Terminaal (1)

Uit het stuk over Anne-Mei The (Z 27 februari) komt duidelijk naar voren dat er een sterk verschil is in spreken en denken van de longartsen aan de ene kant en de huisartsen en verpleegkundigen aan de andere kant. Wie is verantwoordelijk voor wat gedaan wordt? De longarts als behandelaar komt er als winnende partij uit.

Ik heb over deze aard van verantwoordelijkheid op 7 juni 1991 een artikel gepubliceerd in Medisch Contact. Daarin heb ik pogen aan te tonen, dat het door de artsen gebruikte taalmodel (`U hebt kanker, we praten alleen over de bestrijding van de ziekte en niet over uw reactie als patiënt') onvermijdelijk leidt tot de door de longartsen gebruikte procedure. Het omzetten van een proces in een ander taalmodel ( `In uw lichaam zijn cellen gaan groeien die u op dit moment niet kunt herkennen en afweren. Wij, de artsen, zullen alles doen wat in ons vermogen ligt om deze cellen te doden, maar we weten niet of dat op den duur bij u zal werken. Wij zijn op ieder moment geheel bereid met u te praten over de vraag hoe effectief dit werk van ons zal zijn in uw geval. U staat als patiënt centraal in ons handelen. Wat wij doen is slechts een middel iets aan uw toestand te doen') zou kunnen leiden tot een totaal ander verloop van het hele proces. Dan zou een werkelijk `informed consent' bestaan, zoals de wet op de Geneeskundige behandelingsovereenkomst dat voorschrijft. En dat is waar het in wezen om gaat.