Belkeuze

Nu of nooit, moet de top van bank en verzekeraar ING gedacht hebben. Dochteronderneming Libertel, Nederlands' tweede aanbieder van mobiele telefonie, wordt nog dit jaar naar de beurs gebracht.

De aankondiging komt kort nadat Libertel – als laatste – heeft gereageerd op de scherpe prijzen (`kwartje per minuut') van de concurrentie. Niet zo'n gelukkig moment om te incasseren zo lijkt het, maar wachten op betere tijden heeft niet veel zin meer. Naast KPN zijn drie nieuwe aanbieders gearriveerd en het zal zeker een paar jaar duren voordat één daarvan het loodje legt.

Gelukkig heeft ING al aardig verdiend aan zijn investering in Libertel. De verkoop van twee brokjes aandelen leverde al een dikke 300 miljoen gulden aan boekwinst op. Achteraf gezien was het voorjaar van 1998 misschien een uitgelezen moment geweest voor de beursgang. Libertel maakte winst, veel eerder dan voorzien. Anno 1999 dringt de zaktelefoon door in alle lagen van de bevolking, maar staat ook de concurrentie gereed, met marketingbudgetten van tientallen miljoenen guldens en het prijswapen in de aanslag.

De aandeelhouder staat voor een moeilijke keuze. Is hij geïnteresseerd in een beursgenoteerd belang van slechts 25 procent, dat de Brits-Amerikaanse moeder (Vodafone/Airtouch) van Libertel niet heeft willen overnemen? Of koopt hij toch liever aandelen in het moederbedrijf, een reus in mobiele telefonie die met een belang van 70 procent bij zijn Nederlandse dochter de touwtjes strak in handen houdt.