Column

Plakkertjes

De plakkertjes vlak naast de ogen van schaatser Bob de Jong. Dus buiten de muts had hij een extraatje. Ik dacht eerst aan iets aerodynamisch, net als die strippen op de schaatspakken. Een gestroomlijnd windtunnelhoofd ofzo. Het blijken bril-op-de-plaatshoudertjes.

Dus dat je bril tijdens de rit niet van je gezicht zakt. Dat snap ik, maar moet er dan meteen weer een naam op? Ja dus. Je hebt ook atleten met zo'n neuspleister om meer lucht te krijgen. Waarom staat daar nog niks op? Misschien een idee voor Hansaplast. Door het staren naar die schildjes heb ik geen woord gehoord van wat Bob te vertellen had, ben zijn tijd vergeten en weet eigenlijk alleen dat hij goud heeft op de tienduizend. Ik moet steeds denken aan de man die Bob benaderd heeft om voor vijfhonderd piek voor joker te zitten. Je zit niet voor joker. Het is commercie. Afgekochte schaamte. Gebeurt zoiets vlak voor de wedstrijd? Word je dan voor het STER-blok gezet of gaan er een aantal vergaderingen over de marketingstrategie aan vooraf? Maar ik moet het meest denken aan de man die bedacht heeft dat je op die minuscule pleister reclame kwijt kan. Hij heeft natuurlijk ooit bij iemand een leeg plakkertje gezien en gedacht: dat kan niet, daar moet wat op! Vervolgens heeft hij een of andere Nike-bobo gebeld en het idee voorgelegd. Men reageerde onmiddellijk enthousiast en het resultaat zagen we gisteren. Ik zie mijn eigen leven vaak als leeg en zinloos, maar ben zeer opgelucht nu ik weet dat er zielen ronddolen die bedenken dat je op een plakkertje om je bril op zijn plek te houden een logo van een bedrijf kunt zetten. Mijn dagelijkse worstelpartij met het bestaan is vanaf nu voorbij. Het wordt weer lente. En de reclameman denkt maar aan een ding: is mijn logo in beeld? En zodoende is hij weer blij met dit stukje van een steeds meer verbaasde