Champions League

HET VERRASSENDE BOD dat de Franse Banque Nationale de Paris (BNP) gisteren deed op de fuserende banken Paribas en Société Générale heeft niet alleen de Franse, maar ook de Europese banksector wakker geschud. Het is niet gebruikelijk dat in de Franse financiële sector ongevraagde overnamepogingen worden gedaan. En het is al even ongebruikelijk om in één stap een fusie van drie banken te bewerkstelligen.

Voor een inschatting of de poging van BNP om de grootste bank ter wereld te smeden slaagt of juist in haar gezicht ontploft, is het te vroeg. Los daarvan wijst de opschudding rondom de overnamepoging op de revolutie die de Economische en Monetaire Unie in de financiële sector veroorzaakt. De noodzakelijke schaalvergroting bij de banken wordt versneld door de invoering van de euro. Vraag is of die concentratie grensoverschrijdend zal plaatshebben door een samenklontering rondom de bestaande bancaire grootmachten in Europa, of dat de concentratie zich eerst binnen de landsgrenzen zal voltrekken, pas waarna de gevormde nationale kampioenen hun blik op het Europese buitenland zullen richten.

Hier kenmerkt Europa zich door een ongelijktijdige ontwikkeling. De nationale concentratie die zich nu in Frankrijk voltrekt, heeft Nederland bijvoorbeeld allang achter de rug. Begin jaren negentig zijn hier ABN en Amro samengegaan, NMB en Postbank, aangevuld met Nationale-Nederlanden, vormden ING, de Rabo koppelde zich onder meer aan Interpolis en rondom verzekeraar Amev vormde zich een soortgelijk conglomeraat.

IN FRANKRIJK IS dat proces nog niet zo ver gevorderd. Dat de Franse regering en de centrale bank de ontwikkelingen rond het BNP-bod nu nauwlettend volgen en eventueel zullen ingrijpen, moet niet enkel worden opgevat als een voorbeeld van Frans dirigisme. Ook de Nederlandse regering en De Nederlandsche Bank waren destijds nauw betrokken bij de financiële concentratie alhier.

Banken zijn nu eenmaal geen bedrijven als alle andere, ze maken integraal deel uit van de maatschappelijke infrastructuur. Daarom kunnen ze rekenen op zorg en bemoeienis van de overheid. Daarom ook liggen buitenlandse overnames van belangrijke banken zeer gevoelig. Dat de bankenconcentratie zich aanvankelijk vooral langs nationale lijnen zal voltrekken is zo geen gewaagde voorspelling.

De meeste grote buitenlandse overnames door Europese banken hebben nog steeds plaats buiten Europa zelf, met name in de Verenigde Staten. Dat neemt niet weg dat er ook binnen de muntunie grensoverschrijdende fusies en overnames zullen zijn. In de Benelux is dat proces al een eind op weg. Amev/VSB werd Fortis, samen met de Belgische verzekeraar Generale, en won vorig jaar de strijd van ABN Amro bij de overname van de Generale Bank. ING kocht kort daarvoor Bank Brussel Lambert. Kleinere banken, zoals in Duitsland of Italië, blijven kwetsbaar voor buitenlandse interesse. En het is niet uitgesloten dat de huidige strijd tussen de drie Franse banken een opening biedt aan kapers of redders van over de grens.

WAT DE BUITENWERELD ziet, zijn nog slechts de eerste schermutselingen in het gevecht om een plek in de ene Europese financiële markt van straks. Of het fusies genoemd zullen worden, overnames, hofmakerij of intensieve samenwerking, de bewegingen zullen zich laten samenvatten als een parafrase op Wim Kan: het ene bankiertje heeft zand in zijn oogjes gekregen, en het andere duwt hem nu naar huis.