`Echte verzoening is duur'

Als voorzitter van de Waarheidscommissie kreeg de Zuid-Afrikaanse aartsbisschop Tutu veel kritiek van het ANC: hij was te streng voor de `bevrijdingsstrijd'. Maar andere landen die met een bloedig verleden worstelen, hebben zijn hulp inmiddels ingeroepen. Aan de vooravond van president Mandela's bezoek aan Nederland spreekt Tutu over Zuid-Afrika. `Vergeving is de hoogste vorm van eigenbelang.'

Gods gezant wil eerst bidden. Hij neemt mijn handen in de zijne, buigt deemoedig het hoofd en prevelt een schietgebedje. Emeritus-aartsbisschop Desmond Tutu in New York: een nietig aardmannetje tegen een decor van hemelhoge gebouwen. Lunchtijd in het hoofdkwartier van de Verenigde Naties betekent goed gevulde tafels. Maar Tutu is geen groot eter, een glaasje ananassap is goed genoeg, voor hem geen bagels & cream cheese. Voor de verandering draagt de eerwaarde eens niet zijn klassieke paarse bisschopshabijt, maar een donkerblauw kostuum met witte boord.

Tutu houdt deze dag een toespraak over aids, weer eens wat anders na zijn Sisyfusarbeid als voorzitter van de Waarheids- en Verzoeningscommissie die in oktober vorig jaar haar hoofdtaken afsloot. ,,U komt natuurlijk niet om me vragen over aids te stellen'', zegt de vermoeide bisschop. 's Ochtends is Tutu in alle vroegte uit Toronto naar New York gevlogen en straks vertrekt hij weer naar Atlanta.

Ziet u uw werk als een roeping?

Tutu lacht, schalks, en kijkt dan dromend uit over de East River: ,,We zijn allemaal geroepen, niet alleen ik. Wij allen zijn voorbestemd voor een specifieke functie. Eenieder van ons heeft een missie op aarde.''

Zijn lichaamstaal is een en al actie, de ogen licht geloken bij het spreken, pupillen die dansen als duiveltjes achter donkere brilleglazen. Hij gebaart druk met zijn gave zwarte handen. ,,Als God voor ons is, wie kan dan tegen ons zijn?''

De belangrijkste roeping in het leven van de nu 67-jarige bisschop speelde zich de afgelopen drie jaar af, als voorzitter van de Waarheids- en Verzoeningscommissie. Zijn taak was het te pogen verzoening tot stand te brengen op zijn geboortegrond, Zuid-Afrika, het land waar mensen nog niet zo lang geleden werden geclassificeerd naar huidkleur, met het `zwarte ras' als categorie `Untermenschen'. Vanaf 1995 spitte de bisschop met zijn uitgebreide staf het recente verleden van Zuid-Afrika om. Hij blonk uit door zijn betrokkenheid en bewogenheid, maar keek intussen onverstoorbaar naar voren, daar waar ergens de liefde tussen de mensen van alle rassen te vinden zou moeten zijn. De gruwelijkheden, begaan door voor- èn tegenstanders van de apartheid, kwamen tijdens de zittingen van de commissie tot in de vreselijkste details naar boven. Eind oktober beëindigde de commissie haar werk met de publicatie van het 2.700 pagina's tellende eindverslag.

Voor Tutu was op dat moment `de pijp leeg'. Hij `vluchtte' naar Amerika, om voor twee jaar te doceren aan de universiteit van Atlanta, ver weg van huis. ,,Ik heb tijd nodig voor reflectie'', zegt hij, ,,tijd om te huilen zonder al te veel pottenkijkers.''

Welke lessen heeft u, heeft Zuid-Afrika geleerd de afgelopen vier jaar?

,,In de Bijbel staat dat de mens geneigd is tot alle kwaad. De Waarheidscommissie heeft voor mij duidelijk gemaakt dat eenieder in staat is tot het verrichten van de meest afschuwelijke dingen. Ook jij en ik, niet slechts de mensen die bij ons hun schuld kwamen opbiechten. Elk mens heeft een weerzinwekkend persoon in zich. En onder bepaalde omstandigheden komt dat monster naar buiten en verandert je in een beul. Maar tegelijkertijd heeft het proces van waarheid en verzoening in Zuid-Afrika ons ook getoond dat eenieder van ons een ongelooflijk groot vermogen tot goedheid en vergeving in zich heeft.

,,Zuid-Afrika heeft ook geleerd dat de liefde tussen mensen niet om kleur gaat. Als een zwart en een blank iemand van elkaar houden, houdt de ene mens van de andere, je houdt van een mens van vlees en bloed, niet van een ras.''

