, was dat een wetenschapscentrum niet kan bestaan zonder een structurele bijdrage van de overheid. Een tweede conclusie: de stichtingskosten mogen niet drukken op de exploitatie. Directie, bestuurders en overheden wisten dit. Toch is men verder gegaan met New Metropolis. Omdat een dergelijke instelling status geeft.

Het enthousiast maken van een jong publiek voor de exacte wetenschappen is en wordt in alle discussies over het stichten en in stand houden van New Metropolis als hoofdargument gehanteerd. Vreemd genoeg blijft de vraag buiten beschouwing of wetenschapscentra in de Nederlandse context een geschikt instrument zijn om dat doel te bereiken. Wie wil weten of New Metropolis het goed heeft gedaan, moet zowel naar de bezoekerscijfers kijken, als naar het educatieve effect. Van het eerste weten wij dat dat niet aan de verwachtingen voldeed. Inhoudelijk mag je op grond van het type schoolbezoeken (veel schoolreisjes) aannemen dat het zelfde ook voor het educatieve effect geldt. Is dat te verbeteren met een structurele bijdrage van de overheid? Dat zou mooi zijn. Maar is dat realistisch en een verantwoorde besteding? Wanneer je op educatief terrein succesvol wilt zijn, moet je een relatie opbouwen met de scholen. En wil het onderwijs werkelijk profiteren van je opstellingen, dan moet je de leerlingen in alle rust laten werken. Herhalingsbezoek en betrokkenheid van de docenten zijn dan noodzakelijk. Alleen al het gebouw van New Metropolis is vanwege zijn grootte en de torenhoge exploitatielasten voor zo'n benadering volstrekt ongeschikt. Nederland moet natuurlijk een Nationaal Centrum voor Wetenschap en Technologie hebben. Maar dat is er al lang: de verzameling kleine en middelgrote wetenschapsmusea, sterrenwachten, planten- en dierentuinen. Deze zijn van een menselijke maat en staan dicht bij de samenleving.