De Britse wandelaar betreedt de `Derde Weg'

Even buiten de M25, de meestal verstopte Londense ringweg, begint maandag een nieuwe ronde in een lang en modderig gevecht. Dan maakt de regering bekend hoe de nieuwe toegangsregels voor het platteland eruit zien.

De reacties op de plannen zijn nu al te geven. De gevestigde belangen in de countryside – landeigenaars en boeren – zullen roepen dat de voorstellen te ver gaan. Maar de lobby van wandelaars, mountain-bikers en kajakkers zal de regering verwijten dat de plannen lang niet ver genoeg gaan.

De laatste groep heeft twee eisen. Ten eerste moet premier Blair zijn plechtige verkiezingsbelofte nakomen door wettelijk het zogeheten right to roam (`zwerfrecht') in te voeren: vrije toegang voor alle woeste gronden van Engeland en Wales – de bergen, moerassen, heide, heuvels en onbebouwde gemeentegrond die samen twaalf procent van het landoppervlak uitmaken.

Het landschap is een collectief bezit, zegt de wandellobby. Wie, zoals steeds meer Britten doen, de drukte van de stad wil verlaten om in de open lucht op adem te komen, moet niet steeds stuiten op borden Verboden Toegang. Uit enquêtes blijkt dat tachtig procent van de Britten daar hetzelfde over denkt.

Ten tweede eisen de wandelaars dat de regering eindelijk een begin maakt met de bescherming van de zogeheten public footpaths, een fijnmazig net van openbare voetpaden met een totale lengte van 150.000 kilometer, dat uniek is in Europa. Die paden zijn vaak eeuwenoud en ze lopen overal in het Verenigd Koninkrijk, dwars door weiden vol koeien en schapen, door akkers en boomgaarden en ook door particuliere landgoederen die verder verboden gebied zijn. Voor wandelaars is dat hun voornaamste attractie, voor boeren en landeigenaars juist een bron van ergernis.

Het `recht van overpad' via de openbare voetpaden is muurvast in de wet verankerd. In praktijk lichten boeren en grootgrondbezitters er flink de hand mee: ze ploegen paden om, halen wegwijzers weg of zetten een hek waar het niet hoort. Volgens de Ramblers Association, een militante belangengroep van wandelaars met 125.000 leden, kun je geen Brits voetpad betreden of je treft binnen een mijl een illegale versperring aan.

Beide eisen van de wandellobby stuiten op verzet. Landeigenaars, die vaak van adel zijn en samen miljoenen hectares woeste grond bezitten en voor de jacht gebruiken, moeten niets hebben van een algeheel right to roam. Voor de public footpaths ziet het er iets beter uit. De Country Landowners Association (CLA), waarin de boeren en baronnen zich hebben verenigd, bepleit sinds kort betere openstelling van de voetpaden. Ook heeft de CLA een gedragscode gemaakt voor wie zo'n pad op zijn terrein heeft. Hoe meer mensen zich aan het gebaande pad houden, hoe minder er uitzwerven in de rest van ons terrein, redeneren de landeigenaars repressief-tolerant.

Het is niet gemakkelijk de belangen van wandelaars en grootgrondbezitters te verzoenen. De regering-Blair zoekt – ook hier – naar een `Derde Weg'. De plannen die maandag worden gepubliceerd behelzen naar wordt aangenomen daarom geen algeheel right to roam. Wel wil de regering van geval tot geval laten beoordelen hoe een pad of gebied beter kan worden ontsloten. Als alle belangen zijn afgewogen legt een lokaal convenant – een partnership in Blair-jargon – het gebruik vast.

Bovendien probeert Blair de tegenstelling wandelaars-landeigenaars minder scherp te maken, bijvoorbeeld door te wijzen op belangenconflicten binnen de natuurvrienden. Zo vinden wandelaars misschien dat ze overal moeten kunnen lopen, maar vogelliefhebbers zijn juist gebaat met gebied waar de rust niet wordt verstoord door de rugzakbrigade, aldus de regering.

Dat de wandellobby met de voorstellen geen genoegen zal nemen, staat wel vast. Westminster kan zich opmaken voor nieuwe demonstraties `voor onze countryside'. Om de klap van de aanstaande botsing op te vangen heeft Blair alvast naar een beproefd middel gegrepen: hij benoemde een `gematigd tegenstander' van de Labour-plannen om de uitvoering ervan in goede banen te leiden. Ewen Cameron, een hereboer uit Somerset en oud-voorzitter van de vereniging van landeigenaars, krijgt de leiding over het Countryside Agency, de nieuwe commissie die de nieuwe toegangsregels in de praktijk moet uitwerken.

Zulke benoemingen uit het `andere kamp' zijn een bekende Blair-truc. Eerder stelde hij prominente Conservatieven en Liberal Democrats aan het hoofd van regeringscommissies die controversiële hervormingen moesten voorbereiden. Het lijkt een concessie en van de premier maakt het iemand die boven de partijen lijkt te staan. Of Camerons benoeming net zo'n slimme manoevre is, moet nog blijken. Vice-premier Prescott, minister Meacher (Milieu) en 150 Labour-parlementariërs die een wet vóór het right to roam steunen, zijn in elk geval razend op Blair.

Zij geloven dat de premier door Cameron te benoemen vooral de landeigenaars te vriend wil houden. Want onder hen bevindt zich een zeer groot aantal Lords, met een zetel in het Hogerhuis. Blair zou de Lords geen extra argument willen geven om zijn hervormingsplannen voor het Hogerhuis te saboteren.

En óf Cameron als voorzitter kan functioneren is ook nog niet zeker. Ramblers-voorzitster Kate Atkinson heeft zijn benoeming al woedend veroordeeld. ,,Het is alsof je een alcoholist de leiding geeft van een pub'', zei ze.