Peperdure toiletten in Italiaanse flitstrein

Een wc-bril voor ruim driehonderd gulden, een asbak voor bijna vierhonderd: de top van de Italiaanse spoorwegen schrijft in een brief aan het kabinet dat gedwongen ontslagen door verliezen dit jaar van 5,2 miljard gulden onvermijdelijk zijn, maar de vakbonden vinden dat het bedrijf eerst zijn materiaalkosten maar eens tegen het licht moet houden.

De uitgelekte contracten voor onderdelen van de ETR-500, de Italiaanse flitstrein, blijken door het consortium van vaste leveranciers te zijn gebruikt om de spoorwegen goed uit te melken. Voor iedere chemische-toiletpot betaalt het bedrijf ruim 1700 gulden, voor iedere elektrische boiler (vijftien liter) meer dan 6100 gulden, en het plaatje libero/occupato op de toiletdeur kost 226,46 gulden.

De lijst is lang en onthutsend voor iedereen die zelf wel eens dergelijke artikelen heeft gekocht. De Italiaanse spoorwegen betalen bedragen die vijf tot tien keer boven de marktprijs liggen. Volgens de vakbonden wordt het staatsbedrijf geplukt door zijn toeleveranciers en de bedrijven die het onderhoud verzorgen.

Tien jaar geleden leidde een vergelijkbare ontdekking van veel te hoge prijzen voor het beddengoed van de slaapwagons tot het smeergeldschandaal van de `gouden lakens'. In het verleden heeft tegenover dergelijke contracten vaak een tegenprestatie in steekpenningen gestaan.

Er zijn op dit moment geen aanwijzingen dat het bij het contract voor de Italiaanse flitstrein ook is gebeurd. Woordvoerders van de spoorwegen hebben laten weten dat het om een oud contract gaat dat wordt opgezegd zodra dat juridisch mogelijk is.