Gebuitel van vormen

Zijn hond heette Eert-de-nagedachtenis-van-de-Slag-bij-Termopilae, bij zijn deurbel stond `Charms', `Tsjarms of Sjardam heeft vandaag geen spreekuur'. Daniil Charms (1905-1942), Russisch absurdistisch schrijver, hield van mystificaties. Hij beschouwde het leven als kunst en leefde daarnaar. Bij voorkeur liep hij verkleed door Sint-Petersburg of beweerde dat hij zijn broer was (die helemaal niet bestond). Eenmaal liep hij, op een bolhoed na, naakt de Nevski Prospekt af, in de hoop te bewijzen dat het niemand op zou vallen. Helaas hield een oud vrouwtje hem aan het eind staande: `Schaamt u zich niet, jongmens!'

Charms was een excentriekeling onder de late avant-gardisten. Een vriend vergeleek hem met het kind in `De nieuwe kleren van de keizer'. Traditie en conventie hinderden zijn waarneming niet, of werden door hem geparodieerd en onderuit gehaald in zijn korte verhaaltjes. Charms en geestverwanten bespotten de Sovjet-maatschappij en haar waarden, maar ook de literatuur. Over het leven van Poesjkin schreef Charms enkele opzettelijk oersaaie anekdotes. In een verhaal over een man met rood haar heeft die man ineens geen rood haar en eigenlijk ook geen gezicht. Misschien bestaat hij niet eens, luidt het snelle einde van het verhaal, dus laten we maar over hem ophouden.

Er is de laatste jaren in Nederland veel belangstelling voor Daniil Charms, die in werkelijkheid Daniil Ivanovitsj Joevatsjov heette. In 1993 verschenen Tsjak, proza en enkele gedichten voor volwassenen, en Brieven en dagboeken. Querido brengt nu, na het proza in Nietes Welles van twee jaar terug, de gedichten voor kinderen uit. Arthur Langeveld koos en vertaalde de poezie in Een stinkdier is een prachtig beest. Gerda Dendooven illustreerde het fraai vormgegeven bundeltje. Het is voor iedereen boven de tien de moeite waard. Het werk van veel hedendaagse kinderboekenschrijvers (zoals Toon Tellegen, de Duitse Jurg Schubiger of Harriet van Reek) roept Charms in herinnering. Ook verschillende jeugdtheatermakers maakten recent voorstellingen gebaseerd op Charms' werk.

Tijdens zijn leven kon Charms maar weinig gepubliceerd krijgen. Zijn literaire groep Oeberioe (1926-1930), ook wel `de laatste stuiptrekking van het Russisch modernisme' genoemd, kon een beperkt aantal literaire voordrachten houden en werd toen verboden. Charms belandde voor enkele maanden in de gevangenis. In 1941 werd hij opnieuw opgepakt. Zijn huisbaas riep hem met een smoes naar beneden. Op de binnenplaats stond de arrestantenwagen klaar. Half aangekleed, op één pantoffel, verdween Charms. Een vriend ontfermde zich over de koffer verhalen, notities en verzen die in het appartement achterbleef. Pas in 1956, toen Charms onder Chroesjtsjov gerehabiliteerd werd, bleek dat hij in 1942 uitgehongerd stierf in een gesticht. De koffer ging open. Sindsdien bleef zijn werk in Rusland populair.

