De kruimels van de democratie

Moslims hebben sinds vorige week een eigen regering in België: de executieve. Geen mini-Vaticaan voor de islam, maar een administratieve instelling die met de overheid onderhandelt over de toekenning van subsidies en het islamitisch onderwijs. `Na de tranen en het zweet is dit uw rijkdom.'

v

Als ik ècht campagne had gevoerd, was ik nummer één geweest.'' Nu had Cemal Cavdarli zijn verkiezingstournee in Gent beperkt tot één dag. ,,Op de vooravond heb ik in cafés affiches opgehangen en ik heb de mensen gezegd: ik ben de gemeenschappelijke kandidaat voor de regio. Maar velen vroegen: Verkiezingen, welke verkiezingen?''

Eind vorig jaar mochten alle Belgische moslims naar de stembus om een raad te kiezen. Vorige week kwam daar het vervolg op: de moslimexecutieve, formeel Hoofd van de Islamitische Eredienst geheten. De executieve, een soort regering die de 68 raadsleden uit hun midden kozen, werd goedgekeurd door de minister van Justitie. De kandidaten zullen bij koninklijk besluit worden erkend.

In ruim honderd moskeeën ging in december bijna de helft van de naar schatting 100.000 kiesgerechtigde moslims naar de stembus. ,,Het is allemaal raprap georganiseerd'', klaagt Cavdarli. ,,Mensen konden zich maar van september tot eind oktober als kiezer inschrijven, terwijl de eerste generatie Turken dan nog in Turkije verblijft. En dat is juist mijn achterban.'' In feite, zegt hij, moeten de Belgische moslims genoegen nemen met ,,de kruimels van de democratie''.

Desondanks behaalde de 32-jarige Cavdarli, Turk van afkomst en islamleraar van beroep, 1.204 stemmen – de op twee na beste score. En vorige week nam hij zitting in de moslimexecutieve, als een van de zestien `heiligen'. ,,Heiligen dat zeg ik om te lachen, hoor'', zegt Cavdarli. ,,Het is een zware verantwoordelijkheid. Ik mag de mensen die op mij gestemd hebben niet in de steek laten.''

Verkiezingen voor een moslimraad – het is ,,een primeur in de Westerse wereld'', zoals de minister van Justitie, Tony Van Parys, het vorige week noemde. De formele reden voor de verkiezingen, is dat de regering één aanspreekpunt nodig heeft en de islam, anders dan bijvoorbeeld de katholieke kerk, geen algemeen aanvaarde hiërarchie kent. De moslims die zich kandidaat stelden hebben er gemengde gevoelens over. De Marokkaan Mohamed Boulif, vice-voorzitter van de voorlopige executieve die de stembusgang organiseerde, geeft toe dat moslimverkiezingen al gauw uitgelegd kunnen worden als religieuze discriminatie. ,,Maar als de overheid een vertegenwoordiging had opgelegd, zou die niet zijn geaccepteerd.'' Van discriminatie was helemaal geen sprake, protesteert Cavdarli. ,,Of je nu Fatima heet of Sjefke, iedereen mocht meedoen. Het enige dat werd gevraagd is: bent u moslim?''

Ook buiten de islamitische gemeenschap werd de vraag opgeworpen of verkiezingen nodig waren. ,,De gesprekspartners die namens andere erkende godsdiensten met de overheid contact onderhouden zijn immers evenmin verkozen'', schreef de progressieve krant De Morgen. Hoogleraar kerkelijk recht Rik Torf vroeg zich af in hoeverre de overheid godsdiensten in een keurslijf mag dwingen als voorwaarde om steun te verlenen.

Dergelijke principiële vragen hebben de oprichting van de executieve omgeven. Het recht van de moslims op hun raad werd niet ter discussie gesteld. Zelfs het extreem-rechtse Vlaams Blok (volgens de laatste peiling goed voor 15 procent van de Vlaamse stemmen) onthield zich van publiekelijke afwijzing.

