Lekker literair

Waar houdt invloed op en begint plagiaat? Wanneer wordt navolging slaafs? De flaptekst vermeldt het al: Piergiorgio Paterlini, auteur van de jeugdnovelle Laat me met rust, heeft een `groot literair voorbeeld'. Het is de Engelse auteur Aidan Chambers. Alles aan dit boekje is Chambers-achtig, het onderwerp, de structuur en de stijl. Wie een beetje belezen is in de jeugdliteratuur blijft hierdoor een hinderlijk gevoel houden. Het gevoel dat je hebt als je iemand denkt te herkennen, maar niet op zijn naam kunt komen.

Het verhaal lijkt dus bekend, al is het precieze verloop je ontschoten. Het leidt tot een verveeld soort lezen. O ja, natuurlijk, denk je steeds, in plaats van verrast te zijn. Uiteraard is de hoofdpersoon Marcello een hoogdravend type dat van Heinrich Böll houdt, maar ook van van surfen op het Internet, en van wielrennen.

Hij is zestien, en een dwepende romanticus. De Liefde van zijn Leven heeft hij al beleefd. Zij was de moeder van zijn vriend. Een middag brachten ze samen door. `(-) ze maakte dat ik me klein en reuzengroot voelde, tegelijkertijd kind en man, ongelooflijk, en legde me, alsof ik het breekbaarste en kostbaarste was wat er bestond, op de bank in de zitkamer. Tijdens die paar stappen – ik was natuurlijk nog helemaal aangekleed – kuste ze me op mijn pik.' Afgezien van de fysieke moeilijkheid van deze beweging, is dit typisch het soort oubollige viezigheid waarvan gedacht wordt dat jongeren het op prijs stellen. Maar de beschrijving van deze Eerste en Enige keer is niet geil of zelfs maar meeslepend, alleen maar geforceerd.

Marcello wil zelfmoord plegen, zoals wel meer zestienjarigen, en laat dat na, zoals wel meer zestienjarigen. Hij neemt de wijk naar een klooster. Daar blijft hij tot in lengte van dagen, smachtend naar `Haar' (tegelijkertijd begrijpt hij niets van de religieuze toewijding van de monniken). Zijn ouders, zijn zus, zijn vrienden, ze moeten hem voortaan missen. Hij is als van de aardbodem weggevaagd. Voorgoed. Dit alles blijft ongeloofwaardig. Het klooster ligt op een berg waar Marcello altijd ging fietsen, maar de politie komt niet op de zware poort kloppen. Zijn vader is nu eenmaal meer het type dat contact zoekt met een tv-programma, zoiets als Opsporing verzocht.

Hoe voelt de jongen zich over zijn beslissing? Waarom komt hij er niet op terug? Wat levert de vriendschap met de oude man in pij op, die eveneens voor de wereld is gevlucht? Er worden alleen grote woorden aan vuil gemaakt. `De gangen boezemden me ontzag in. Ze waren eindeloos lang en stonden haaks op elkaar, waardoor ze een volmaakt vierkant vormden. Die gangen, dat was mijn melancholie, mijn vertwijfeling. (–) De bijna altijd duistere of schemerige gangen waren de prijs die de herinnering moest betalen aan de pijn, het enorme verdriet.' Zo is het wel duidelijk, moet Paterlini gedacht hebben, en het klinkt zo lekker literair.

Wie houdt van hoogmoedige pubers met literaire aspiraties en rigoreuze keuzes, kan beter De tolbrug van Aidan Chambers lezen. Het origineel, zou ik bijna zeggen.

Piergiorgio Paterlini: Laat me met rust. Uit het Italiaans vertaald door Patty Krone en Yond Boeke. Uitgeverij Querido. 55 blz. ƒ19,95. Vanaf 12 jaar.