IOC stemt over lot van vijftien leden

Sinds zondag is het hoofdbestuur van het Internationaal Olympisch Comité in Lausanne om de strategie te bespreken voor het speciale congres dat deze week moet beslissen over de toekomst van het IOC. Morgen zal voorzitter Samaranch de IOC-leden verzoeken te stemmen over het lot van vijftien andere leden die de olympische gedragscode hebben overtreden. Donderdag zal worden vergaderd over voorstellen voor hervorming van de organisatiestructuur van de overkoepelende sportorganisatie.

Het hoofdbestuur draagt in totaal zes leden voor om ontslagen te worden. De andere negen leden dienen volgens het hoogste college een waarschuwing of een ernstige waarschuwing of zelfs een zeer ernstige waarschuwing te ontvangen. Zij worden naar aanleiding van twee onderzoeken door een interne commissie onder leiding van het Canadese hoofdbestuurslid Richard Pound ervan beschuldigd zich op onrechtmatige wijze te hebben bevoordeeld. De beschuldigden mogen niet meestemmen, net als de negen nieuwe leden (onder wie prins Willem Alexander) die vorig jaar lid werden maar nog niet zijn beëdigd.

Volgens de Zwitserse wet, waaronder het in Lausanne gevestigde IOC valt, dienen de voorstellen met tweederde meerderheid te worden aangenomen. Elk lid dat zich uitspreekt tegen een straf of berisping, zal worden beschouwd als een tegenstander van Samaranch' beleid. Samaranch zal daarnaast ook de vertrouwensvraag stellen.

Alle beschuldigden krijgen morgen twintig minuten spreektijd om zich te verweren. Over elke persoon wordt een stemming gehouden. Mogelijke slachtoffers als de Congolees Ganga (voorgedragen voor ontslag) en het Zuid-Koreaanse hoofdbestuurslid Un-Yong Kim (voorgedragen voor een zeer ernstige waarschuwing) hebben aangekondigd in felle bewoordingen terug te slaan om zodoende de leden te overtuigen van de onjuistheid van de beschuldigingen.

Prins Willem Alexander, die vorig jaar in Nagano door Samaranch met acht anderen werd benoemd tot IOC-lid, is niet aanwezig. Hij is niet uitgenodigd. Mocht dat wel het geval zijn geweest dan was hij niet gekomen omdat zijn lidmaatschap door de Nederlandse regering is opgeschort. Twee Nederlanders zullen wel aanwezig zijn, Anton Geesink en Hein Verbruggen, die qualitate qua lid is als voorzitter van de internationale wielrenunie. Van regeringswege zijn geen Nederlanders in Lausanne ter waarneming aanwezig in verband met de vraag of de kroonprins wel of niet lid mag worden. Het is een besloten congres.

Met spanning wordt uitgekeken naar de voorstellen tot hervorming. In de vorige IOC-sessie in januari, waar de eerste onderzoeksresultaten bekend werden gemaakt, deed het hoofdbestuur al aanbevelingen om de kandidatuur van olympische steden ongevoelig te maken voor hand- en spandiensten tussen IOC-leden en organisatoren. Een verbod op reisjes van IOC-leden naar kandidaatsteden bijvoorbeeld. Daarnaast werd voorgesteld een ethische commissie in te stellen met prominenten van buiten de sport. Meer invloed van de nationale comités, terugbrengen van de maximumleeftijd en beperking van het aantal jaren IOC-lidmaatschap, zijn andere ideeën.

Hervorming en democratisering zijn gewenste onderwerpen in het `reinigingsproces'. Van buiten het IOC wordt gevraagd om een meer democratische structuur zoals sommige kleine en nationale sportbonden al kennen. IOC-leden die hun NOC of bond of regering vertegenwoordigen bijvoorbeeld. Alsof daarmee corruptie wordt voorkomen, merkte IOC-lid Verbruggen op. Hij heeft meer vertrouwen in het systeem van coöptatie, waarin niemand van de leden een organisatie vertegenwoordigt en waarin het IOC en zijn leden onafhankelijk zijn. Het IOC is intussen een multinational geworden, meent hij. In een groot bedrijf bepalen aandeelhouders en commissarissen wat er moet gebeuren, niet het volk.

Waarom zou het IOC zijn financiële cijfers openbaar maken, vragen velen zich af. Het is een bedrijf, met een eigen boekhouding. Toch deed Samaranch het onlangs maar. Vorige week stuurde hij alle IOC-leden een brief waarin hij pijnlijke maatregelen aankondigde en en passant nogmaals de financiële cijfers bekend maakte, om hardnekkige misverstanden over onrechtmatige toeëigening van inkomsten uit de weg te ruimen.

Uit de cijfers blijkt dat 96 procent van alle IOC-inkomsten ten goede komt aan de nationale olympische comités en internationale sportfederaties. Het Nederlands Olympisch Comité ontving twee miljoen gulden per jaar, weet IOC-lid Geesink nu. Daarvan moeten de `overhead-kosten' worden betaald ter ondersteuning van het `administratief apparaat', ook van de nationale IOC-leden. Geesink: ,,Daarvan is nooit melding gemaakt in de financiële verantwoording van het vorige NOC-bestuur. Daarom hebben ze mij destijds willen `kaltstellen'. Dan hoefden ze mij niet te betalen. Mijn administratieve werkzaamheden en die van mijn secretaresse hadden betaald moeten worden door het NOC. Waar zijn dus, vraag ik mij af, de twee miljoen per jaar aan opgegaan?''

Uit dezelfde cijfers blijkt dat het IOC in de jaren 1992, '94 en '96 per olympische atleet 800 dollar betaalde en voor 1998 1200 dollar. In totaal gaf het IOC 288 miljoen dollar aan de nationale comités voor de deelnemende atleten. Geesink, die in januari door het IOC werd berispt, vraagt zich af: ,,Weten de Nederlandse sporters dat wel? Weten de sportbonden dat zoveel geld voor hen is binnengekomen bij het NOC?''