Appel en Audi herhalen fraaie Die Zauberflöte

Mozart beheerst twee maanden lang het Amsterdamse Muziektheater. In februari bracht het Nationale Ballet daar het avondvullende ballet Toverfluit van Wayne Eagling en Toer van Schayk. Het verhaal van Mozarts Die Zauberflöte werd gedanst op op allerhande Mozartmuziek, maar juist niet uit de opera Die Zauberflöte, die de Nederlandse Opera deze maand uitvoert. Het is – met een flink gewijzigde cast – een reprise van de opzienbarende en fraaie voorstelling die regisseur Pierre Audi in 1995 maakte met decors van Karel Appel. De schilder verbeeldt in grillige Cobra-stijl de natuurwereld van de Koningin van de Nacht en in quasi Mondriaan-stijl de cultuurwereld van Sarastro met zijn tempels.

Het ballet Toverfluit vertelde het verhaal van Die Zauberflöte enigszins uitgebreid, gestroomlijnd en veranderd, want er is wel kritiek mogelijk op een van de populairste opera's. De toverfluit zelf heeft geen beslissende functie in het verhaal en het stuk duurt veel te lang. Dat blijkt zelfs in deze heerlijke, gevarieerde en geestige produktie met zijn kleurrijke decors, overrompelende effecten, theatrale verrassingen, vertederende figurantenrollen van een soort Tiroler Teletubbies en langharige leeuwen die zich in hun energieke bewegingen verbeelden familie te zijn van Tina Turner.

Verder is er nog verbazingwekkend toneeltechnisch spektakel, zoals een koor van vurige geharnasten en een fontein van brandend water. Hartmut Haenchen laat het Nederlands Kamerorkest een intense en dramatische uitvoering geven van Mozarts laatste operamuziek. Toch lijkt vooral de tweede acte soms eindeloos.

Die lengte wordt deels veroorzaakt door de vele gesproken teksten, die niet elke zanger liggen. Zo kan Mary Dunleavy als Koningin van de Nacht beter haar beroemde wraak-aria zingen dan haar teksten opzeggen. Maar Alexander Oliver (Monostatos) is zo mogelijk nog animerender als acteur dan als zanger.

De Canadees Gordon Gietz (een uitstekende Tamino) heeft weinig problemen met zijn teksten. Bij de Pamina van Christine Schäfer maken haar acteerkwaliteiten niet uit: haar zingen is hier fabuleus, haar aria's zijn de hoogtepunten van de avond.

Toverfluit kon niet op tegen Die Zauberflöte mèt zang en mèt de muziek van Die Zauberflöte, hoe kleuterachtig soms de Papageno-muziek is, juist voor de Papageno van Andreas Schmidt die hier wel irritant eigenzinnig is, maar ook cynisch en zeker niet de ouderwetse simpele vogelvanger. Maar wie Toverfluit zag, bekijkt Die Zauberflöte toch met andere ogen. In het ballet waren de Koningin van de Nacht en Sarastro rivaliserende echtelieden. Deze voorstelling sluit dat zinvolle idee niet uit.

Voorstelling: Die Zauberflöte van W.A. Mozart door de Nederlandse Opera en Ned. Kamerorkest o.l.v. Hartmut Haenchen. Decor: Karel Appel; regie: Pierre Audi. Gezien: 5/3 Muziektheater Amsterdam. Herh.: t/m 28/3.