`Steunreductie met 20 procent bedreigt boer'

Als de ministers van Landbouw van de lidstaten van de Europese Unie vasthouden aan hun wensen, moet er per jaar zo'n twintig procent van de inkomenssteun voor boeren af. Alleen dan kan tegemoet worden gekomen aan de zogenoemde nulgroei die regeringsleiders eisen.

De Europese Commissie heeft die waarschuwing gisteren gegeven aan de Raad van ministers van Landbouw die hun onderhandelingen over een gemeenschappelijk beleid voor de eerste zes jaar van de volgende eeuw donderdagavond hebben hervat. Bij nulgroei wordt het landbouwbudget jaarlijks uitsluitend met het inflatie-percentage verhoogd. Substantiële verlaging van inkomenssteun is in de belangrijkste lidstaten politiek onhaalbaar.

De onderhandelingen over een gemeenschappelijk beleid waren precies een week eerder afgebroken toen bleek dat overeenstemming nog ver weg was. Gisteren werd duidelijk wat de wensen die de ministers bij de voorzitter hadden neergelegd tussen 2001 en 2006 zo'n 16 miljard euro zouden vergen. Dit terwijl de plannen van de Commissie vervat in Agenda 2000 al ruim boven de `nulgroei plus inflatie' uitgaan. Volgens de Commissie zou van de 16 miljard euro per saldo 12 miljard naar Frankrijk gaan, dat vergaande eisen op de punten van oliehoudende zaden (akkerbouw) en zoogkoepremies (zuivel) heeft neergelegd. De meerderheid van de Franse boeren die zoogkoeien houden is ouder dan 65 jaar. De overige lidstaten zeggen er niet voor te voelen een flink deel van de `Franse AOW' uit het Brusselse landbouwbudget te gaan financieren.

De belangrijkste tegenstellingen bestaan tussen Duitsland en Frankrijk. Duitsland liet eergisteren weten niet strenger vast te willen houden aan zogeheten `co-financiering' (inkomenssteun van Brussel, aangevuld door de eigen nationale overheid), een eis die voor Frankrijk onaanvaardbaar was.

Gisteren legden de Duitsers een document op tafel waaruit bleek dat zij eigenlijk geen hervormingen wensen op het gebied van de zuivel. Met andere woorden; de huidige quota-regeling moet tot 2006 blijven zoals die is. Daarmee is Duitsland met name de Fransen opnieuw zeer ver tegemoet gekomen. De onderhandelingen worden volgende week voortgezet.