WERELDBEROEMD IN DEN HAAG

Eens in de zoveel tijd mogen ze weer even. Dan ontrukken televisiecamera's de senatoren aan de politieke anonimiteit, en maakt het grote publiek even kennis met Heijne Makkreel en andere onwaarschijnlijke namen. Dan is er even politieke hoogspanning, verandert de `chambre de réflexion' in een heuse volksvergadering. En als alles weer is geweest, en de camera's weer weg zijn, kan het gedragen en gedempte debat over de kwaliteit van wetsteksten weer zijn aanvang nemen. Zoals het was, en zoals het eigenlijk ook hoort te zijn.

Sinds vorige week is het weer zover. De senatoren slijpen de messen over het referendum, heet het. In mei moet duidelijk worden of onwillige VVD-senatoren onder het juk van het kabinet door willen, en hun constitutionele zegen aan dit voorwerp van directe democratie willen verbinden. Medewerkers van minister Peper bekijken deze weken hoe ze tegenstribbelende parlementariërs kunnen plezieren. Onbekende Eerste-Kamerleden die nooit gevraagd zullen worden voor Sterrenslag, blijken het kabinet ineens bij de keel te hebben.

Wie dacht dat het om de steun van de VVD-senatoren ging voor het verwerven van de benodigde tweederde meerderheid, heeft het mis. De spil van de discussie, althans volgens hem zelf, heet Marten Bierman (59): `lone rider' in de senaat, senator namens een aantal regionale provinciale groeperingen, en ooit lid van actiegroepen als `De lastige Amsterdammer'.

In eerste lezing was Bierman voorstander van het referendum. Nu echter elke stem telt, weet Bierman het plotsklaps niet meer. Hij geniet van alle aandacht die deze ommezwaai oogst, en hij praat erover als een echte volksvertegenwoordiger. ,,Mijn achterban kijkt hoopvol naar de spilpositie die ik op dit moment inneem'', zegt hij. ,,Vorige week vroegen ze me nog bij de VPRO-radio: heeft het kabinet al contact met u opgenomen? Ik zei: nog niet, maar als het verstandig is, doet het dat wel. Misschien dat het mij gunstig kan stemmen door de stoomwals van de gemeentelijke herindelingen stop te zetten, zoals mijn achterban graag wil.''

Bierman houdt wel van een dealtje, zo blijkt. Niks verheven discussies over de kwaliteit van wetgeving. Gewoon `bread and butter'. Zo heeft Bierman zwaar de pest in, een andere reden voor zijn ommezwaai, dat het kabinet nu ineens haast maakt met het referendumvoorstel, terwijl een ander voorstel, dat de subdidiëring van politieke partijen regelt, steeds blijft liggen. En dat heeft uitgerekend Bierman en zijn groeiende regionale achterban stemmen gekost bij de laatste Statenverkiezingen, zo weet hij zeker. De regionale groeperingen hadden geld kunnen krijgen voor reclamespotjes, dat ze nu moesten ontberen. Is dat allemaal niet een tikkeltje wraakzuchtig gedacht, een senator onwaardig? Bierman: ,,Nee, het is juist een tikkeltje wereldvreemd van het kabinet om te denken, dat wij zulke zendtijd niet nodig hebben om ons staande te houden.'' Is het dan niet allemaal niet een tikkeltje politiek voor een Eerste–Kamerlid? ,,Wij hebben geen Tweede–Kamerfractie om deze politieke redegeving naar voren te brengen, dus doe ik het hier. Bovendien: gelooft u nou echt dat hier in de senaat geen politiek bedreven wordt? Hoe kunt u dan verklaren dat een tijdje geleden de Eerste Kamer een inferieure nabestaandenwet en een even inferieure varkenswet aannam? Die werden er gewoon om politieke redenen doorgejast! Dan kunt u mij toch niet verwijten dat ik politiek bedrijf?''

EEN OMMEZWAAI VAN DRIE TITELS

Er is meer vreemds aan de hand met de referendumdiscussie. In elk overzicht dat in de krant verscheen om de stemverhoudingen in de Eerste Kamer ten aanzien van het referendum te schetsen, werd het CDA als één monolitisch blok `tegen' voorgesteld. Terecht, maar toch opvallend.

Eén van de langst zittend leden van de CDA-fractie, drs.mr.dr. Andries Postma, was namelijk ooit vóór het referendum. In een interview in deze krant op 25 juni 1993 toonde de drietitelige denker zich juist een vurig pleitbezorger van directe volksraadplegingen. Hij had er ten minste drie redenen voor. In verkiezingscampagnes spelen zelden onderwerpen een rol die later actueel worden. Het regeerakkoord is in de dynamische wereld waarin wij leven achterhaald voordat de inkt droog is. En belangrijke onderwerpen die de overdracht van volkssoevereiniteit aan Europa regelen zoals het Verdrag van Maastricht (1991), dienen eerst aan datzelfde volk te worden voorgelegd. Voorwaar, een eerbiedwaardig rijtje. Wat deed Postma dan toch veranderen van Saulus in Paulus? ,,De discussie in mijn partij'', verklaart het Eerste-Kamerlid droogjes. ,,Ik had toen een argument tegen het referendum niet bedacht, dat ik later wel heb bedacht: namelijk dat het referendum één onderwerp uit de politieke discussie licht en aan het volk voorlegt, terwijl politieke partijen er juist voor zijn opgericht de samenhang tussen allerlei onderwerpen te laten zien.'' Had Postma dat niet eerder bedacht? Tegenstanders gebruiken dat argument immers sinds jaar en dag? Postma: ,,Echt niet. Ik had daarvoor een blinde vlek, of een licht bewustzijnsniveau zoals Ruud Lubbers het vorige week tijdens de verhoren voor de Bijlmer-enquête noemde.''

HOE STEL JE EEN KABINETSKWESTIE?

En zo wordt het toch nog spannend in de senaat. En de Eerste Kamer zou de Eerste Kamer niet zijn, als er iets vreemds aan de hand was met de te volgen procedure. Wat is namelijk het geval?Het kabinet heeft haast het omstreden referendumvoorstel in te dienen, omdat eind mei de nieuwe Eerste Kamer wordt gekozen. Die kent zoveel tegenstanders van het referendum dat een constitutionele meerderheid een luchtspiegeling wordt. Nu hebben de drie regeringspartijen samen met GroenLinks en de SP en de Groep-Hendriks net nog die 50 zetels. Dan heeft het nog zin om de onwillige senatoren uit het VVD-kamp onder druk te zetten.

Maar hoe en wanneer doe je zoiets? Het is niet zo hoffelijk met een kabinetscrisis te dreigen als de senatoren eerst nog de procedure moeten vaststellen wanneer het wetsvoorstel behandeld gaat worden. Dat doet de Eerste-Kamervoorzitter, daarin geadviseerd door het zogeheten seniorenconvent van fractievoorzitters. In dat convent hebben VVD en CDA, gelet op hun gezamenlijke meerderheid in de Eerste Kamer, het voor het zeggen. Mochten zij besluiten het wetsvoorstel aan de nieuwe senaat over te laten, dan is dat een procedureel voorstel met verstrekkende politieke gevolgen, maar tevens een voorstel waaraan het kabinet weinig kan veranderen. De Eerste Kamer bepaalt haar eigen agenda, niet waar?