Markt neemt afscheid van de Kwade Genius

Met koersstijgingen ter waarde van tientallen miljarden euro namen de financiële markten vanmorgen afscheid van Oskar Lafontaine. Maar het valt nog te bezien hoeveel er na zijn afscheid daadwerkelijk verandert. Zó allesbepalend was de Duitse minister van Financiën nu ook weer niet.

Beursgenoteerde ondernemingen kondigen schokkend nieuws bij voorkeur aan als de beurshandel nog niet begonnen is, of juist al gesloten. Wat dat betreft heeft de Duitse minister van Financiën Oskar Lafontaine zich juist bij zijn laatste daad voor het eerst gehouden aan de mores van het moderne Finanzkapital: Frankfurt was al keurig gesloten.

Vandaar dat Europa vanmorgen pas goed de kans had om te reageren op het aftreden van Lafontaine. Gisteravond in New York kregen beleggers daar vast een voorproefje van. De koersexplosie van daar genoteerde Duitse aandelen als Veba (plus 14 procent) en Daimler-Chrysler (plus 7 procent) wees al op een uitbundige reactie vanmorgen. En de euro maakte een sprong van bijna twee dollarcent tot boven de 1,10 dollar. De handel had juist positie ingenomen tegen de euro als gevolg van sterke Amerikaanse detailhandelsverkopen in februari, en stond volledig op het verkeerde been. Onder die omstandigheden kan de terugslag groot zijn: een koersfluctuatie van bijna twee procent tussen wereldmunten als de dollar en de euro in een tijdsbestek van nog geen halfuurtje komt niet vaak voor.

Ook vanmorgen was het Lafontaine-effect overweldigend. De DAX-index steeg in Frankfurt met 5,4 procent, en de andere Europese beurzen waren anderhalf procent hoger. In afwachting van lagere geldmarktrentes in Euroland stegen de obligatiekoersen, waardoor de Duitse tienjaars-rente weer onder de 4 procent terecht kwam, en die in Nederland op 4,10 procent. Het is onmogelijk op te tellen hoeveel waardevermeerdering Lafontaine in zijn eentje in nog geen etmaal heeft verzoorzaakt, maar het bedrag loopt gemakkelijk in de vele tientallen miljarden euro.

Waarom al die koersstijgingen? De meest voor de hand liggende verklaring is dat de financiële markten zich vooral hebben gecorrigeerd. De vreugde die het vertrek van Lafontaine veroorzaakt, komt na het verdriet om zijn ministerschap. Lafontaine zorgde na zijn benoeming eind september voor nervositeit op de obligatiemarkten door met zijn roep om renteverlagingen en zijn pleidooi voor koopkrachtstijgingen eerst de Bundesbank en daarna de Europese Centrale Bank tegen zich in het harnas te jagen. De aandelenbeurzen reageerden negatief op de lastenverzwaring die het Duitse bedrijfsleven te wachten stond. En in de dalende koers van de euro tegenover de dollar werd het toenemende pessimisme over de Duitse economie ingecalculeerd. Sinds de Duitse SPD op 27 september de Bondsdagverkiezingen won, steeg de tienjaarsrente vanaf 3,9 procent naar boven de 4,1 procent, en bleven de Duitse aandelenkoersen zo'n 20 procent achter bij de Franse. De euro, die destijds overigens alleen nog synthetisch berekend kon worden, verzwakte tussen september en nu tegenover de dollar.

Het is te vroeg om te constateren dat al die negatieve reacties worden gecompenseerd nu Lafontaine is vertrokken. Van de Europese Centrale Bank is verondersteld dat zij de hakken in het zand zette en de rente tot nu toe niet verlaagde, om zo de indruk te vermijden dat zij zou zwichten voor de politieke druk vanuit Berlijn. Maar de ECB heeft nog wel meer overwegingen dan alleen Lafontaine. Bovendien zouden de centrale bankiers, als zij bijvoorbeeld al meteen komende donderdag de rente verlagen, toegeven dat Lafontaine inderdaad een factor van betekenis is geweest bij hun beleid. En dat hebben zij nu juist altijd ontkend.

De forse loonstijgingen van Duitse ambtenaren en de metaalsector, die de aandelen- en obligatiemarkten schrik aanjoegen, zijn inmiddels een voldongen feit. En dat geldt ook voor de krimp van de Duitse economie in het vierde kwartaal van vorig jaar, die er op duidt dat Duitsland samen met Italië de traagste groeier is van Euroland.

En dan is er nog de vraag of met het vertrek van Lafontaine het financiële en economische beleid van de regering-Schöder ook daadwerkelijk fundamenteel zal veranderen. Daar moeten de komende maanden een aanwijzing voor geven. Voor het gejuich dat vanmorgen op de Europese markten opsteeg, is het dan nog wat te vroeg. Want zó belangrijk was de persoon Lafontaine misschien ook wel weer niet.