Personages van Pinter dwalen op groot toneel

In een hotelkamer, mooi van lelijkheid, kijkt een man minutenlang naar beelden van een door het landschap jagende trein. Wezenloos zit hij in zijn stoel. Vervolgens komt een acteur op met het postuur van een roady die een gedicht op jazzachtige wijze zingzegt. Hij schuift het gordijn, dat zojuist was opengegaan, weer dicht. Gaat het gordijn weer op, dan is de sjofele kamer verdwenen achter een lelijke, metershoge schrootjeswand. De voorstelling Het Verjaardagsfeest van Harold Pinter in de regie van Jeroen van den Berg kan eindelijk beginnen.

Omslachtigheid en vertragende ingrepen stellen de spanning van dit Verjaardagsfeest zwaar op de proef. Natuurlijk, de lammenadig naar de televisie kijkende man is Stanley (Mathieu Gütschmidt). Hij is een klaploper in een pension aan de kust, dat wordt gedreven door Meg, vertolkt door Sacha Bulthuis. Niemand weet wie Stanley is, waar hij vandaan komt en waar hij heengaat. Hij zegt een barpianist te zijn, maar dan een van het in dadenloosheid verzopen toucher. Hij had eens een vrouw. Heeft hij haar vermoord?

Ooit, aan het eind van de jaren vijftig en begin zestig, was Het Verjaardagsfeest een dreigend en gevaarlijk stuk, vol mystificaties. Pinter tartte de realistische toneelwetten en plaatste zijn personages in een entourage van grimmige humor en verbaal terrorisme. In 1992 speelde het Noord Nederlands Toneel dit stuk, en toen was de beklemming helaas verdwenen. Nu geeft Jeroen van den Berg zijn visie op het stuk, en weer heeft de uitvoering iets sleets en gedateerds. Van den Berg en zijn spelers, op een enkele uitzondering na, weten Het Verjaardagsfeest niet tot leven te brengen. Ik miste de grote greep van de regisseur, een dwingende visie, temeer daar hij eerder met De Thuiskomst een intieme regie afleverde. Nu waagt Van den Berg de sprong naar de grote zaal, en die is hem noodlottig.

De metershoge achterwand is moordend voor de akoestiek. Stemmen zijn slecht te verstaan. Mathieu Gütschmidt als Stanley laat de woorden dood op de grond vallen. Hoe hij geregisseerd is en acteert, haalt de angel uit de voorstelling. Goed, hij is een hol en leeg vat. De vraag is: Moet hij zó schlemielig spelen dat hij geen enkele kracht heeft? Dat is dubbelop. Stanley ondergaat een waar godsgericht: twee mannen, pokerface op, strak in Italiaans maffia-pak, onderwerpen hem aan een martelend kruisverhoor. Psychisch en fysiek wordt hij murw gemaakt, hij verandert in een wrak. Zonder krachtig tegenspel is deze slijtageslag niet meer dan een sadistisch spel met een verliezer op voorhand. Verzet tegen deze moedwillige kapotmakerij had de voorstelling spankracht gegeven.

De reddende engel is Sacha Bulthuis in de rol van de overmatig bezorgde pensionhoudster Meg. Haar man Petey (Frans de Wit) is immuun voor haar huishoudelijk gesoebat en gesloof; zij heeft al haar liefde geprojecteerd op Stanley. Bulthuis en ook Kees Coolen als een van de scherprechters weten te intrigeren. Op het verjaardagsfeest zelf verschijnt Bulthuis in een vaal-rode jurk. Die heeft ze `nog van haar vader gekregen'. Als ze zich omdraait, zien we dat de ritssluiting openstaat. Niemand heeft de liefde gehad haar blote rug toe te dekken.

Dit zo menselijke en intreurige detail was er slechts een van de weinige. De regie heeft Het Verjaardagsfeest bedolven onder veel te zware symboliek, dreigende muziek waarin ik zelfs de Grosse Fuga van Bach meende te herkennen. Intussen zijn we wel ver afgedwaald van Pinter, die juist subtiele en kleine momenten eist. Op het grote toneel leken de personages verdwaald en verweesd. Misschien moet eerst die onhandige schrootjeswand weg. En dan terug naar liefdevolle aandacht voor de tekst.

Voorstelling: Het Verjaardagsfeest (The Birthday Party) van Harold Pinter door Theater van het Oosten. Vertaling: Maaike Bleeker. Decor: Catharina Scholten. Kostuums: Lukas Kwant. Muziek: Jaap van Keulen. Spelers: Sacha Bulthuis, Kees Coolen, Mathieu Güthschmidt e.a. Gezien 8/3 Stadsschouwburg, Heerlen. Tournee t/m 15/5. Inl.: (026) 443 76 55.