Het werk van Tutu's commissie kreeg vorig jaar opmerkelijk genoeg veel kritiek van het ANC, de partij die hem zo na aan het hart ligt. De top van Nelson Mandela's partij (de president zelf uitgezonderd trouwens) vond dat Tutu de `bevrijdingsstrijd' in een kwaad daglicht stelde. Toen het ANC te elfder ure probeerde het eindverslag tegen te houden, sprak de aartsbisschop bitter over de ,,dreiging van een nieuwe tirannie''.

Hoe kijkt u terug op dat pijnlijke moment?

,,Zij die zich inlaten met werkelijke verzoening komen vaak tussen twee vuren te staan. Ze worden verketterd, uitgescholden. Ik heb me eigenlijk niet verbaasd. Voor christenen moet het voorbeeld Jezus zijn, die waarachtige verzoening bereikte door een tergend pijnlijke dood aan het kruis. Echte verzoening is duur. Het kostte God zijn enige zoon.'' De priester in Tutu is opgestaan.

In het buitenland daarentegen overstelpte men Tutu met lof. Het proces van waarheid en verzoening in Zuid-Afrika maakte zoveel indruk dat men elders, van Noord-Ierland tot Palestina en Cambodja, inmiddels de hulp heeft ingeroepen van Tutu als troubleshooter.

Kan de conflictbeheersing zoals Zuid-Afrika die heeft toegepast tot voorbeeld voor de rest van de wereld dienen?

,,We deden het niet om tot voorbeeld te zijn. Als men in andere landen denkt dat men kan leren van ons dan wel van wat we hebben bereikt, prima. Maar als je me op de man afvraagt: ja, van alle beschikbare opties in post-conflictsituaties is deze, de Zuid-Afrikaanse, de meest levensvatbare. Na de publicatie van het eindrapport wandelde ik door Pretoria. Een bouwvakker komt op me af en zegt: `Bisschop, de waarheid doet pijn, he?' Voor onze volkeren die eeuwen van elkaar waren gescheiden zal het proces van genezing nog lange tijd duren, ik weet niet hoelang. Neem de Verenigde Staten, hoe lang heeft men hier niet gepoogd verzoening en eenwording te verkrijgen? Dan denkt men aardig op weg te zijn en dan komt de zaak-O.J. Simpson die het land weer precies langs een raciale lijn doormidden scheurt.''

U probeerde tijdens uw werk voor de Waarheidscommissie geen onderscheid te maken tussen blank en zwart. Toch geselde u soms de blanken met striemende woorden. Waarom?

,,Als ik dat deed, was dat vanuit bezorgdheid. Lange tijd voordat de commissie het licht zag zei ik tegen blanken: `U zult nooit vrij zijn, tot wij zwarte mensen vrij zullen zijn'. Vrijheid is onverdeelbaar. Er waren te veel voorvallen in de blanke gemeenschap, waarin ik het gevoel had dat er een kwaadaardige sfeer heerste. Niet bij allen. Er verschenen ook mensen voor de commissie die konden vergeven. Meneer Smit, die zijn zoon verloor bij een bomaanslag van het ANC. Ene meneer Neville die blind werd door een sabotage-actie. Maar de blanke gemeenschap als geheel bleef het antwoord schuldig op de zwarte grootmoedigheid en gulheid. Als pastor maakte ik me zorgen, over hun overleving, over de versterking van hun mens-zijn. Ze zullen wel overleven, maar met een verkleinde vorm van menselijke eigenwaarde.''

Een aanzienlijk deel van de blanken in Zuid-Afrika verschuilt zich achter een `wir haben es nicht gewusst'. Hoe verklaart u dat?

,,Veel blanken hebben achteraf moeite met de gedachte dat ook zij hebben geprofiteerd van de wrede politiek van de apartheid en ontkennen daarom elke vorm van betrokkenheid. Uit statistisch onderzoek is gebleken dat een overgrote meerderheid van de zwarten wèl kan vergeven en wèl gelooft in raciale harmonie, terwijl blanken dat niet kunnen. Waarom niet, vraag ik me af. Hoe is het toch mogelijk dat zwarte mensen, die nog steeds in krotten in achterafbuurten wonen waar ze moeten rondkomen van een appel en een ei, naar de huizen van rijke blanken komen, daar werken als hulp in de huishouding, als tuinman enzovoorts, en dat ze niet zeggen: `We vermoorden jullie allemaal in jullie bedden'. Dat is toch hoogst opmerkelijk?''

