Roulette om hegemonie in Europese banksector

Met het vijandige bod op de nog te vormen Franse fusiebank SG Paribas lijkt het eindspel om de hegemonie op de Europese bankenmarkt begonnen. Kwartetten en gokken aan de roulettetafel. De toegangskaartjes raken op.

Hoe desparaat moet een Franse topbankier zijn dat hij niet één, maar meteen twee vijandige overnames op landslui lanceert? Hoe gretig is een Belgische bankier om een premie van 40 procent te betalen boven de toch al opgeblazen beurskoers van een middelgrote Franse bank om de grootste aandeelhouder te worden en dan nog maar 12 procent van de aandelen te hebben? En is het belang van ruim 8 procent van ABN Amro in het aandelenkapitaal van Banca di Roma en een overname op termijn van een kleinere lokale bank echt een investering waard van meer dan vier miljard gulden?

Drie voorvallen in de afgelopen twee weken. De laatste kaartjes worden verkocht om aan tafel te mogen zitten als het eindspel begint om de hegemonie op de Europese bankenmarkt. Maar is het de onderhandelingstafel of de roulette? Winst per aandeel of va banque?

Een nu of nooit virus waart door financieel Europa en bankiers, een beroepsgroep die toch al vatbaar is voor de kuddegeest, raken buiten zichzelf. Spaarzame, gedegen ogende en doorgaans beheerste mannen (,,niets aan de hand, iedereen praat met iedereen'') storten zich in de mêlee. ,,Als het kwartetten begint, gaat het snel'', voorspelde G. van der Lugt, inmiddels ING-topman, twee jaar geleden. De introductie van de euro, het weggevallen valutarisico binnen de eurozone en betere vergelijkbaarheid van prijzen en producten zal tot een reductie leiden van het aantal banken, zo is de conventionele wijsheid onder financiële beleidsmakers en bankiers.

Alleen omvang verzekert een bank van een machtige positie op de markten waar bedrijven en consumenten hun financiële producten inslaan. Maar overnemen en fuseren is op dit moment duurder dan ooit en altijd gevaarlijk. De Europese bank met de op een na hoogste beurswaarde, de Britse Lloyds TSB, mijdt de overname arena. De Britse topverzekeraar Prudential wil geen bank meer kopen, maar gaat verder met een eigen telefoon- en Internet-bank. Veel goedkoper.

De Bank voor Internationale Betalingen, een overlegforum van de centrale banken van de grote industrielanden, waarschuwde vorige maand nog maar weer eens dat er naast winnaars ook EMU-verliezers onder de banken zullen zijn.

Op de kleine nationale financiële markten, zijn de posities nu verdeeld, maar in de grote Europese landen, Frankrijk, Duitsland en Italië, kunnen het kaartspel en de kongsi's beginnen. In de beste tradities van de `Bovenbazen' van Marten Toonder. Wie wordt de ware AWS, Amos W. Steinhacker, president van de Aard-Bank?

Samenklonteringen binnen de nationale grenzen zijn het meest populair: taal, (zaken)cultuur, fusiepartners, tegenstribbelende vakbonden en het nationaal belang, het blijft vertrouwd. Bovendien zijn kostenvoordelen door het wegkappen van overcapaciteit en sluiting van kantoren het gemakkelijkst te realiseren. De kostenreducties zijn de worst die (inter)nationale beleggers wordt voorgehouden om akkoord te gaan.

Eergisteren startte de Franse bank BNP een vijandige overname op twee andere Franse banken (Société Générale en Paribas) die juist weken geleden een fusie aankondigden. Ooit was de vijandige overname een tactiek die was voorbehouden aan de barbaren overzee, nu toont een Franse bank zich met een dubbelslag nog Amerikaanser dan Amerikaans.

Een vijandige overname is de laatste actie die een concurrent nog kan nemen die niet aan de onderhandelingstafel zit en vreest achter te blijven terwijl anderen door een fusie in één klap een Europese schaal bereiken. Vijandige overnames slagen echter zelden en maken centrale banken en hun politieke meesters op de ministeries van Financiën erg onrustig. En dat zijn mensen die bankiers liever niet te veel tegen de haren instrijken.

Vandaar de race om nog een kaartje te kopen voor de onderhandelingstafel. Iedereen die iemand is in de Europese bankierswereld, van ABN Amro tot Deutsche Bank en de Spaanse Banco Santander, koopt zich nu in bij Italiaanse banken of bij de schaarse Franse banken die te koop lijken, zoals de middelgrote CCF, waarin ING, de Belgische bank KBC en een Zwitserse verzekeraar grote aandelenpakketten hebben.

Onzichtbaar voor het grote publiek, maar ergens op de achtergrond, zitten een paar finale arbiters, die zaken kunnen maken of breken. Bestuursvoorzitter C. Bébéar van verzekeraar Axa is een cruciale aandeelhouder bij zowel BNP als haar prooi, Paribas en Société Générale. H. Schulte-Nölle, chef van Allianz, is een dominante aandeelhouder van Dresdner Bank, Bayerische Hypobank en Deutsche Bank, maar gunde ING zijn aandelen in de kleinere BHF Bank, die vorig jaar onder Nederlandse controle kwam. Als banken en verzekeraars in de grote landen verder samenklonteren, komen nieuwe nationale fusies in Nederland weer aan de orde. De rijkste Nederlandse bank, Rabobank, heeft de minste Europese belangen en de moeilijkste keuze: in de scrum voor een kaartje of wachten tot de eerste mislukkingen van het speelgeweld zich te koop aanbieden. Maar dan discreet.