...en Europa's toekomst

HET VERTREK VAN 'Rode Oscar', de Napoleon van Saarland, heeft de financiële markten in jubelstemming gebracht. In het kielzog van de Duitse beurs schoten ook andere Europese beurzen omhoog. De euro veerde eveneens op van zijn eerdere dieptepunten ten opzichte van de dollar. Deze marktreacties onderstrepen hoe groot de financieel-economische schade is geweest die Oscar Lafontaine in zijn kortstondige ambtstermijn heeft aangericht.

Lafontaine werd een `neokeynesiaan' genoemd. Kort en goed streefde de ex-minister van Financiën naar politieke sturing van de economie, herverdeling van inkomen en vergroting van de uitgaven. Hij was voorstander van loonstijgingen, zwaardere belastingen op het bedrijfsleven, hogere overheidsuitgaven en een zacht monetair beleid. Deze standpunten ontleende Lafontaine aan een economisch boek dat hij samen met zijn vrouw Christa Müller had geschreven. Ze brachten de minister in botsing met het Duitse bedrijfsleven, de Europese Centrale Bank (ECB) en met zijn Europese collega's. Alleen bij de Duitse vakbeweging, die vorige maand nog een biefstuk-CAO wist binnen te halen, kon hij op warme sympathie rekenen.

HET ANTAGONISME dat Lafontaine opriep, werkte averechts. Zijn bedoeling was om met verhoging van de consumptieve uitgaven de werkgelegenheid te stimuleren. Maar het aantal werklozen nam in de honderd dagen van Lafontaine toe en de economie maakte pas op de plaats. Grote Duitse ondernemingen in onder meer de verzekerings- en energiesector dreigden investeringen te schrappen en activiteiten naar het buitenland over te hevelen. Begin dit jaar schreven tweeëntwintig Duitse ondernemers een brandbrief aan kanselier Schröder om hun ongenoegen over het beleid kenbaar te maken. Het was een actie die deed denken aan een soortgelijke brief van Nederlandse ondernemers aan Joop den Uyl, een kwart eeuw geleden.

Voor de structurele oorzaken van de Duitse economische sclerose hield Lafontaine de ogen stijf gesloten. Hij wilde niets weten van vergroting van de flexibiliteit van de arbeidsmarkt, aanpassing van de verzorgingsstaat, van het zorg- en sociale zekerheidsstelsel. Integendeel, door bovenop de hoogste loonkosten ter wereld ook nog eens forse CAO-stijgingen aan te moedigen, bevorderde hij de export van Duitse banen.

In zijn dadendrang had Lafontaine buiten de nieuwe Europese werkelijkheid gerekend. Een essentieel element van het macro-economische beleid, de monetaire politiek, is overgeheveld naar de Europese Centrale Bank. Daar stuitte de Duitse minister op het gesloten blok van de centrale bankiers. Geïrriteerd door de aanhoudende politieke druk om de rente te verlagen en de oproepen voor een bindende koersverhouding tussen de dollar en de euro, haalde president Duisenberg enkele keren direct uit naar Lafontaine. De verzwakking van de euro sinds de introductie op 1 januari weet Duisenberg aan de politieke stampij uit Bonn.

MET HET AFTREDEN van Lafontaine is het boegbeeld van een beleid van consumptie, lastenverhoging en zachte munt van het Europese toneel verdwenen. Hierna kan de aandacht weer gericht worden op succesvollere vormen van beleid. En nu de politieke opponent is weggevallen heeft de ECB de handen vrij om volgende week donderdag een symbolische renteverlaging aan te kondigen.