Net als Nelson Mandela groeide Desmond Mpilo Tutu (geboren in een township bij Klerksdorp, 7 oktober 1931) in de jaren tachtig uit tot icoon van het verzet tegen de apartheid. Met zijn onverzettelijkheid en zijn onnavolgbare humor sloeg Tutu zich door de magere jaren. ,,Het is een wonderlijke samenloop van omstandigheden. Ik ben een Afrikaan met een simpel uit te spreken naam, Tutu, anders was het heel wat moeilijker geweest om onze zaak uit te dragen. Dat kleine, lelijke mannetje met die grote neus en die makkelijke naam, dat konden mensen goed onthouden.''

Het rondstrooien van grappen en grollen, tijdens of buiten zijn bisschoppelijke preken was altijd zijn handelsmerk. Humor als antiwapen, kwinkslagen tegen kogels. En daarbij ontzag hij zichzelf niet. Een mop over zichzelf, Tutu op zijn best: ,,Allan Boesak komt in de hemel, ontmoet er Petrus die zegt: `Allan Boesak voor al uw zonden veroordeel ik u tot het delen van een hut met deze oerlelijke vrouw, tot in der eeuwigheid'. Ted Kennedy ondergaat hetzelfde lot met dit verschil dat de vrouw nog lelijker is. Dan nadert Desmond Tutu de hemelpoort. Petrus brengt hem naar een hok waar Brigitte Bardot wacht, waarop Petrus zegt: `Voor al uw zonden, Brigitte Bardot, veroordeel ik u tot het in lengte van dagen met deze man doorbrengen'.''

Opgeleid tot priester in Groot-Brittannië mengde Tutu zich vanaf het midden van de jaren zeventig in zijn hoedanigheid van secretaris-generaal van de Zuid-Afrikaanse Raad van Kerken in de politieke strijd tegen blanke overheersing. Uit zijn huis in Soweto organiseerde de bisschop (vanaf 1986 aartsbisschop) een voortdurende, vreedzame agitatie tegen de blanke minderheidsregering. Tutu was een van de meest gevreesde, niet gevangen genomen opponenten van het apartheidsbewind. Voor zijn verdiensten als activist voor de rechten van de mens ontving Tutu in 1984, toen de onderdrukking op zijn hevigst woedde, de Nobelprijs voor de Vrede.

Terwijl andere vooraanstaande strijders van weleer achteraf bekeken minder nobele doelen nastreefden – Winnie Mandela richtte terreur aan onder haar eigen mensen, dominee Allan Boesak staat momenteel terecht op de verdenking grote sommen hulpgeld te hebben verduisterd – behielden Mandela en Tutu hun hoge morele standaard. Met, voor allebei, een vrijwel onbegrensde vergevingsgezindheid.

Tutu's adagium was dat de strijd tegen de rassensegregatie niet de bevrijding van de zwarten maar van de blanken betrof, die zichzelf hadden opgesloten in een kleurenspectrum. In 1994, het jaar van de eerst non-raciale vrije verkiezingen in Zuid-Afrika schreef Tutu hierover als volgt: ,,We willen vrede, welvaart en gerechtigheid. Dat kunnen we bereiken, wanneer alle volkeren van God, de regenboogvolkeren van God samenwerken.'

Als anglicaans kerkleider ontwikkelde Desmond Tutu een eigen niche in de ecclesiologie: een kruising tussen de leer uit de Europese moederschoot en de Afrikaanse gemeenschapszin, ubuntu. Zijn theologische standpunt is down to earth. Een hiernamaals is mooi, maar het inrichten van het aardse leven is – voorlopig – belangrijker. Volgens Tutu's opvatting schept de mens mèt God in een voortdurend proces de wereld. In de anglicaanse kathedraal van Pietermaritzburg staat een tekst van Tutu gegraveerd in de vloertegels die dit begrip bondig samenvat: `We moeten samenwerken met God om Gods kinderen almaar menselijker te maken, een schitterende bestemming'.

Njongonkulu Ndungane, die in 1996 Tutu opvolgde als aartsbisschop van Kaapstad, noemt zijn voorganger in dit verband uTutu, ngumntu lowo – een uitdrukking in de Xhosa-taal die staat voor: `Tutu, de man in wie de volledige persoonlijkheid is ontwikkeld'. Het ubuntu-begrip wordt door Ndungane gedefinieerd als umntu ngumntu ngabanutu: een mens is een mens door anderen.

