Dodelijke veteranenziekte

Twee mannen uit Bovenkarspel zijn overleden aan de veteranenziekte. Dertig mensen liggen in het ziekenhuis. Wat is de veteranenziekte?

De naam legionairs- of veteranenziekte ontstond in 1976, bij een reünie van Amerikaanse oud-strijders uit de Tweede Wereldoorlog. Bij hun weerzien in een hotel in Philadelphia brak een epidemie van longontsteking uit. Meer dan 180 ex-soldaten kregen de ziekte, van wie er 29 overleden.

Vermoedelijk hadden zich in een deel van het warmwatersysteem van het hotel, dat enige tijd niet was gebruikt, schadelijke bacteriën ontwikkeld. Deze kregen later de naam `legionella'. Toen het warmwatersysteem weer op volle toeren moest draaien, spoelde het water de bacteriën mee en besmette de douchende gasten.

De legionellabacterie gedijt het beste in water met temperaturen van 35 tot 42 graden. De bacterie verspreidt zich via kranen, douches, koelinstallaties en airconditioning. Er is geen mens-op-mens overdracht. Het inademen van de legionella veroorzaakt griepverschijnselen als spierpijn, buikpijn (diarree) en gebrek aan eetlust. Verder krijgt de patiënt hoge koorts en heeft grote kans op een acute ernstige, soms dubbele longontsteking.

De longontsteking kan worden behandeld met antibiotica. Als iemand verzwakt is, helpt antibiotica niet meer. In bejaardentehuizen worden daarom lucht- en watersystemen goed onderzocht op legionella's. Zonder behandeling overlijdt tien tot twintig procent van de patiënten. Met behandeling sterft ongeveer vijf procent.

Sinds juni 1987 bestaat in Nederland een aangifteplicht voor besmetting met de bacterie. Dat jaar zijn zeventien patiënten aangemeld, van wie er acht de ziekte in het buitenland opliepen. Vijf van hen raakten in een ziekenhuis besmet. In 1982 kostte de bacterie in het AMC in Amsterdam het leven aan zes mensen, terwijl drie Nederlanders stierven aan de gevolgen van besmetting in een Spaans hotel. In 1987 overleed in het AMC opnieuw iemand aan de veteranenziekte, in oktober eiste de ziekte in het Nijmeegse Radboud-ziekenhuis het leven van een patiënt. In 1988 raakten in een periode van zes maanden zeven Nederlanders met de legionellabacterie besmet. Zij hadden allen gelogeerd in een hotel op Kreta. Twee van hen overleden. In 1991 stierven vier mensen aan de ziekte, in 1992 nog eens vijf. In totaal overleden in tien jaar 22 mensen aan de ziekte.

Bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg worden jaarlijks gemiddeld veertig patiënten gemeld. Ongeveer tweederde van de besmettingen is opgelopen buiten Nederland.

De zogenoemde incubatietijd - de periode tussen het inademen van de bacterie en het begin van de ziekte - bedraagt twee tot tien dagen. De legionella is de tweede oorzaak van longontstekingen na de vanouds bekende pneumococ.