Vertragingen werpen smet op stijgende NS-prestaties

De Nederlandse Spoorwegen voelen zich al een echt bedrijf. Als bewijs wordt dit jaar voor het eerst sinds 1960 dividend uitgekeerd. Enige smet op de stijgende financiële prestaties is de achterblijvende punctualiteit van de treinen.

Nu nog de treinen op tijd laten rijden. Voor bestuursvoorzitter R. den Besten van de Nederlandse Spoorwegen kan het jaar eigenlijk al niet meer stuk. Voor het vijfde jaar op rij kon hij gisteren een winststijging presenteren, deze keer met 20 procent. Dat is een prestatie waar maar weinig buitenlandse spoorbedrijven aan kunnen tippen. Branchegenoot Deutsche Bahn maakte gisteren gelijktijdig met NS bekend dat de winst over 1998 met 37 procent is gedaald. Oorzaak: het treinongeluk bij Eschede in juni vorig jaar, waarbij 101 reizigers om het leven kwamen.

Den Besten en zijn financiële rechterhand L. Schouten blaakten gisteren van zelfvertrouwen. De Spoorwegen zijn hard op weg om een `echte' onderneming te worden, was de boodschap vanuit het Utrechtse hoofdkantoor. De omzet steeg met ruim 9 procent tot bijna 5,5 miljard gulden, de nettowinst kwam 20 procent hoger uit op 197 miljoen.

Als bewijs van volwassenheid heeft de NS-top besloten dat het tijd is de Nederlandse staat te belonen voor zijn rol als kapitaalverschaffer. Voor het eerst sinds 38 jaar keren de NS een dividend uit; de overheid kan als enig aandeelhouder 20 miljoen gulden tegemoetzien.

Door de dividenduitkering willen de NS duidelijk maken dat zij voor beleggers een aantrekkelijke investering kunnen zijn. Weliswaar staat een beursgang van het bedrijf op korte termijn niet op stapel, onderstreepte Den Besten gisteren weer eens, maar hij ziet wel mogelijkheden voor een zogeheten `gedeeld aandeelhoudersschap'. In zo'n constructie kunnen de NS een of meer nieuwe aandeelhouders krijgen, terwijl de overheid haar meerderheidsbelang behoudt. ,,Maar die beslissingen worden niet door ons als bedrijf genomen, maar door de overheid'', aldus Den Besten.

Overigens houdt de staat per saldo niets aan het dividendcadeau over, omdat hij op zijn beurt nog 190 miljoen gulden als kapitaalsdotatie moet overmaken aan de NS. Die bijdrage is echter na dit jaar afgelopen. De overheidscontributie aan de exploitatie, begin jaren negentig nog 300 miljoen gulden op jaarbasis, is sinds 1997 geheel gestaakt.

Den Besten haalde de geschiedenis er maar even bij: de NS kregen in 1992 nog 450 miljoen gulden van de staat, en boekten desondanks 200 miljoen gulden verlies. Zes jaar later is de overheidsbijdrage teruggebracht tot per saldo 170 miljoen en realiseert het spoorbedrijf een nettowinst van 197 miljoen gulden.

Aan de mooie financiële cijfers kleeft nog wel een lelijke smet, zo bleek gisteren. De punctualiteit van de treinen is vorig jaar blijven steken op 83 procent, een minimale verbetering ten opzichte van de 82,1 procent in 1997.

NS-topman Den Besten gaf grif toe dat het bedrijf nog steeds veel moeite heeft de treinen op tijd te laten rijden. ,,We zijn ons ervan bewust dat we wellicht onconventionele maatregelen moeten nemen om dit probleem op te lossen.'' Hoe die maatregelen eruit zien wilde de bestuursvoorzitter niet concreet aangeven; ze zouden in de richting liggen van een efficiëntere dienstregeling en aanpassing van het sporennet.

Hij hield zich op de vlakte wat de inzetbaarheid van personeel betreft. Dit onderwerp ligt bijzonder gevoelig onder de 10.000 conducteurs en machinisten van NS Reizigers (de divisie personenvervoer). Eén verkeerde opmerking kan de smeulende onvrede onmiddellijk doen opvlammen.

De top van NS Reizigers denkt al langer na over de mogelijkheid personeel op de treinen anders in te zetten. De NS willen graag dat werknemers meer in een vaste regio werken, maar die verzetten zich fel tegen `rondjes om de kerk'.

Het streven de treinen beter volgens dienstregeling te laten rijden komt niet alleen voort uit klantvriendelijkheid. Dit jaar zullen NS en overheid overleggen over het zogeheten `prestatiecontract voor het hoofdrailnet'. Hierin zal de overheid ook eisen stellen aan punctualiteit. Den Besten beaamde gisteren dat die eis een flink stuk hoger zal liggen dan nu realiteit is. ,,We gaan er alles aan doen om eind van dit jaar de punctualiteit op te voeren tot 87 procent. We zullen wel moeten.''