OP WEG NAAR ONEINDIG VERRE GRENZEN

Hij heeft een hond als trainingspartner en drinkt tijdens het lopen van hele lange afstanden liters cola. Toch beweert ultraloper Han Frenken (36) dat hij niet gek is, wel extreem. ,,Ik ben op zoek naar grenzen.''

Op het eerste gezicht is er niets vreemds aan Han Frenken te bespeuren. Hij rijdt in zijn taxi keurig passagiers naar hun bestemming, hij heeft een normaal postuur en hij bestelt tijdens de lunch een flink stuk rijstevlaai. Maar als hij zijn trainingspak aantrekt en gaat lopen, dan blijft de Limburger lopen. Zes, acht, zelfs twaalf uur, Frenken draait er zijn hand niet voor om. ,,Ik wil dingen doen die anderen niet doen'', zegt hij. ,,Iedereen loopt al marathons, zelfs René Froger en Willem-Alexander.''

Als Frenken veel loopt, drinkt hij automatisch ook veel cola. De flessen zijn bijna niet aan te slepen. ,,Na elke vijf kilometer drink ik een halve liter cola'', vertelt de atleet uit Stein. ,,Dan stop ik even, laat een flinke boer en loop weer verder. Het klinkt misschien raar. Maar ik word niet kotsmisselijk van al die cola. Eerst haalde ik er van tevoren de koolzuur nog vanaf. Blijkt niet nodig. Zo boert het ook beter. De cafeïne geeft me veel energie. Als je kapot zit, moet je echt cola drinken!''

Frenken was aanvankelijk gewoon voetballer. Hij speelde rechtsbuiten in het eerste elftal van Geulsche Boys. Hij kon, al zegt hij het zelf, best een aardig balletje trappen. Maar hij had moeite met de instelling van zijn ploeggenoten. ,,Die vonden de periode voor en na de wedstrijd het mooiste. Stonden ze zat op het veld en moest ik de goalen maken.'' Toen een onbehouwen keeper hem ook nog een fikse beenwond bezorgde, had Frenken het wel gezien. Hij zette het letterlijk op een lopen. In militaire dienst was gebleken dat hij daar aanleg voor had. Op de eerste de beste Coopertest verbeterde hij in Ossendrecht meteen het kazernerecord.

Nu is Frenken ultraloper. Onder ultralopen vallen alle afstanden langer dan de officiële marathon (42 kilometer, 195 meter). ,,Ik weet dat de marathonlopers het me niet in dank zullen afnemen, maar de marathon is voor mij een training.'' Zijn recordtijd op de marathon, 2.44,20, is weinig indrukwekkend. ,,Ik wilde een keer onder de drie uur lopen. Dat is gelukt, maar sneller heb ik niet geprobeerd. Uit een onderzoek bleek dat ik met mijn talent en lichaamsbouw en met optimale training misschien op een tijd van 2.28 kon uitkomen. Nou, dan ben je dus nog niks.''

Dus zocht hij het niet in snelheid, maar in afstand en extremiteit. ,,Ik had na mijn eerste marathon in Berlijn in 1983 al snel het idee dat er meer moest zijn. Toen heb ik aan de Schiphol-loop over 61 kilometer meegedaan en daarna aan de 100 kilometer van Winschoten.'' Zijn prestatielijst is inmiddels imposant. Frenken deed onder meer mee aan wedstrijden op de Himalaya, Mont Blanc en Alpe d'Huez. Hij loopt nog wel marathons als onderdeel van een grotere prestatie. Zo werkte hij er vorig jaar in één maand tijd twaalf af. Het leverde hem een vermelding op in het Guiness Book of Records. In totaal heeft hij drie records achter zijn naam staan. De bijbehorende oorkonden hangen in de gang van zijn huis.

Opvallend zijn vooral de drie marathons die hij in 1998 in drie dagen in drie verschillende landen, Nederland, België en Duitsland, afwerkte. ,,Dat wilde ik al lang doen en nu kwam het precies goed uit'', aldus Frenken. ,,Ik zit hier in Limburg op een centraal punt, drie minuten rijden van België en tien van Duitsland.''

