Boze Palestijnen nemen het recht in eigen hand

In de Gazastrook zijn bij rellen deze week twee doden gevallen na de terdoodveroordeling van een Hamas-activist. Achtergrond van de onlusten is het gebrek aan vertrouwen in de Palestijnse rechtspraak, die wordt beheerst door clan-loyaliteiten.

Circa 85 Palestijnen raakten gisteren gewond bij rellen in Rafah, in het zuiden van Gaza. Voor de tweede achtereenvolgende dag raakten burgers slaags met de politie en veiligheidsdiensten. Woensdag vielen er twee doden. Zij koelden hun woede nadat een Palestijns militair tribunaal woensdag een 25-jarige inwoner van Rafah, Raed Attar, ter dood veroordeelde wegens moord op een Palestijnse veiligheidsagent in februari.

De rellen behoren tot de ernstigste sinds de Palestijnse Autoriteit in 1995 haar intrede deed. Terwijl zijn strijdkrachten met scherp op burgers schoten die hen met flessen en stenen bekogelden, vertrok PLO-leider Yasser Arafat naar Londen voor overleg over het vredesproces met de Britse premier Tony Blair, zonder het doodvonnis te bekrachtigen. Men verwacht dat Arafat Attars straf zal omzetten in levenslang.

Een van de oorzaken voor de onlusten is het diepe wantrouwen van veel Palestijnen in hun rechtssysteem. Hoewel de Palestijnse politiechef Ghazi Jabali gisteren zei dat ,,wij het eerlijkste rechtssyteem ter wereld hebben'', denken veel burgers er anders over. Er is al zes maanden geen opperrechter. De laatste procureur-generaal trad twee jaar geleden af omdat zijn decreten stelselmatig door Arafats intimi werden genegeerd. Gevangenen zitten jaren vast zonder dat er een aanklacht wordt ingediend.

Raed Attar, voormalig lid van de islamitische beweging Hamas die voor een van Arafats veiligheidsdiensten werkte, werd veroordeeld wegens moord op Rifat Joudeh, een lid van een andere veiligheidsdienst – en toch zeiden zeven van de acht getuigen dat ze niet hadden gezien dat híj de kogel had afgevuurd. Attar mocht geen advocaat kiezen, kreeg de aanklacht pas tijdens de zitting te horen en kan niet in beroep. De jury van het militaire tribunaal bestaat uit Arafat-getrouwen. Een hunner zei vorig jaar: ,,Ons wordt tevoren verteld welk vonnis we moeten uitspreken. Door hogerhand, ja.''

In steden als Rafah zijn clan-loyaliteiten en tribale wetten nog sterk. ,,Als Arafat meteen in 1995 een eerlijk rechtssysteem had opgezet'', zegt Hamdi Shakura van de organisatie voor de rechten van de mens PCHR in Gaza, ,,had hij die tribale tradities kunnen verzwakken. Maar met dit illegale, arbitraire systeem zijn ze enkel versterkt. Niemand vertrouwt rechtbanken, ook al vellen die een fair vonnis. Mensen nemen het recht in eigen hand.'' De zaak-Attar illustreert dat.

De familie van de vermoorde Rifat Joudeh dreigde een lid van de Attar-familie te vermoorden als Arafat Joudehs vermoedelijke moordenaar Raed Attar niet ter dood zou laten veroordelen. Ook stond Arafat onder druk van Joudehs werkgever, de machtige `Preventive Security'. De familie en werkgever van Attar (de Special Forces) dreigden op hun beurt wraak te nemen als Attar zou worden geëxecuteerd. ,,Van de 25 doodvonnissen die tot nu toe zijn uitgesproken, heeft Arafat er drie onder druk van families laten uitvoeren'', zegt Salah Abdel Shafi, politiek analist in Gaza. ,,Geen wonder dat mensen denken: Als wij onze zin willen doordrijven, gaan we de straat op.'' Wie de sterkste clan achter zich heeft, heeft de grootste kans op victorie. Vorig jaar liet Arafat tegen zijn zin twee verdachten van moord executeren, omdat de tegenpartij Gaza lamlegde met stakingen en politiebureaus bestormde.

Niet de rechtbank, enkel Arafat kan vetes nog tot een eind brengen - als een traditionele mukhtar, de notabele die bemiddelt tussen twee partijen. Men vermoedt dat Arafat de Joudeh-familie tegemoetkwam door een doodvonnis tegen Raed Attar te laten eisen, en vervolgens de Attar-familie pacificeerde door het vonnis niet te laten uitvoeren. De Attars zijn machtiger en hebben nauwe banden met de islamitische beweging Hamas. Volgens een ingewijde ,,wil Arafat tegen Hamas zeggen `Ik spaar het leven van een van jullie mannen, nu moeten jullie afzien van bomaanslagen in Israel'.'' Arafats bureauchef biedt de Joudehs nu sommen gelds en gunsten, opdat zij zich bij zijn besluit neerleggen.

,,Die methode werkt'', zegt Abdel Shafi. ,,Maar niet voor lang. Het smoort conflicten, maar ze woekeren ondergronds door en komen de volgende keer des te heviger terug.'' Dat komt nu al uit. Woensdag, tijdens gevechten tussen de Attar- en Joudeh-families en agenten, vielen er twee doden. De Palestijnse Autoriteit zegt dat deze twee 17-jarigen werden geveld door Israelische kogels, afgevuurd vanuit een nabijgelegen checkpoint. Maar heel Rafah gelooft dat de Palestijnse politie de schoten afvuurde, en eist dat die schutters worden gestraft. Zo niet, zei de broer van een van de dode tieners, ,,dan neem ik wraak op de politie.''

Hij en duizenden anderen namen daar gisteren een voorschot op door Arafats strijdkrachten te lijf te gaan. Velen luchtten al flessen- en stenengooiend ook hun diepgewortelde woede over andere zaken, zoals de corruptie binnen de PA en de werkloosheid die is opgelopen tot 40 procent. Sommigen riepen ,,Weg met Arafat!'' - een teken dat de PA zich met ,,het eerlijkste rechtssysteem ter wereld'' danig in de nesten heeft gewerkt.

De sterkste clan wint doorgaans de rechtszaak