Maar een staflid van de Waarheidscommissie in Kaapstad noemt Tutu's opvattingen over ubuntu idealistisch en achterhaald. ,,Ubuntu is een mooi begrip, maar het heeft alles te maken met het delen van armoede en verdriet'', zegt hij. ,,Tijdens de lange jaren van apartheid hadden de mensen elkaar hard nodig en was de gemeenschapszin vanzelfsprekend groot. Maar nu Zuid-Afrika vrij is en ook zwarte mensen de mogelijkheid hebben uit te breken uit hun povere omstandigheden, zie je dat ze veel zelfzuchtiger worden, ze hebben de anderen niet meer nodig.''

Desmond Tutu plaatst de zwarte volkeren van Zuid-Afrika, met hun cultuur, zo lijkt het, op een hoger moreel niveau. Zwarte mensen zouden vergevingsgezinder zijn. In zijn visie op zwart Afrika heeft het continent een groot historisch potentieel aan `liefde en vergeving'. Ergens in de geschiedenis ging het mis.

Zegt u dat zwarte mensen in zeker opzicht beter zijn dan blanken?

Peinzend, voorzichtig: ,,Ik zou graag een herleving willen zien, een renaissance van de prachtige waarden van Afrika. Ooit hadden we een strafstelsel in Afrika dat niet vergeldend, maar herstellend was. Volgens traditioneel gebruik streefde men na een ruzie er niet naar de schuldige te straffen, maar de goede relaties te lijmen.

,,Misschien, misschien is er iets dat wij zwarte mensen aan de wereld kunnen geven. Er is inderdaad zoiets als ubuntu, dat een deel van onze visie op de wereld is. Het is niet iets waarover we hoeven op te scheppen, of waarvan we het alleenrecht kunnen opeisen. Het is iets dat je binnenkrijgt met de moedermelk. Het heeft ook te maken met je begrip van wat een menselijk wezen is. Voor ons is het mens-zijn gevangen in het mens-zijn van anderen. Je bent een mens door andere mensen. Daarom is harmonie, communale harmonie zo belangrijk. Alles wat dat ondermijnt is slecht. Wraak, woede en haat hollen de gemeenschap uit.

,,In essentie is vergeving de hoogste vorm van eigenbelang. Want als het mens-zijn van de ander wordt vergroot, groeit ook het mijne. Omgekeerd: als iemand wordt vernederd, onmenselijk wordt behandeld, word ik ook vernederd. En dat inzicht is de gift van de zwarte gemeenschap van Zuid-Afrika aan de wereld.'' De Waarheidscommissie en het streven naar verzoening in Zuid-Afrika plaatst Desmond Tutu in dit kader: de zwarte slachtoffers vergeven de blanke overheersers hun `zonden', als hoogste vorm van eigenbelang.

Desmond Tutu ziet zichzelf als een afgezant van God, met een boodschap van vrede op aarde. En God is goed voor hem geweest, zegt hij.

In 1997 werd bij de bisschop prostaatkanker geconstateerd. Hij onderging intensieve behandelingen in de VS. Een wonderlijke samenloop van omstandigheden: de `ziekte en genezing' van Zuid-Afrika liepen plotseling parallel aan het leven van de voorzitter van de Waarheidscommissie. De Amerikaanse therapie sloeg wonderwel aan, hij komt alleen nog voor controle in het ziekenhuis. ,,Er hebben zoveel mensen voor mij gebeden. Uiteindelijk komt alle genezing van God, via menselijke handen, een perfecte samenwerking.''

Als Tutu dacht het rustig aan te kunnen doen na zijn tijdelijke emigratie uit Zuid-Afrika, kwam hij bedrogen uit. Van doceren is nog maar weinig terechtgekomen. De geestelijke reist van hot naar haar om op uitnodiging bij te dragen aan uiteenlopende maatschappelijke doelen.

In het gebouw van de Verenigde Naties spreekt hij een bijeenkomst van AmFar toe, de American Foundation for Aids Research. De aanwezigen ervaren, na een hele morgen technische verhalen van deskundigen te hebben moeten aanhoren, Tutu's rede als een verademing. ,,Wat kan die man spreken, recht uit het hart, hij maakt van aidsstatistieken weer individuen'', zegt een gezette vrouw.

Zelf doet Tutu na afloop heel bescheiden over zijn optreden. ,,Aids is een van de grootste tragedies die de mensheid treft, met name in Afrika. Het is onze plicht te helpen. Aids is een moreel probleem. We verspillen zoveel geld in de wereld aan wapens, om te doden. Met een fractie van dat bedrag zouden we al heel veel kunnen doen aan de bestrijding van aids en de bevordering van het leven.''