Heinz-Harald Frentzen leerde racen in een lijkwagen

Heinz-Harald Frentzen, die bij Jordan aan zijn zesde seizoen in de Formule I begint, had een bijzondere jeugd. De 31-jarige Duitser groeide op als zoon van een begrafenisondernemer. Zijn eerste auto was een lijkwagen.

Heinz-Harald Frentzen reed zijn eerste 24-uursraces in de auto van z'n vader, een lijkwagen van begrafenisonderneming Frentzen in Rheydt, een wijk in Mönchengladbach. Gastarbeiders die in het werkgebied van de Frentzens waren overleden en in hun vaderland begraven wilden worden, werden door de jonge Heinz-Harald in de zwarte zevenliter Oldsmobile overgebracht naar hun vaderland.

,,Hij maakte er een sport van zo snel mogelijk naar huis terug te keren'', herinnert vader Harald Frentzen zich, zelf zoon van een kistenmaker. Tijdens de soms 4.000 kilometer lange trips naar Spanje, Joegoslavië en Albanië én terug was Heinz-Harald meestal in het gezelschap van zijn vriendin Corinna, die nu door het leven gaat als de vrouw van Michael Schumacher. Overnachten in hotels deden ze niet. ,,Ze sliepen wel eens een paar uurtjes op een parkeerplaats langs de weg, in de auto, en niet, zoals een journalist ooit schreef, achterin de auto, tenminste niet als ze iemand wegbrachten.''

De oude Frentzen vertelt de anekdote in het kantoor van het Bestattungshaus aan de Pongserstrasse. Achter het bureau een grote houten kast met een rijk assortiment urnen, aan de muur vakdiploma's, een racekalender en kleurenfoto's van Heinz-Harald als FI-coureur. Tussen de deur en het kolossale bureau ligt een tapijt met daarop de afbeelding van het circuit van Monaco, een ontwerp van Heinz-Harald. Klanten die het vertrek betreden, komen binnen via een azuurblauwe Middellandse Zee. Naast het bureau ligt een kleed met het circuit van Hockenheim, erachter dat van São Paulo.

Met weemoed denkt Harald Frentzen terug aan de achtcylinder Oldsmobile waarin menige cliënt naar de laatste rustplaats werd gebracht. De wagen, voorzien van airconditioning, had een motorinhoud van 7.000 cc en beschikte daardoor over een gigantisch acceleratievermogen. ,,Tot in de derde versnelling ging hij net zo snel als een Porsche.'' Van het bureau pakt Frentzen twee vuistdikke stapels kleurenfoto's. Foto's van begrafenissen, erediensten, bloemen, maar die ene, van de oude Oldsmobile, blijkt er zelfs na lang zoeken niet tussen te zitten.

Als `werknemer' van de begrafenisonderneming mocht Heinz-Harald al op zijn zeventiende achter het stuur van de lijkwagen. Tot zijn 22ste verdiende hij zo z'n brood. Inmiddels heeft Frentzen sr. een chauffeur in dienst. Hij bezit twee wagens; een Mercedes en een Chrysler minibus. Daarmee kwam hij eind vorig jaar naar Uden, toen Heinz-Harald een afscheid kreeg aangeboden van de hoofdsponsor van het Williams-team waar hij de voorbije twee seizoenen reed. ,,Onderweg hebben we nog twee lijken afgeleverd bij het crematorium in Venlo'', zegt Frentzen, die zich erover beklaagt dat steeds meer mensen zich laten cremeren. ,,Een autohandelaar verkoopt toch ook liever een Mercedes dan een Volkswagen?''

Waar decennia geleden Heinz-Harald in een trapauto over de stoep en het erf van het ouderlijk huis scheurde, rijden nu zijn halfzusjes Nicole (10) en Samantha (6) rond. Beide meisjes uit het derde huwelijk van Harald Frentzen en een Mexicaanse journaliste vermaken zich op de binnenplaats. Net als Heinz-Harald groeien ze op tussen doodkisten. Harald: ,,Hij was vier toen hij een trapauto kreeg. Na een week wilde hij nieuwe banden; die waren al versleten van de vele bochten op het asfalt. Hij wilde ook een tweede trapauto, zodat hij met vriendjes wedstrijdjes rond het huis kon houden.''

Het was de bedoeling dat Heinz-Harald de zaak van zijn vader zou overnemen, maar hij koos uiteindelijk voor de autosport. Hoe kon dat ook anders, met zo'n vader. Toen Haralds eerste vrouw Angela in verwachting van Heinz-Harald was, liet hij haar rijles nemen. Niet zozeer om zijn Spaanse echtgenote een plezier te doen, maar om het ongeboren kind alvast aan autorijden te laten wennen. ,,Ik dacht toen, dan wil hij later alleen maar rijden.'' In de vijfde maand van de zwangerschap vond de rij-instructeur het niet langer verantwoord met mevrouw Frentzen op stap te gaan. Dus nam Harald haar 's avonds mee voor illegale rijlessen op een nabijgelegen kartbaan.