Vaak wordt in artikelen over Charms meewarig opgemerkt dat hij zich in leven moest houden met het schrijven voor kinderen. Maar wie de gedichten in Een stinkdier is een prachtig beest leest krijgt niet de indruk dat Charms schrijven voor kinderen een straf vond. De gedichten zijn naar vorm en inhoud minder onconventioneel dan veel van Charms' overige werk. Vaak hebben zij het karakter van een poppenkastmop, maar nooit zijn ze platvloers. Een hond rent achter een andere hond aan en wikkelt daarbij zijn eigen lijn rond de paal waaraan hij vastgebonden zit. Een poes met een zere poot bindt er een ballonnetje aan: `Zoiets raars had de mensheid in lang niet beleefd./ Een poes die voor drie vierde loopt door de straten/ en voor een vierde boven de straatstenen zweeft'. De onderliggende wanhoop, de onmogelijkheid tot contact of oplossingen te komen, dringt zich minder op dan in ander werk van Charms of ontbreekt zelfs geheel. Er is lucht, er is hoop, er is kans op verbetering en verandering. Uit `Er was eens een oude man' blijkt dat lachen angst bezweert en drift doet verbleken.

Er is in dit boek sprake van feesten, van circussen, van optochten, van tweehonderdvijftig vrolijke sijsjes die samen een groot huis bewonen. De verzen barsten van de opgetogen uitroeptekens. In de circussen treden bevers, koeien en vliegen op. Een parade van kinderen loopt door de straat, en het is met nadruk `geen compagnie,/ geen bataljon,/ geen regiment,/ geen eskadron,/ geen legioen', het zijn gewoon bijna een miljoen jolige koters. Gerda Dendooven bereikt met haar illustraties een haast ongekende eenheid met de tekst. Voor dit vers knipte zij rijen poppetjes uit, die hand in hand langs marcheren, schuin achter de woorden langs, met opwippende staartjes en opengesperde lachende monden. Niet eerder waren zwart-wit illustraties in een kinderboek zo feestelijk.

De sfeer van tekeningen en gedichten komt overeen, beter nog dan bij het proza en Dendoovens werk in Nietes Welles. De knipsels, waarop ze met krijt lijnen aanbrengt, zijn hoekig, tegendraads, grof en subtiel tegelijk. Dendoovens vertaalslag van woord naar beeld is doordacht, geestig, vanzelfsprekend zonder voor de hand te liggen. Gemakzuchtig schattig, als veel kinderboekplaatjes, is het nooit. Wel bevat het gebuitel van vormen, mensen- en dierenfiguren, dat toch evenwichtige composities oplevert, vertederende elementen. Twee varkens dansen vergenoegd de polka.

Jammer aan Een stinkdier is een prachtig beest is eigenlijk dat het zo'n dunne bundel is. De vertaling van Arthur Langeveld is nergens gewrongen. Het metrum is ijzersterk, Langeveld doet het ritme recht. Veel verzen doen denken aan gescandeerde vraag-antwoordspelletjes op straat. Ze lenen zich bijna om te rappen. Het gedicht `Leugenaar' is een vernuftig spel van bewering en ontkenning. `Weet je wel?/ Weet je wel?/ Weet je wel?/ Weet je wel?/ Maar natuurlijk weet je wel!/ Nogal wiedes weet je wel!/ Ongetwijfeld/ Ongetwijfeld/ Ongetwijfeld weet je wel!/ / Nee! Nee! Nee! Nee!/ Wij weten echt van niets!/ Wij hebben niets gehoord!/ Wij hebben niets gezien!/ (...)'

Een stinkdier is een prachtig beest eindigt met het beroemde `Een man ging van huis', een gedicht dat vaak wordt aangewend om Charms' eigen einde weer te geven. De toon is een stuk minder vrolijk dan van de andere gedichten. Een man gaat op reis met zak en wandelstok, loopt zonder op of om te kijken rechtuit, komt bij een groot bos en verdwijnt. Niemand verneemt ooit nog wat van hem. `Maar mocht het ooit gebeuren dat/ Je nog iets van hem hoort./ Aarzel dan niet,/ aarzel dan niet,/ En zeg het aan ons voort.'

Daniil Charms: Een stinkdier is een prachtig beest. Vertaald uit het Russisch door Arthur Langeveld. Met illustraties van Gerda Dendooven. Vanaf 10 jaar. Querido, 40 blz. ƒ27,50