Nederlandse popmuziek hangt me de keel uit

Er is iets wat zowel Matilde-de-stem als Matilde-de-vrouw typeert. Ze is ongrijpbaar. In de veelgeprezen, wat zwevende klank van haar stem, in haar manier van vertellen. De zangeres en de persoon Matilde Santing zijn niet van elkaar te scheiden, legt zij uit. Dat maakt het moeilijk haar te etiquetteren, en doet journalisten in wanhoop grijpen naar de term `eigenzinnig'. Maar misschien is ongrijpbaarheid juist wel een van de geheimen van Santings succes.

In 1983 maakte Matilde Santing (Amsterdam, 1958) haar televisiedebuut bij Sonja Barend. Ze was toen nog `een schuchter zangeresje', memoreert haar biografie. Ze had net haar eerste plaatje opgenomen, bemande de toog van vrouwencafé Saarein, studeerde een beetje muziekwetenschap aan de Universiteit van Amsterdam en volgde privé-zanglessen bij pedagoge Elisabeth Ooms.

Ruim vijftien jaar `in het vak' later is de schuchterheid van het prille begin nog maar moeilijk voorstelbaar. Matilde Santing kent haar krachten en haar zwaktes, heeft valse bescheidenheid overboord gegooid en de prangende existentiële onrust `misschien toch maar iets heel anders te moeten gaan doen' tot haar tevredenheid eindelijk bedwongen. Sinds kort spelt zij haar naam ook zonder h. ,,That `h' is gone'', lacht ze dubbelzinnig. De nieuwe spelling ontstond tijdens de vorige concerttour Luckybug, lieveheersbeestje – symbool voor de dingen waar je niet op zit te wachten, maar die toch geluk blijken te brengen. ,,Zoals het verkeerd spellen van mijn naam'', dacht Santing, en bedrukte haar affiches als grapje met het internationaler ogende `Matilde'.

De nieuwe naam bracht geen internationale roem – `wat moet ik daar ook mee?' – maar het air `zangeres voor kenners en liefhebbers' behoort inmiddels tot het verleden. Matilde Santing is na haar rol van engel-op-wolk in de musical Joe van Joop van den Ende bracht Matilde Santing vorig seizoen landelijk bekend, en in de commercial van verzekeringsmaatschappij Interpolis is zij op dit moment vrijwel dagelijks met het nummer `Wonderful life' te beluisteren.

`Wonderful Life' verscheen onlangs als single van het nieuwe album To Others, To One, Santings achtste studioplaat sinds de mini-lp waarmee haar carrière in 1982 een vliegende start maakte. `Een nachtplaat', noemt Santing haar nieuwe kindje, dat bestaat uit dertien `covers' van Janis Ian tot Irving Berlin. Van echte covers is overigens nauwelijks sprake. In de bewerkingen van Santings vaste arrangeur Sebastiaan Koolhoven klinkt het origineel alleen nog door als een verre echo, omgevormd door nieuwe melodische tgenstemmen, andere harmonische kleuren, een door Santing samengestelde instrumentatie. Eigen werk zingt ze, ook op de vorige platen, slechts bij grote uitzondering. Want ,,de liedjes die ik zelf maak kunnen gewoon niet tippen aan de juweeltjes die anderen hebben geschreven.'' Wel hertolkte zij Toon Hermans, de Beach Boys, Randy Newman. `Ik heb altijd een fontein van stijlen willen zijn', zei zij ooit.

Gouden Harp

Santings streven naar veelzijdigheid blijkt ook uit haar wijdvertaktebezigheden, in 1998 bekroond met een Gouden Harp, die door de Stichting Conamus wordt uitgereikt aan mensen die zich verdienstelijk hebben gemaakt voor de Nederlandse lichte muziek. Behalve in Joe was zij de laatste drie jaar te zien in de When Sunny Get's Blue-tour met pianist Cor Bakker, het muziektheaterproject GRIP en de Luckybug-tour, waarin veel van de nummers die nu op To Others, To One staan live hun vorm vonden. En tot eind mei is er de tour bij het nieuwe album, langs ruim veertig theaters in vier maanden. ,,Mijn stem is moe'', geeft zij toe, en onderdrukt een kuchje.Diezelfde stem ontlokte een producer eens de uitspraak dat hij altijd gedacht had dat `alleen een zwarte uit een arme wijk in Philadelphia' zo zou kunnen zingen. Felle uithalen en vocaal vertoon pur sang leggen het af tegen esthetische verfijning en een steeds soul-achtiger doorleefdheid. De meisjesachtige puurheid van haar debuutalbum Mathilde Santing heeft plaatsgemaakt voor een meer rauwe, hese fluister-sound, gedoseerd afgewisseld met Santings veel gelauwerde, stralende hoogte. Zeker de laatste jaren is ze vocaal gegroeid, vindt ze zelf.

Op een workshop-weekend waar ze interpretatie doceerde, schoof ze voor de lol aan bij de meditatie- en ademhalingsklasjes, en ontdekte dat er `iets niet helemaal goedzat' met haar ademhaling en evenwicht. Het wekte geen verwondering: ,,Mijn zanglerares was net zo gek als ik, een eigenzinnig levenskunstenares, en een solide technische basis had ik nooit opgebouwd.'' Uiteindelijk bracht het herstel van een ski-blessure aanleiding om die houding te verbeteren. ,,Dat was hoog nodig. Ik kon niet goed lopen en zingen tegelijk. Ik viel om of ik zong vals. Dus stond ik stil, maar dat is nu gelukkig veranderd.''