Toeval of niet, van jongs af aan wilde Heinz-Harald niets anders dan achter een stuur zitten. Op vakantiereizen per auto naar Spanje zat Heinz-Harald bij zijn vader op schoot. ,,Door Frankrijk en in de Pyreneeën was hij het die stuurde'', zegt Harald glimlachend. Jaren later, toen Heinz-Harald zijn hart verloren had aan de kartsport, zat hij in de Amerikaanse stationcar onderweg naar weer een race niet voorin bij zijn vader en de mecanicien, maar achterin de auto, in het kuipstoeltje van zijn eigen go-kart, draaiend aan z'n eigen stuur.

Zijn eerste rondjes reed Frentzen op die baan in Niederkruchten, waar vader aan moeder illegale lessen had gegeven. Op die kartbaan, die nu de naam van de coureur draagt, maakte Frentzen als 13-jarige zijn kartdebuut, in zijn eigen kart. ,,Ik had dat ding gekocht, terwijl ik eigenlijk een Porsche voor m'n vrouw wilde kopen'', herinnert Harald Frentzen zich. ,,Heinz-Harald was helemaal verrückt, ausgeflippt.'' De vader van coureur Jörg Müller zag in hem een talent en hielp Frentzen op weg naar kartsuccessen. ,,Hoe lang rijdt-ie al?'', vroeg Müller. ,,Een half uur'', antwoordde vader Frentzen. Hij toont knipsels uit de Rheinische Post. ,,Op z'n veertiende was hij al Duits kartkampioen.''

Zoals elke ouder van een coureur leerde Harald leven met angst. ,,Vroeger meer dan nu. Het racen is veel veiliger geworden. Toen Heinz-Harald kartte, filmde ik z'n races. Als we die films bekeken vroeg hij waarom de beelden zo bewogen. Ik zei, `dat begrijp je wel als je zelf nog eens een zoon hebt'. Heinz-Harald is voorzichtig. Hij rijdt als een gentleman. Het is geen brutale coureur die desnoods met zijn ellebogen wereldkampioen wil worden, ten koste van alles.''

De coureur vindt het leuk dat zijn vader naar hem komt kijken, tot in Japan, Australië en Brazilië, maar staat erop dat zijn vader dat nooit alleen doet. ,,Voor het geval hem ooit iets overkomt, wil hij niet dat ik alleen op de tribune zit.'' Tijdens de eerste Formule I-race van zijn zoon, in maart '94 in Brazilië waar toen ook Jos Verstappen debuteerde, vlogen enkele wagens van de baan, waaronder die van Frentzen. Zijn vader liep de tribune af en ging op zoek naar zijn zoon. Nadat hij het hele circuit had rondgelopen, bleek zijn zoon al lang in het rennerskwartier terug te zijn, zonder een schrammetje.

Achter het woonhuis staat een `museum' met foto's, bekers en zelfs auto's uit de carrière van Heinz-Harald Frentzen. Haralds vinger wijst een foto aan uit '88. Oud-Formule I-coureur Jochen Mass, destijds eigenaar van een Opel Lotus-team, staat tussen Frentzen en Schumacher in. Heinz-Harald kijkt vrolijk, de latere tweevoudig wereldkampioen Formule I is zichtbaar teleurgesteld. ,,Kijkt Michael hier blij of niet?'' vraagt Frentzen naar de bekende weg. ,,Hij krijgt hier van Mass te horen dat hij te langzaam was en niet bij het team mocht blijven. `Jij moet naar huis', zegt Mass hier tegen hem.'' Heinz-Harald werd er in zijn derde jaar als coureur – na twee jaar Formule Ford 2000 – wel aangenomen. Datzelfde jaar werd hij Duits kampioen.

In een belendend vertrek staat een rijk assortiment doodskisten. ,,Dit is een degelijke kist'', zegt hij, terwijl hij zijn hand op een lichtkleurig notenhouten exemplaar legt. ,,Daar kom ik zelf ook in te liggen.'' In een hoek staat een koperen kist, rijk versierd, voorzien van een dubbel deksel; de bovenste van hout, de onderste van glas. ,,Voor staatshoofden en zigeunerkoningen'', zegt Frentzen over de doelgroep van de Mexicaanse kist. Hij is trots dat hij als enige in West-Europa dit exemplaar kan leveren. Kostprijs: 25.000 Duitse Mark.

Tot slot stapt Harald een zaaltje binnen waar hij vaak met vrienden de races van Heinz-Harald bekijkt. In het vertrek heerst een voor het begrafeniswezen ideale bedrijfstemperatuur. Het is steenkoud. De muur doet op racedagen dienst als projectiescherm, aan het plafond hangt een projector, in de hoek een tv. Achter de zithoek een riante bar. Ook al vriest het bijna in het vertrek, de gastheer staat erop een ijskoud biertje te tappen. We heffen het glas. ,,Op Heinz-Harald.''