De eerste marathon van de drieluik liep hij op een vrijdagavond in het Duitse Marburg. ,,Ik kan niet goed zien in het donker en ben toen een paar keer in de greppel beland'', vertelt Frenken. Een half etmaal later stond hij in het Drentse Noordscheschut, vlakbij Hoogeveen, aan de start. ,,Het was de dag van Nederland-Argentinië bij het WK voetbal. Ideaal, want er stond niemand langs het parcours. Dat heb ik het liefst. Zo kan niemand je hinderen, geen halve zool die voor je springt om een foto te maken of een loslopende hond die ineens de weg op schiet.''

In de auto terug naar huis hoorde voetballiefhebber Frenken dat Bergkamp het winnende doelpunt voor Oranje maakte. Thuis ging hij meteen aan het werk – Frenken heeft met zijn vader een taxibedrijf. ,,Ik heb toen van zes uur 's avonds tot vier uur 's nachts gereden. Daarna heb ik mijn fysiotherapeut uit zijn bed gebeld en die heeft me gemasseerd. Die derde marathon was zondag in België van Kortrijk naar Brugge. Langs de route had je van die hoerententen. Massage, stond er op de borden. Nee, laat maar, dacht ik, ha, ha.''

Moet je gek zijn om binnen 48 uur drie marathons te lopen? Frenken had deze vraag verwacht. ,,Je moet niet gek zijn, je moet het kunnen. En wat is gek? Je wordt geboren en je gaat dood en daar tussenin kan veel gebeuren. Ik ben op zoek naar grenzen. Daar is toch niets mis mee? Waar die grenzen liggen? Oneindig ver, denk ik.''

Hij staat in die overtuiging zeker niet alleen. Aan een wedstrijd over negentig kilometer in Zuid-Afrika, van Pietermaritzburg naar Durban, doen jaarlijks zelfs zo'n 12.000 atleten mee. Frenken: ,,Veel Duitsers zijn fanatieke ultralopers, maar ze komen ook uit Nederland, België en Frankrijk. Een enquête heeft uitgewezen dat de gemiddelde ultraloper zo'n 42 jaar is. Het zijn meestal geen mensen die in het dagelijks leven al zware lichamelijke arbeid verrichten. Er zitten doktoren, chirurgen en leraren bij. Wat altijd opvalt, is de uitstekende onderlinge sfeer.''

Morgen wordt voor de vierde keer de zes-uursloop van Stein gehouden – de snelste in zijn soort. De Belg Marc Verlinden liep in de editie van '96 een wereldrecord van 90 kilometer en 593 meter. Er hebben zich 240 deelnemers ingeschreven en dat is de door de organisatie gestelde limiet. Frenken is de wedstrijdleider, officieel genaamd de Race-director, want er doen veel buitenlanders mee. Zelf loopt hij niet. ,,Je moet bij zo'n wedstrijd zes uur in trance kunnen lopen en dat is voor mij in Stein onmogelijk. Ik moet zoveel regelen.''

Het beste is om tijdens het lopen niets aan het hoofd te hebben. ,,Een goed huwelijk is belangrijk. Anders loop je te piekeren en dan wordt het wel erg moeilijk. Je moet eigenlijk aan niets denken. Maar dat lukt niet altijd. Ik denk dan aan de mooie dingen in het leven. Mijn twee zoontjes, mijn vrouw. Natuurlijk houd je jezelf constant voor dat je de finish moet halen. Ik loop zo'n wedstrijd in mijn gedachten in fases. Eerst maar eens een marathonnetje lopen, dan naar de zestig kilometer, tachtig en aftellen. Positief denken is de basis van alles. Ik heb gemerkt dat het bij veel toppers op de marathon niet goed zit in het hoofdje. Als ze tien, vijftien seconden achter liggen op hun schema krijgen ze al een klap. Dat is niet normaal.''

Frenken heeft een trouwe trainingspartner die nooit opgeeft. Het is zijn hond Rendo, een 7 jaar oude hazewind, volgens zijn stamboom officieel genaamd Grand Slam van de Fijolahoeve. Hij vergezelt zijn baas een paar keer per week op het trainingsparcours langs het kanaal van Stein en Maastricht en terug – in totaal zo'n 22 kilometer. ,,Hij loopt niet alleen lekker, het is ook nog een lieve hond. Dat past wel bij mij. Ik ben zachtaardig, maak me niet snel kwaad. Vaak kan je al aan de ogen van mensen zien dat ze een pittbull als hond hebben.''