De zelfverzekerde Cavdarli, die sinds zijn achtste in België woont, vindt dat de moslims in België het volste recht hebben op hun executieve. ,,Marokkanen en Turken, die in de jaren zestig en zeventig zijn aangevoerd als monddode arbeidskrachten, kunnen eindelijk op een volwaardige en democratische manier genieten van de rechten en plichten die hun aanbelangen'', zegt hij fel. ,,Nu kunnen we zeggen: na de tranen en zweet is dit uw rijkdom.'' De `rijkdom' bestaat uit een aantal bij wet vastgelegde bevoegdheden. De executieve is verantwoordelijk voor lesprogramma's islamitisch onderwijs, voor de benoeming van islamitische leraren en voor de aanstelling van religieuze raadgevers in gevangenissen en ziekenhuizen. Bovendien kan ze moskeeën voordragen voor erkenning, zodat ze voor overheidssubsidie in aanmerking komen. Voor andere erkende godsdiensten in België geldt zo'n subsidieregeling al lang. Gemeenten moeten bijspringen bij het onderhoud van kerken en betalen salaris en pensioen van pastoors.

Het bestaan van één aanspreekpunt is een voorwaarde die de overheid stelt voor het toekennen van subsidieverzoeken, waar de gemeenschap recht op heeft sinds de islam in 1974 werd erkend. België is een van de weinige landen die religies subsidieert. Het gebeurt ook in Luxemburg en in bepaalde delen van Frankrijk, maar niet in Nederland. Voor de islamitische gemeenschap is dit jaar een half miljoen gulden begroot, in de toekomst zal dat meer zijn. Voor alle erkende erediensten samen is 186 miljoen gulden beschikbaar, waarvan het grootste deel nu gaat naar de katholieke kerk. De islam is de tweede godsdienst van het land, groter dan de protestantse, de orthodoxe en de joodse `erediensten'.

De executieve, legt Cavdarli uit, is geen politieke en geen godsdienstige instelling. ,,Geen mini-Vaticaan voor de islam.'' Dat beaamt Boulif: ,,Het is een administratieve instelling, die met de overheid kan onderhandelen over bijvoorbeeld moslimbegraafplaatsen. We kunnen geen antwoord geven op vragen over het eten van varkensvlees.''

De moslimraad is ook geen politieke beweging, hoewel dat in het buitenland vaak wordt gedacht. ,,We zullen niet ijveren voor stemrecht voor migranten.'' Cavdarli vindt dat de executieve vooral de achterstand op andere godsdiensten moet inhalen. Zo moet ze voor elkaar krijgen dat moslims twee vrije dagen kunnen opnemen: voor het jaarlijkse offerfeest en voor het Eid al Fitr (Dag der Loutering) aan het einde van de heilige vastenmaand ramadan. ,,Nu kan de werkgever beslissen of je die dagen naar de moskee kunt gaan.''

Grote kuis

De weg naar de gekozen moslimraad was lang en hobbelig. Aanvankelijk erkende de staat het islamitisch en cultureel centrum van België als officieuze gesprekspartner. Dit centrum benoemde leraren, gaf bekeringscertificaten uit, bracht een halal-label aan op ritueel geslacht vlees en diende subsidies voor moskeeën in bij de door Saoedi-Arabië gedomineerde Islamitische Wereldliga. Maar de ontevredenheid bij de moslim-gemeenschap groeide, omdat de invloed van Saoedi-Arabië en daarmee van de hanbalitische richting in de islam te groot zou zijn. Die richting komt nauwelijks voor onder de moslims in België, die vooral afkomstig zijn uit Marokko en Turkije.

In 1991 hielden Belgische moslims voor de eerste keer verkiezingen, in een poging de verschillende dogmatische en nationale tradities binnen de islam te vertegenwoordigen in een Hoge Raad. Maar de raad werd niet door de regering erkend als gesprekspartner, onder meer omdat veel vrouwen voor de verkiezing een volmacht hadden gegeven aan hun echtgenoot. Onderhandelingen tussen de verschillende gemeenschappen leidden in 1994 tot een voorlopige moslimexecutieve, die wèl door Justitie werd aanvaard. Voorzitter was de tot moslim bekeerde Belg Didier (Yacine) Beyens.

