Grens

Tussen Finland en Rusland ligt tenminste weer een ouderwetse grens, met wachttorens, stempels en mannen met petten en ernstige gezichten. Daarna is er een kort twijfelgebied: zijn de telegraafpalen slonziger, staan de houten huizen er minder kwiek bij? Nog bedekt de sneeuw alle verschillen. Maar een half uur later rijdt de trein langzaam een grijze stad binnen, op de bevroren rivier zitten mannen te vissen, daarachter torens met gouden koepels, voor het station tientallen oude vrouwen die proberen één pot augurken te verkopen, of twee flesjes wodka, of een truitje. Nu zijn we echt de grens over, de enige grens die telt.

Lenin stapte uit op hetzelfde station als ik, het Finlandia-station van St. Petersburg, op 16 april 1917. Net als bij zijn vertrek uit zijn ballingsoord Zürich, een week eerder, hield hij een toespraak. Maar let eens op de verschillen. In Zürich zei hij dat zijn taak lag in het stimuleren van de `burgerlijk-democratische' revolutie die in Rusland was begonnen. Bij zijn aankomst hier begon hij opeens over de noodzaak van een `tweede revolutie', om geen `slaaf te worden van het kapitalisme'.

Wat is er tijdens die treinreis gebeurd? Een van Lenins biografen, Stefan Possony, berekende via het reisschema dat Lenins trein zeker een halve dag in Berlijn moet hebben stilgestaan. Wat daar besproken is weet niemand. Maar wel is het telegram bewaard gebleven van de Duitse geheime dienst in Stockholm: `Lenins binnenkomst in Rusland succesvol. Hij werkt precies zoals we wensen.' Hun opzetje zou nog aardig uit de hand lopen.