Commissie geveld

MET EEN TWEETRAPSRAKET heeft het Europese Parlement de Europese Commissie afgeschoten. Aanvankelijk was er een motie van afkeuring die het weliswaar niet haalde, maar die vergezeld ging van de instelling van een comité van wijzen. Deskundigen hebben de handelwijze van afzonderlijke commissarissen en van de Commissie als geheel tegen het licht gehouden. Hun gisteren gepubliceerde rapport is zo vernietigend dat voorzitter Santer en zijn commissarissen de eer aan zichzelf hielden en eensgezind aftraden. De Europese Unie zit daarmee aan de vooravond van de voor Europa beslissende top van staats- en regeringsleiders in Berlijn zonder dagelijks bestuur. Voor het doen van voorstellen tot compromissen in bijvoorbeeld de landbouw- en begrotingspolitiek mist de Commissie nu het mandaat. Hoe in de ontstane lacune moet worden voorzien, is onbekend. Niet eerder is een Commissie voor het verstrijken van haar ambtstermijn vertrokken.

Opmerkelijk is dat het comité van wijzen het disfunctioneren in het algemeen van de Commissie op de korrel heeft genomen. Van betrokkenheid van commissarissen bij fraude in specifieke gevallen is niets gebleken. De aanstelling van een bevriende tandarts door commissaris Cresson is een afkeurenswaardige vorm van vriendjespolitiek, maar zij heeft niet tegen de bestaande voorschriften gehandeld. Veel meer gaat het de wijzen om het verloren gaan van de greep van de commissarissen op hun ambtenaren. Over de top van de ambtenarij zal overigens een apart rapport worden uitgebracht. Naar verwachting zullen nog de nodige koppen rollen.

DE EERSTE verantwoordelijkheid voor de ontsporingen wordt gelegd bij de Commissie-Delors, die een veelheid van nieuwe taken op zich nam zonder het ambtelijk apparaat daarbij aan te passen en die van nepotisme een usance maakte. De tegenwoordige Commissie wordt verweten de zaken te veel op hun beloop te hebben gelaten. Reageren in plaats van regeren wordt haar voor de voeten geworpen.

Het comité van wijzen laat zich niet uit over de verantwoordelijkheid van de regeringen van de lidstaten. De ministers zijn de ware politici in het Europese bestuur. Zij vielen niet onder de opdracht. Maar voor een historisch oordeel is van belang dat Delors en zijn Commissie destijds in hoog aanzien stonden wegens het voltooien van de gemeenschappelijke markt en de voorbereiding van de Economische en Monetaire Unie. In die sfeer was er geen belangstelling voor de manier waarop Delors zijn krachttoeren verrichtte. Wel was onvrede over Delors' eigenmachtig optreden een reden voor de Europese Raad van staats- en regeringsleiders om, toen eenmaal andere kandidaten waren afgevallen, vervolgens aan de notoir zwakke Santer voorkeur te geven. Ook de Raad heeft voor zichzelf lessen te trekken.

En dan de initiatiefnemer van de zuivering, het Europese Parlement. Niet alleen kwamen vorig jaar de privileges van Europarlementariërs ter discussie te staan, maar ook het financieel beheer van het parlement als zodanig. De verontwaardiging over de Commissie heeft het parlementaire ongemak naar de achtergrond gedrongen, maar er is geen reden om het daar te laten. Voor het straks nieuw gekozen parlement ligt een schone taak te wachten. Nu de parlementariërs politieke moed hebben getoond, mag de kiezer verwachten dat zij niet langer schromen zichzelf onder de loep te nemen.

HOE GROOT DE verschillen ook zijn, er zijn parallellen te ontdekken tussen het Europese wanbestuur en de perikelen waarin de Nederlandse overheid na de Bijlmerramp is vastgelopen. De verambtelijking van het bestuur zet de samenleving op afstand terwijl de politieke verantwoordelijkheid verdampt. Dat het Europese apparaat ook qua omvang niet tegen zijn taken bleek opgewassen, relativeert intussen de hier te lande populaire legende over het bureaucratische waterhoofd waaraan Brussel zou lijden.