In het najaar van 1996 spoelde een warme golf van sympathie voor moslims over België. Oorzaak was het moedige optreden van de Marokkaanse familie Benaïssa in de nasleep van de affaire-Dutroux. De Benaïssa's verloren in 1992 hun dochtertje Loubna, die in handen viel van een man die haar misbruikte en in een kist liet sterven. De politie nam het verhaal van de verdwijning nauwelijks serieus en suggereerde zelfs dat het meisje zou zijn uitgehuwelijkt in Marokko. De zaak werd pas vijf jaar later opgelost.

Heel België leefde mee met de familie Benaïssa. Zelfs het Vlaams Blok had het moeilijk met de vraag of ook deze mensen tijdens de `grote kuis' naar Marokko moesten worden teruggestuurd. Grote indruk maakte de oudste zus van Loubna, die op de trappen van het Justitiepaleis een woedende menigte tot kalmte wist te brengen. Honderden Belgen woonden de begrafenis bij van Loubna, velen kwamen voor het eerst in een moskee. De moeder van een ander vermist kind gaf toe tot dat moment bang te zijn geweest voor moslims.

Op die golven van begrip bleek de overheid meer ontvankelijk voor moslimverkiezingen. ,,Een paar weken na de affaire-Benaïssa werd ik uitgenodigd bij de koning'', vertelt Beyens, op dat moment voorzitter van de voorlopige executieve. ,,Hij liet weten dat het geen slecht moment was om een schriftelijk verzoek voor verkiezingen in te dienen.''

In juni 1998 gaf de regering het groene licht. Belangrijkste voorwaarde was dat de verkiezingen snel georganiseerd werden. Ze moesten duidelijk gescheiden blijven van de algemene verkiezingen in juni, al was het maar opdat extreem-rechtse partijen er geen munt uit zouden slaan. De ministeries van Justitie en Binnenlandse Zaken hielden toezicht op het verloop van de stembusgang.

Het scheelde niet veel of de executieve was er op het laatste moment helemaal niet gekomen, als gevolg van het strenge overheidstoezicht. Met het ministerie van Justitie was afgesproken dat de kandidaten die de moslimraad voordroeg voor de executieve, zouden worden gescreend door de staatsveiligheid. Dit om te voorkomen dat een militante islam het beheer van de religie op zich zou nemen. Maar de screening viel strenger uit dan verwacht. ,,Er zijn er die er niet door zullen komen'', had Beyens al voorspeld met rammelende maag. Dat was op de laatste dag van de ramadan, half januari, nog voor de staatsveiligheid een oordeel had gegeven. ,,Er zijn geen fundamentalisten bij'', zei Beyens toen. ,,Die hebben niet eens meegedaan want ze zeggen: jullie systeem van verkiezingen staat niet in de Koran. Maar er zijn wel een paar moeilijke karakters.''

Tot Beyens' verbazing oordeelde de staatsveiligheid dat 25 van de 40 voorgedragen leden uit de moslimraad, geen zitting mochten nemen in de executieve. Zij zouden banden hebben met radicale islamitische organisaties. ,,Op basis van welke criteria is men tot deze conclusie gekomen?'' Maar hij wil het niet dramatiseren. ,,We begrijpen dat de minister moet kunnen zeggen: ik heb er alles aan gedaan om fundamentalisme te voorkomen.'' De angst voor fundamentalisme zit in België wellicht dieper dan in Nederland, door een ophefmakend proces enkele jaren geleden van dertien vermeende moslimfundamentalisten van wie werd vermoed dat ze lid zijn van de gewelddadige Algerijnse organisatie GIA.

In een poging tot verklaring van het grote aantal `ongewensten' legt Beyens uit dat vooral binnen de Marokkaanse gemeenschap een onderscheid is tussen twee stromingen moslims. Er is de oudere generatie, goed geschoold in de islam, die dicht staat bij de ambassade en de Belgische autoriteiten. Daarnaast zijn er de jongeren, in België geboren, minder `Koranvast' en rebelser. ,,Tijdens de screening heeft de eerste generatie gewonnen.''