Op de set van Joe volgde onder leiding van een pedagoog uit Londen de vocaal-technische sprong vooruit: ,,Bij Joe maakte ik voor het eerst het opwarmen van de stem mee. Al dat gebrabbel en het gemi-ma-moe, het is eigenlijk hartstikke goed, al blijft mijn muzikale aanpak onvergelijkbaar met die van een klassiek zangeres. Hoeveel vibrato leg ik in een frase, hoe lang houd ik een noot aan? Voor mij is er geen vast stramien. Ik doe wat ik doe omdat ik vind dat het zo moet klinken. Muziek blijft een combinatie van gevoel en wiskunde, en met puur vocale stijlkenmerken probeer ik mijn emoties voor het publiek te vertalen.''

Tegen het primaat van de commercie in vaart Santing haar eigen koers met akoestisch begeleide muziek, geselecteerd op vorm en inhoud in plaats van op verkoopbaarheid. Paul de Leeuw verkoopt 500.000 exemplaren van zijn cd's, zij 25.000. Maar buigen voor geld is nooit im frage geweest. ,,Het frustreert me wel eens dat er zo onzettend veel wordt verdiend aan totaal leeghoofdige, computergestuurde rotzooi'', zegt ze zuchtend. ,,De rillingen lopen me vaak over de rug als ik de radio aanzet en hoor wat de muziekindustrie met mijn liefhebberij uitspookt. Ik hou van dingen waar aandacht aan wordt besteed. Wij kunnen hier in vijf minuten een blues schrijven en er ook nog copyrights uit slepen. Maar de andere weg - dat is een struggle. Mooie dingen doen, met goede arrangementen en goede muzikanten. Je mag dankbaar zijn als je daar de kans toe krijgt.''

Een mens moet geven om te kunnen nemen – dat is het thema van To Others, To One, een citaat uit de soap As the world turns. ,,Als je tevreden bent met jezelf, hoef je andere mensen of omstandigheden niet meer de schuld te geven van hoe je je voelt.'' Die overtuiging klinkt terug op de plaat, waarin geen levensthema onaangeroerd blijft.

Binding

Van dromen tot homoseksualiteit en van oorlog tot haar vader, Santing uit wat haar bezighoudt liever op het podium dan in een gesprek. ,,Omdat muziek zo abstract is, is het een veilige plek om emotioneel te zijn. Ik kies een nummer ook alleen als ik meteen een persoonlijke binding voel met de tekst. Daar begint mijn interpretatie.''

En affiniteit met een tekst zorgt voor het behoud van eerlijkheid? ,,Het publiek merkt het als je gaat showen of faken. Natuurlijk kan ik inmiddels terugvallen op een zekere mate van professionaliteit als ik er eens een avond wat minder bij ben, maar in principe probeer ik het verhaal dat ik met een liedje wil vertellen elke keer te herontdekken. Ik moet mijn basisinterpretatie van een nummer natuurlijk eerst overbengen op de band, maar daarna kun je de spelregels weer vergeten. Dan zijn de kaders duidelijk en kun je vrij gooien, smashen en springen. En ik merk op concerten ook dat het eindresultaat veranderlijk is, dat mijn stemming een rol speelt. De verschillen per avond zijn heel miniem, maar het is net alsof het licht soms anders door een nummer heen schijnt.''

Met haar band Oversoul 13 (de producer en arrangeur meegeteld), achtergrondzangers en extra musici heeft Santing met To Others, To One haar meest professionele studio-album tot nu toe afgeleverd, vindt ze. Er is meer tijd en geld in gestoken dan ooit, en de vaste basis van de band werd aangevuld met strijkers, extra percussie en backing-vocals.

Als `jong pubertje' hekelde Santing al de klank van zangeressen die werden begeleid door bij elkaar geraapte musici. En nog steeds staat mooi ensemble-spel voorop, al is dat in een studio-opname moeilijk te bereiken. ,,Musiceren in de studio is werken met handicaps. Je moet zuiver en geconcentreerd blijven, zonder dat daar de kick van een live-uitvoering tegenover staat. Als je alle instrumenten apart opneemt, zoals bij een studio-opname gebruikelijk is, ben je eigenlijk aan het koken op twintig pitten tegelijk. Terwijl ik juist de chemistry van een band zo belangrijk vind. Samen vertragen en versnellen, een gelijke dynamiek. Door alles min of meer tegelijkertijd op te nemen hebben we iets van de spontaniteit van een live-uitvoering kunnen te bewaren, mét het veel betere geluid van de studio.''

Puberjongens

To Others, To One is een persoonlijk album. Kwetsbaar waar zij in `Too big for me' over een vader zingt, aangrijpend in de Irving Berlin-standard `How deep is the ocean'. Dat Santings hart ligt bij het Engelstalig repertoire, behoeft nauwelijks nog uitleg, al had zij eigenlijk aangekondigd met een Nederlandstalig album te komen. Santing: ,,Ik had er gewoon geen zin in. Op dit moment hangt de Nederlandse popmuziek me de keel uit. Al die bands van slijmerige puberjongens. Het is muzikaal allemaal zo boring, tekstueel zo nietszeggend.

,,Soms denk ik wel eens dat ik een beetje in de verkeerde tijd ben geboren. Ik deel de smaak van het grote publiek gewoon niet. Maar ik heb goede hoop voor de muziek, want het kán allemaal nog wel op mijn manier. Er zijn nog orkesten, nog microfoons, mensen die weten hoe ze moeten opnemen, mensen die écht kunnen arrangeren. En dus ga ik nog heel lang door. Pas als ik in een rolstoel het podium op wil, hoop ik dat iemand me tegenhoudt.''

`To others To One' van Matilde Santing and The Oversoul 13 (Epic Records, 4932422). Tour tot en met 29/5 in verschillende steden. Informatie en kaartverkoop: (020) 626 03 50.