Amerikanen honkballen op Cuba

Voor het eerst in veertig jaar zal een professionele Amerikaanse honkbalploeg eind deze maand een wedstrijd spelen in Cuba.

Na twee maanden van intensief diplomatiek overleg zijn Washington en Havana het eens geworden dat de Baltimore Orioles op 28 maart in Havana aantreden tegen het Cubaanse nationale team.

De Cubanen komen op een nog te bepalen datum in april, als fase twee van dit staaltje honkbaldiplomatie, naar Baltimore voor de returnwedstrijd.

De eigenaar van de Orioles, Peter Angelos, heeft drie jaar geprobeerd om zijn ploeg naar Cuba te krijgen. De gespannen verhoudingen tussen de twee landen, en de Amerikaanse boycot van Cuba, maakten dat onmogelijk. Daar kwam verandering in toen de regering-Clinton het handelsembargo begin dit jaar wat versoepelde. Clintons Nationale Veiligheidsadviseur Sandy Berger was bij de onderhandelingen over de honkbalwedstrijd betrokken.

Voordat Castro en zijn communistische regime in 1959 aan de macht kwamen, bezochten ploegen van de Amerikaanse major league Cuba regelmatig. Het eiland heeft een grote honkbaltraditie. De afgelopen jaren hebben verschillende Cubaanse honkballers die de Castro-dictatuur ontvluchtten, een belangrijke rol gespeeld in de Amerikaanse competitie. De Cubaanse leider Fidel Castro, ooit zelf een honkballer, heeft hen verraders genoemd. De Orioles hebben geen spelers van Cubaanse afkomst in hun ploeg.

Zondag verzamelden zich in Fort Lauderdale, in Florida, zo'n vijftig Cubaans-Amerikaanse demonstranten voor het stadion waar de Orioles een uitwedstrijd speelden. Zij geloven dat de wedstrijden het begin zijn van een toenadering, zoals de détente tussen de VS en China in de jaren zeventig ook begon met `pingpong-diplomatie'.