Instituut voor beeldcultuur in twee panden

De gemeente Rotterdam biedt het op te richten `instituut voor de beeldcultuur' twee gebouwen aan: het voormalige pakhuis Las Palmas op de Kop van Zuid en het voormalige gebouw van het gemeentearchief aan de Mathenesserlaan. Dit heeft Rotterdam vandaag bekendgemaakt.

Vorige week werd al bekend dat de gemeente Amsterdam het gebouw van het Sweelinckconservatorium in de Van Baerlestraat aanbiedt voor het `instituut voor de beeldcultuur'. Zowel Rotterdam als Amsterdam heeft vanochtend bij staatssecretaris Van der Ploeg van Cultuur een officieel plan ingediend voor het nieuwe instituut. Rotterdam wil 72 miljoen gulden investeren in de verbouwing de huisvesting, Amsterdam 56 à 60 miljoen. Van der Ploeg vroeg de beide gemeenten in januari van dit jaar om voorstellen voor de huisvesting van een dergelijk instituut waarin fotografie, film en nieuwe media gezamenlijk moeten worden ondergebracht.

Rotterdam wil in het uit 1953 daterende pakhuis Las Palmas met een oppervlakte van 15.000 vierkante meter vijf instellingen onderbrengen: het Nederlands Foto Instituut (NFI), het Nederlands Fotoarchief (NFa), het Nationaal Fotorestauratieatelier en de V2-Organisatie, die zich nu allemaal in Rotterdam bevinden, en het nu nog in Amsterdam gevestigde Filmmuseum. Het voormalige gemeentearchief van 4500 vierkante meter kan in het Rotterdamse plan worden gebruikt als depot voor het Filmmuseum, dat volgens de Rotterdamse plannen zijn gebouw in Amsterdam als dependance zou kunnen aanhouden. De voorlopige naam van het centrum luidt `Las Palmas, Centrum voor Foto, Film en Mediatechnologie'.

De drie deelnemende fotoinstellingen zouden in de Rotterdamse opzet hun ruimte verdubbelen. Het Rotterdamse plan is ontwikkeld in samenspraak met de directies van de deelnemende instellingen; de besturen ervan moeten zich er nog over uitspreken. De instellingen zullen in het beoogde multimediacentrum hun eigen identiteit behouden, maar op verschillende terreinen samenwerken. De kosten van de verbouwing wil Rotterdam deels dekken door commerciële verhuur (17 miljoen gulden). De resterende 55 miljoen moet worden betaald door het rijk en de gemeente Rotterdam. De gemeente zegt bereid te zijn op dit punt `aanzienlijke investeringen' te doen. Volgens de gemeente Rotterdam rechtvaardigt de opzet van het plan ,,een substantiële bijdrage ten laste van het Wertheimerlegaat''. Dit door het Prins Bernhard Fonds (PBF) beheerde legaat van 25 miljoen gulden kwam in 1997 beschikbaar voor de oprichting van een fotografiemuseum.

De gemeente Amsterdam ziet de investering van 56 à 60 miljoen gulden in de verbouwing van het Sweelinck-conservatorium als `gezamenlijke verantwoording' van de gemeente Amsterdam en het PBF, zo zou vanmiddag blijken bij de officiële presentatie van de Amsterdamse plannen voor het `instituut voor beeldcultuur'. Het PBF besloot eind vorig jaar om voor de vestiging van het Wertheimer-fotomuseum in Amsterdam, indien nodig, geld vrij te maken uit de eigen reserves. Welke instellingen van het Amsterdamse instituut deel moeten uitmaken is nog niet duidelijk. De gemeente zegt in eerste instantie te denken aan het Filmmuseum, maar ook het NFI en het NFa zouden welkom zijn. Het door Amsterdam gekozen gebouw voor het instituut is beschikbaar wanneer er voor het conservatorium passende nieuwbouw gereed is. Volgens de huidige eigenaar van het pand, de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten, zal dit nog minstens vier jaar duren. Als het aan Rotterdam ligt, wordt het nieuwe instituut in 2001 geopend wanneer de stad Culturele Hoofdstad van Europa is. Staatssecretaris Van der Ploeg wil voor juli beslissen over een vestigingsplaats.