Zijn hond geniet van de trainingen. ,,Ik smeer voordat ik ga lopen altijd vaseline op mijn benen. Als ik alleen al het potje pak, wordt hij zo gek als een paard. Buiten gehoorzaamt hij goed. Alleen als hij langs het water een reiger ziet, is hij niet te houden. Daarom heb ik een belletje om zijn nek gebonden. Dan hoort zo'n reiger hem aankomen.'' Als Frenken naar een wedstrijd gaat, moet zijn hond werkeloos thuisblijven. Erg vriendelijk is hij dan ook niet als de baas weer thuiskomt. Frenken: ,,Ik wil hem best meenemen naar wedstrijden, maar ik denk dat hij die langere afstanden niet aankan. Op weg naar Maastricht loopt hij meestal voorop, maar op de terugweg blijft hij achter me, dan is hij moe.''

Wedstrijden loopt Frenken regelmatig met voormalig handbalinternational Lambert Schuurs (322 interlands). Dat is een man naar zijn hart, zegt hij. Schuurs is directeur van de textieldrukkerij waar de vrouw van Frenken werkt. ,,Zo kwamen we in contact. We spraken over sponsoring voor onze wedstrijd. Ik opperde dat het misschien een mooie publiciteitsstunt was als hij zelf zou meedoen. En dat deed hij. Nu is hij heel fanatiek bezig. Uit een onderzoek bleek dat hij twee keer zo veel longinhoud heeft als ik.'' Samen deden ze in 1997 mee aan een wedstrijd in het Himalaya-gebergte, 160 kilometer lopen in vijf dagen op 3.600 meter hoogte. Frenken voelde zich de eerste dagen flink beroerd, hij had last van hoogteziekte, maar hij voltooide de strijd.

Zijn mooiste herinnering heeft de Limburger aan Tsjechië, waar hij twee jaar geleden in zeven dagen tijd zeven marathons liep – totaal 303 kilometer. Frenken, enthousiast: ,,Daar was je als deelnemer op jezelf aangewezen. We moesten over rotsblokken, hekken, soms liep je vijf kilometer door de brandnetels. We sliepen op matjes. Prachtig was het.''

Het kan allemaal nóg extremer. Zo ontmoette Frenken op de Himalaya een Duitser die marathons had voltooid in het trappenhuis van de Empire State Building in New York en op het dek van een cruiseschip. Zelf gaat Frenken volgend jaar juli met Schuurs naar IJsland om daar tijdens een survivalloop van 55 kilometer onder meer vier rivieren te doorkruisen. Een route waar een normaal mens te voet zo'n vier dagen over doet. Later wil Frenken ook eens marathons op Antarctica en in de woestijn lopen. Uitdagingen zijn er nog genoeg. Maar eerst wil hij samen met zijn vriend Anton Smeets het eerste officiële boek over ultralopen voltooien. ,,Het boek zal wel Grensoverschrijdend of Grensverleggend gaan heten'', zegt hij.

Hoe ouder hij wordt, hoe moeilijker het wordt extreme doelen te realiseren, beseft Frenken. ,,Maar ik kan nog wel jaren blijven lopen. Twee jaar geleden hadden we bij onze wedstrijd in Stein een 80-jarige Belg aan de start en die liep in zes uur tijd 43 kilometer. Een prachtprestatie. Met een gezonde manier van leven en positief denken kom je een heel eind. Ik laat me elk jaar keuren, alles ziet er prima uit. Vergeet niet dat ik minder hard loop dan de toppers op de marathon. Ik kom tot zo'n dertien kilometer per uur, zij zeker tot twintig. Dat geeft meer belasting voor de gewrichten. Ik heb nergens last van. Ja, in de laatste twee dagen in Tsjechië begonnen mijn knietjes wat pijn te doen. Dat was ook wel mijn limiet, denk ik.''

Dan wordt Frenken plotseling opgeroepen voor een taxiritje. ,,Een bekende klant'', vertelt hij voordat hij in de auto stapt. ,,Ze denkt dat ze de Zangeres zonder Naam is en zegt steeds dat ze mijn Mercedes wil kopen. Er wonen hier veel aparte mensen.''