Pretenties leiden af van acrobaten

Vreemd dat Cirque du Soleil liever met muziektheater dan met circus wil worden geassocieerd. Alsof de Canadese organisatie eigenlijk neerkijkt op circus en theater sjieker vindt. Goed, Cirque du Soleil heeft geen wilde dieren, geen hoempamuziek en geen brallerige spreekstalmeester, en de aankleding is zeker theatraal. Maar het is en blijft circus; de naam zegt het al. En zodra het gezelschap kunstzinnige pretenties krijgt, gaat de voorstelling meteen de mist in.

Gisteren vond in Amsterdam de première plaats van Quidam, na Saltimbanco en Alegria de derde show in Europa van het internationale circusbedrijf. Vergeleken met de vorige shows is Quidam wat soberder. De acts krijgen meer rust en worden niet plompverloren achter elkaar gezet. Het decor is vrij leeg, de kostuums zijn veelal grijs, met hier en daar wat felle accenten. Net als in Alegria is de muziek een allegaartje van supermarkt-diarree, volksmuziek en pop; kamerbrede synthesizertapijten met zo nu en dan een mooie pakkende melodie.

Cirque du Soleil moet het vooral hebben van zijn meesterlijke acrobaten, trapezewerkers en evenwichtskunstenaars. In Quidam zitten adembenemende staaltjes acrobatiek, zo sierlijk, zo schijnbaar onmogelijk dat telkens je mond openvalt van verbazing. Vier Chinese meisjes weten op onnavolgbare wijze hun diabolo's in de lucht te houden terwijl ze op elkaars schouders springen. Een slangenmens kronkelt rond haar eigen lichaam alsof haar botten van rubber zijn.

Hoogtepunt is een acrobatisch showballet. Een Slavische groep lenige acrobaten jongleert moeiteloos met fragiele vrouwen en springt op elkaars hoofd. Steeds weer vormen zij nieuwe menselijke piramides. Het is onmogelijk en toch gebeurt het: een acrobaat completeert een mensentoren van drie hoog door er vanuit stilstand met een sierlijke salto bovenop te springen. Het is niet alleen ontzettend knap, de choreografie heeft de elegante precisie van een uurwerk; virtuoos, perfect synchroon, elegant en schoon. Het ideale circusnummer.

Helaas heeft Cirque du Soleil ook theatrale pretenties. Dus is Quidam verpakt in een flinterdun verhaaltje. Een op Juliette Binoche gelijkend wicht pakt de hoed af van een passerende vreemdeling die geen hoofd heeft. Die hoed had hij toch niet nodig, dacht ze misschien. Door de gele hoed op te zetten, belandt Binoche in wonderland en beleeft ze allerlei wonderlijke acrobatenacts. Tijdens de doodsaaie, eindeloos opgerekte entr'actes komt telkenmale een groep mysterieuze mannen in witte pakken het podium op. Zijn zij gekomen om eventueel neerstortende trapezewerkers op te vegen? Nee hoor, het is allemaal vage flauwekul. De witte mannen en andere fraai uitgedoste types staan er alleen maar om het toneelbeeld te verfraaien. Dit leidt enorm af van de hoofdacts. Als Cirque du Soleil nu eens al die pretentieuze onzin eruit zou gooien, de muziek wat zachter zou zetten en alleen maar acrobatiek zou laten zien, dan zou het het allerbeste circus ter wereld zijn.

Circusshow: Quidam door Cirque du Soleil. Regie: Franco Dragone. Choreografie: Debra Brown. Muziek: Benot Jutras. Kostuums: Dominique Lemieux. Gezien: 4/3 circustent naast Olympisch Stadion Amsterdam. Aldaar t/m 30/5. Inl. 0900-0106.