Perfectionistische kluizenaar

Over een van de belangrijkste en invloedrijkste filmmakers van de tweede helft van deze eeuw is niet zo heel veel bekend, maar iedereen kent op zijn minst de namen van zijn films. Stanley Kubrick gaf zelden of nooit interviews of persconferenties, verliet de laatste twintig jaar Engeland niet, zo wordt beweerd, en liet iedereen die betrokken was bij de opnamen van een van zijn films een geheimhoudingsverklaring tekenen. Uit de eerste reacties op Kubricks dood, gisteren in zijn huis in St. Albans, Hertfordshire op zeventigjarige leeftijd aan een natuurlijke oorzaak, valt vooral verwarring op te maken. Is de afwerking van zijn dertiende film, Eyes Wide Shut, waarvan de wereldpremière op 16 juli verwacht wordt, nu juist wel of nog niet helemaal voltooid? Het is niet bekend waarom de opnamen steeds weer verlengd en de vertoning uitgesteld werden. Haast niemand weet waar de film over gaat, alleen dat het scenario door Kubrick en Frederic Raphael gebaseerd zou zijn op Arthur Schnitzlers Traumnovelle en dat de hoofdrollen worden gespeeld door het echtpaar Tom Cruise en Nicole Kidman, naast onder meer collega-regisseur Sydney Pollack.

Elk journaal geeft een andere beschrijving van de thema's in Kubricks werk: zijn films zouden gaan over geweld en macht, over de onmenselijkheid van de oorlog, over het vervangen van mensen door machines en mechanismen, of over film zelf. Was Kubrick een filmauteur of een extreem perfectionistische ambachtsman, die in elk van zijn films een ander bestaand genre beproefde en binnenstebuiten keerde? Voor die laatste stelling is genoeg bewijsmateriaal voorhanden. Kubrick herdefinieerde het sciencefiction-genre met 2001: A Space Odyssey (1968), de kostuumfilm met Barry Lyndon (1975), de horrorfilm in The Shining (1980), de Vietnamfilm met Full Metal Jacket (zijn laatste voltooide film uit 1987). Uit al die films komen we niet meer over Kubrick te weten dan dat zijn favoriete getal 114 is en dat hij een speciale voorliefde koestert voor sanitair. Maar als je een filmauteur definieert als een filmmaker die alle aspecten van de totstandkoming van zijn werk tot in de kleinste details onder controle houdt, en geen enkele bemoeienis van geldschieters en ander grondpersoneel duldt, dan was Kubrick de filmauteur par excellence. Die geobsedeerde behoefte aan controle onthult nog het meest van de persoonlijkheid van Kubrick, die zijn eerste korte documentaires financierde door om geld te schaken in Central Park.

De vader van Stanley Kubrick, een arts, leerde zijn zoon niet alleen schaken, maar gaf hem op zijn dertiende ook een fototoestel. Kubrick jr. (New York, 26 juli 1928) toonde weinig interesse voor school, werd op zijn zestiende stagiair bij het fameuze fototijdschrift Look en las alle filmhandboeken die hij maar kon vinden. In eigen beheer draaide Kubrick in 1951 Day of the Fight, een documentaire van zestien minuten over een bokskampioen. Zijn eerste, eveneens kleinschalige en onafhankelijke speelfilms, Fear and Desire (1953) en Killer's Kiss (1955), bleven onopgemerkt, in tegenstelling tot The Killing (1956), nog steeds een voorbeeld voor independents van een perfect uitgevoerde stijloefening in het misdaadgenre, over een dag op de renbaan. Na het imposante, pacifistische Paths of Glory (1957), vroeg hoofdrolspeler Kirk Douglas Kubrick om de regie over te nemen van Spartacus (1960), nadat Anthony Mann ontslagen was. Al is het resultaat een van de beste `antieke' films, Kubrick was ernstig teleurgesteld over het werken voor een grote studio en emigreerde naar Engeland.

Vanaf de scherpzinnige en controversiële verfilming van Nabokovs Lolita (1962) maakte hij daar een reeks van zeven eigenzinnige, vernieuwende films, die stuk voor stuk visionair genoemd kunnen worden. Dr. Strangelove or How I Learned to Stop Worrying and Love the Bomb (1964) is de ultieme zwarte komedie over de atoombewapening, het psychedelische 2001 ging over computers en `new age', toen die woorden nog nauwelijks bestonden, A Clockwork Orange (1971) is een blauwdruk voor wat later `zinloos geweld' gedoopt zou worden en in Barry Lyndon werd geëxperimenteerd met natuurlijk licht in het meest kunstmatige genre dat de cinema kent, de kostuumfilm. Zijn laatste twee, uiterst respectabele films The Shining en Full Metal Jacket, mogen dan niet Kubricks beste zijn, zijn reputatie bleef onaangetast. De aankondiging van een nieuwe film van Kubrick was al genoeg om een gevoel van opwinding teweeg te brengen bij collega's en filmcritici.

Kubrick wist voor zichzelf een positie te creëren waar Orson Welles slechts van heeft kunnen dromen: precies de films maken die hem voor ogen stonden, een excentrieke buitenstaander blijven en alle stoorzenders negeren. Menig project werd afgeblazen, zodra het ernaar uit zag dat Kubrick water bij de wijn moest doen.

Een aantal jaren geleden was er sprake van dat de regisseur een film in Nederland zou opnemen, over een jongetje in de Tweede Wereldoorlog, te spelen door Joseph Mazzello (Jurassic Park). Kubrick had zich al tapes van films van zo ongeveer elke Nederlandse acteur laten opsturen voor de casting van de bijrollen, toen bleek dat de Nederlandse arbeidsinspectie nooit toestemming zou geven voor het soort lange draaidagen dat Kubrick (niet vervaard voor zeventig takes van een scène) nu eenmaal vereist. Dat was meteen het einde van dat filmplan.

Bij elke internationale première van een Kubrick-film liet hij zich uit elk land alle landelijke en regionale kranten van een week toezenden om te bepalen op welke pagina er geadverteerd moest worden. Bij Warner Bros. moet men toch ook een beetje opgelucht ademhalen dat de distributie van Eyes Wide Shut zich aan Kubricks haviksoog zal onttrekken.

Het is nog niet helemaal voor te stellen dat er daarna nooit meer een film van Kubrick zal komen, of zelfs maar een gerucht met die strekking.