Op het ministerie van Justitie wordt geheimzinnig gedaan over de criteria voor de screening. ,,De diensten van de minister zijn vooral nagegaan wat het gedrag was van de personen tot nu toe'', zegt Paul Cooreman, juridisch adviseur van de minister. ,,Daarbij werd de vraag gesteld: hebben ze contacten met organisaties die een beleid voeren dat tegen de Belgische wetgeving in gaat?'' Justitie heeft wel zijn excuses aangeboden, omdat beloofd was het aantal afgewezenen niet bekend te maken. Daarbij was vergeten te zeggen dat de minister op Kamervragen antwoord moest geven. En die vragen kwamen van het Vlaams Blok.

Zo verontwaardigd was de moslimraad over de strenge screening, dat een brief werd opgesteld met de mededeling dat de executieve na zes maanden weer moest aftreden. Na intensief vergaderen en de vervanging van enkele kandidaten werd de brief vernietigd en kon vorige week alsnog, met enige vertraging, de executieve worden voorgesteld.

Een belangrijke rol bij het kalmeren van de gemoederen speelde de bekeerde Belg Beyens. Hij had de taak degenen die afgewezen waren in een privé-gesprek te overtuigen af te zien van een plaats in de executieve. ,,Daar was mijn rol het meest delicaat'', zegt hij. ,,Ik kon het alleen doen omdat ik zelf niet heb meegedaan aan de verkiezingen.'' De mensen op de zwarte lijst werd op het hart gedrukt dit niet openbaar te maken. Volgens Cavdarli reageerden de drie tot vier Turkse `gestigmatiseerden' vooral verbaasd. ,,Ze zeiden: als ik zo gevaarlijk ben, hoe kan ik dan in het onderwijs staan?''

Als gevolg van de selectie telt de executieve slechts zestien leden – één minder dan voorzien. ,,Beter een incomplete lijst dan een aantal personen die problemen kunnen opleveren'', meent Beyens. Cavdarli blijft vragen houden. ,,De staat moet zich niet te veel gaan inmengen. Vandaag is het de screening, morgen zeggen ze: het vrijdaggebed is een verplichting.''

Komkommers in de serre

Aan de rand van de Europese wijk van Brussel klinkt de oproep tot het middaggebed, vanaf de minaret van de grote moskee. Deze moskee, in het voormalige Oosters paviljoen, wordt grotendeels bekostigd door Saoedi-Arabië. In de centrale gebedsruimte, met zijn glas-in-loodramen en rode tapijten, hangt een enorme kroonluchter. Op feestdagen wordt zelfs in de gang gebeden: een pijl op de grond wijst naar Mekka.

In zijn kantoor op de eerste verdieping van de moskee slaat Luc (Omar) van den Broeck, medewerker van het islamitisch centrum, het middaggebed over en vertelt hoe hij achttien jaar geleden moslim werd. ,,Het moeilijkst was de reactie van de mensen in mijn naaste omgeving: Nu ga je over naar de godsdienst van Turken en Marokkanen, dan zul jij ook het slachtoffer van racisme worden. Het is nog net niet zo erg als wanneer je vertelt dat je aids hebt.'' De golf van begrip die de familie Benaïssa veroorzaakte, is kennelijk weggeëbd want ook nu hoort hij die reactie. ,,De gemiddelde Belg denkt dat we allemaal fundamentalisten zijn. Mijn moeder ziet dat op televisie en vindt het erg dat ik daar bij hoor.''

Tot de islam bekeerde Belgen hebben volgens Van den Broeck, een van de drie bekeerden in de executieve, een belangrijke rol gespeeld bij het tot stand komen van de moslimraad. ,,Als go-between. Wij kennen de mentaliteit en de gevoeligheden in België.'' In de nieuwe executieve zal meer worden overgelaten aan Marokkaanse en Turkse moslims. Een Marokkaan wordt voorzitter, als opvolger van Beyens die zich weer volledig aan zijn huisartsenpraktijk gaat wijden. ,,Het is nu tijd voor de echte moslims in dit land om het voortouw te nemen'', meent hij. Volgens Van den Broeck zal pas over een jaar duidelijk worden welke vorm de executieve precies krijgt. ,,Als het slaagt – we blijven voorzichtig – is dit absoluut historisch.''

