Kogelflesjes, vruchtenbowl

Wek noemden we de vruchtenbowl die ons als kind op bijna alle feestjes en verjaardagen werd voorgezet. Iedereen die een tuin had was 's zomers dagenlang in de weer met het wecken van aardbeien, kersen, witte en rode aalbessen, zwarte bessen en kruisbessen. Ook de stoofperen en de sperziebonen die een onmisbaar onderdeel vormden van het zondagmiddagmaal, ondergingen deze behandeling. Op houten rekken stonden in de kelders de langer rijen weckflessen met de oranje weckringen. Boontjes bij boontjes, kersen bij kersen. Op de vloer stonden grote Keulse potten gevuld met zuurkool en zoute bonen, op de ronde houten plank die de kool en de bonen afdekte lag een zware zwerfkei. Koelkasten waren nog een zeldzaamheid.

Van de wek die geserveerd werd in platte glaasjes werd eerst het sap opgedronken en daarna werden met een lepeltje de vruchten naar binnen gewerkt. Limonade, seven up en coca cola waren nog een zeldzaamheid. Alleen bij een oom van ons die een groothandel in dranken dreef en depothouder was van de Hengelosche Bierbrouwerij, werden we op deze drankjes getrakteerd. Maar de eerste jaren hadden we ons door een schier onuitputtelijke voorraad kogelflesjes met champagne gazeuse gewerkt. Het kogeltje werd boven in de flessenhals op zijn plaats gehouden door de druk van het koolzuur die ontsnapte wanneer je flink op het kogeltje duwde. Het was de laatste partij kogelflesjes. Na jarenlange strijd had de kroonkurk het afdichten van de limonadeflesjes overgenomen.

Onze ouders vierden 's avonds hun verjaardagen, soms mocht je opblijven. Opa's, oma's, ooms, tantes en buren in een grote kring rond wat tafeltjes gezeten en allemaal praatten ze tegelijk waarbij zowel het uitzicht als de stemmen in de loop van de avond gesmoord werden in een steeds dikker wordende mist van rook. Vrijwel alle mannen rookten in die tijd, vrou-wen begonnen nog maar net de geneugten van de nicotine te ontdekken. Een vast onderdeel van de mise en place was het klaarzetten van de wijnglazen gevuld met sigaren (in cellofaan en met bandje) en sigaretten (met en zonder filter). En het `steek nog eens op' was zo algemeen dat het niet alleen bij het presenteren van rookwaar werd gebruikt maar ook bij het aanbieden van koekjes of chocolaatjes. In het rookgedrag hebben zich wat verschuivingen voorgedaan, maar gepaft wordt er nog volop. Dr. Meinsma heeft echter wel voor elkaar gekregen dat de glazen met rokertjes van de feesttafels verdwenen zijn.

Na de koffie en het gebak kwam er drank op tafel. Voor de vrouwen advocaat of zoete Spaanse wijn. Voor de mannen een enkel biertje, maar meestal jenever of vieux die vaak nog met suiker werd gedronken.

Ik denk nog met ontroering terug aan de tederheid waarmee de enorme knuisten van mijn oom Herman, die boer was, met het piepkleine lepeltje de suiker onderin het borreltje, liefdevol, op en neer en rond, en op en neer en rond liet gaan.