De Turkse Eyup Sultan-moskee in Gent, een voormalige leerlooierij, is soberder dan de grote moskee van Brussel. De moskee wordt grotendeels bekostigd door de gemeenschap, vertelt Cavdarli die zelf nog langs de deuren is gegaan om geld in te zamelen voor een verbouwing. De imam, enkele maanden geleden aangekomen uit Anatolië, wordt betaald door de Turkse overheid die hem heeft uitgezonden. ,,Ik vermoed dat men in de toekomst imams in België gaat rekruteren'', zegt Cavdarli. ,,Maar dat zal nog even duren. Imams kweek je niet als komkommers in een serre.''

De moslimexecutieve zal zich buigen over aardse zaken, maar volgens Beyens is het uiteindelijke doel een islam op zijn Belgisch. ,,Dat kan bereikt worden als in de toekomst imams enkel worden erkend als ze hier een opleiding volgen, in plaats van zoals nu van 4.000 kilometer komen om hun visie van de islam op te leggen.'' Hij hoopt dat door de gedwongen samenwerking in de raad een ,,islamitische eenheidsidentiteit'' groeit. Ook Boulif rekent op meer eenheid.

,,De hoop is dat Turken, Marokkanen en Pakistanen gaan samenwerken, zodat er minder spanning is tussen de nationaliteiten.''

Dit keer waren de verkiezingen nog ingedeeld naar nationaliteit. ,,Omdat een Marokkaan nooit op een Turk zal stemmen'', zegt Boulif. De zetels in de raad en de executieve zijn om die reden verdeeld over de nationaliteiten, volgens een ingewikkelde verdeelsleutel. Marokkanen, met 145.000 de grootste groep moslims in België, kregen 28 zetels in de raad en zeven in de executieve, de ongeveer 88.000 Turken respectievelijk zestien en vier, de bekeerde Belgen twaalf in de raad en drie in de executieve, net als de naar schatting 36.000 moslims van overige nationaliteiten.

Deze verdeling, die nationale machtsblokken moet voorkomen, betekent dat Marokkanen en Turken relatief ondervertegenwoordigd zijn. ,,In het begin gaf dat problemen in de campagne'', zegt Boulif. ,,Marokkanen zeiden: we hebben recht op meer zetels.''

Cemal Cavdarli ziet in de zetelverdeling wederom een bewijs dat moslims in België genoegen moeten nemen met de kruimels van de democratie. ,,Maar het is beter dan niets.'' Tijdens de bijeenkomsten van de raad tot nu toe, die waren gewijd aan het voorstellen en de verkiezing van de executieve, is hem opgevallen dat Marokkanen eindeloos kunnen palaveren. ,,Als ze de microfoon hebben, houden ze eindeloze redevoeringen.'' De Marokkaan Mostapha El Karouni, die in de moslimraad zetelt, signaleert op zijn beurt dat veel Turken taalproblemen hebben. ,,Ze spreken noch Frans noch Nederlands, terwijl Marokkanen zowel Frans als Arabisch spreken.''

De dertiger El Karouni, die een advocatenkantoor heeft in het centrum van Luik, was de afgelopen twee jaar juridisch adviseur van de voorlopige moslimexecutieve. Hij stelde zich niet verkiesbaar in december. ,,Dat is niet mijn stijl. Ik ben niet een religieus man.'' Hij werd gecoöpteerd door de voorlopige executieve, omwille van zijn juridische kennis. De tegenstelling tussen nationaliteiten is volgens hem niet het grootste probleem waarmee de raad te maken zal krijgen. Hij voorziet eerder moeilijkheden over de verdeling van het geld. ,,Dat ligt heel gevoelig. Het is te hopen dat de staat niet in één keer alles geeft, maar geleidelijk.''