Machtsstrijd reden pauze `Rambouillet'

In Rambouillet vroegen de Kosovo-Albanezen twee weken voor `consultaties met de achterban' voor ze het ontwerp-vredesakkoord zouden tekenen. In werkelijkheid ging het om het uitvechten van een machtsstrijd. En die is nu gewonnen. De Albanezen kunnen op 15 maart tekenen.

Natuurlijk zou Bajram Kosumi, politicus en lid van de Albanese delegatie die onderhandelde over een vredesakkoord met de Serviërs, nu graag door Kosovo reizen. Om de Albanezen uit te leggen wat er in dat akkoord staat, en om te horen wat ze ervan vinden. Want dat was de bedoeling van het uitstel van ruim twee weken dat de Albanese delegatie in Rambouillet vroeg. Na `overleg met de Albanese bevolking' zou het akkoord ondertekend worden. ,,Maar als ik nu naar het zuidwesten ga'', zegt hij, ,,kom ik terug in een doodkist.''

Het is niet alleen de oorlog in Kosovo die de delegatieleden tegenhoudt om te doen wat ze hadden aangekondigd. Ze weten ook nauwelijks waar ze met hun `consultaties' moeten beginnen. De politieke partijen organiseren bijeenkomsten voor hun actieve leden. Delegatielid Veton Surroi publiceert hoofdstukken uit het akkoord in zijn krant. En de vertegenwoordigers in Rambouillet van het Kosovo Bevrijdingsleger UÇK vertellen commandanten en soldaten wat de overeenkomst betekent.

Maar de Albanezen in de dorpen, de Albanezen die geen kranten lezen, en de duizenden die op de vlucht zijn voor de gevechten? Bajram Kosumi, vice-voorzitter van de Verenigde Democratische Beweging: ,,Er zijn te weinig organisaties, we hebben de instituties nog niet om mensen te bereiken.''

Toch zeggen de delegatieleden, net een week terug in Kosovo, dat ze het nu al zeker weten: een `overgrote meerderheid' van de bevolking is vóór. Als er niks tussenkomt, een groot Servisch offensief bijvoorbeeld, tekenen de Albanezen op 15 maart het akkoord. Op die dag moeten delegaties weer in Frankrijk zijn.

Albanese politici die in Rambouillet waren, geven nu toe dat de extra weken niet ècht bedoeld waren voor overleg thuis. ,,Dit uitstel werd alleen maar gevraagd voor het UÇK'', zegt Edita Tahiri, delegatielid voor de Democratische Liga van Kosovo (LDK), de partij van de gematigde leider Ibrahim Rugova. De UÇK-leden in de delegatie hadden tijd nodig om een interne machtsstrijd te winnen: hun politieke vertegenwoordiger Adem Demaçi verzette zich vanuit Kosovo hevig tegen de overeenkomst. Hij vond dat de Albanezen met niets minder akkoord moesten gaan dan onafhankelijkheid, of ze moesten doorvechten. Dinsdag legde Demaçi zijn functie neer.

Een dag later zijn de Albanese onderhandelaars voorzichtig opgelucht. ,,Demaçi was een obstakel voor het vredesakkoord'', zegt Hydajet Hyseni van de Verenigde Democratische Beweging. ,,Dat obstakel is verdwenen.'' Hyseni verwacht dat nu ook het UÇK het akkoord steunt. Maar hij zegt er onmiddellijk bij wat bijna iedere Albanees zegt over Demaçi: dat hij respect voor hem heeft, ,,zelfs als hij fouten maakt''. Demaçi, die 28 jaar gevangen zat, is het symbool van het Albanese verzet tegen Servische onderdrukking.

De delegatieleden hopen dat Demaçi vanaf nu niet de tegenstanders van het vredesakkoord om zich heen gaan verzamelen. Zo gelukkig zijn ze zelf ook niet met de overeenkomst van Rambouillet, zeggen ze. De paragraaf over het Haagse Tribunaal voor oorlogsmisdaden in ex-Joegoslavië, waar ook de verantwoordelijken voor wreedheden in Kosovo berecht zouden moeten worden, verdween uit het akkoord. De regering in Belgrado houdt grote invloed op de economische ontwikkeling van Kosovo. En er zijn nog twijfels of er werkelijk na drie jaar een referendum komt over onafhankelijkheid – ook al heeft de delegatie een brief van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Albright waarin dat referendum wordt beloofd. ,,Wij zijn net zo radicaal als Demaçi'', zegt Edita Tahiri van de LDK. ,,Ons doel is niet vrede, ons doel is onafhankelijkheid. Maar dit akkoord is een compromis, het resultaat van onderhandelingen.''

In de Albanese delegatie zitten vertegenwoordigers van partijen in Kosovo die vóór Rambouillet nog weigerden met elkaar te praten. In Frankrijk gedroegen ze zich opvallend eensgezind. ,,Eindelijk drong door dat we allemaal hetzelfde willen'', zegt Veton Surroi, hoofdredacteur van Koha Ditore, de belangrijkste krant in Kosovo. ,,Dit was een historisch moment, omdat we zelf konden beslissen over onze toekomst.''

Maar die beslissing werd uiteindelijk toch twee weken uitgesteld. ,,Het ontbrak onze delegatie aan diplomatieke vaardigheden'', zegt Edita Tahiri, buitenland-adviseur van Rugova. ,,We hadden het akkoord meteen moeten ondertekenen.'' Maar de UÇK-vertegenwoordigers in Rambouillet durfden niet. In Kosovo zelf zeiden UÇK-commandanten dat de onderhandelaars zouden worden doodgeschoten als ze akkoord gingen met een overeenkomst die niet de onafhankelijkheid van Kosovo garandeerde. Drie dagen voor de tweede deadline in de onderhandelingen ging UÇK-vertegenwoordiger Thaçi naar Slovenië voor geheim overleg met Adem Demaçi. Demaçi overtuigde hem: na het gesprek veranderde de aarzeling van de UÇK-delegatieleden in een definitieve weigering om het akkoord al op dat moment te tekenen.

Edita Tahiri: ,,Misschien kunnen we onze reputatie nog redden. Als we nu heel snel, wat ons betreft komend weekend al, de overeenkomst ondertekenen.'' Deze woensdagmiddag zit ze in het LDK-kantoor in het centrum van Priština, de hoofdstad van Kosovo. In het stadion naast haar kantoor houden Servische nationalisten een protestbijeenkomst. Ze schreeuwen en schieten in de lucht. Tahiri laat foto's zien die de Albanese delegatieleden van elkaar hebben gemaakt tijdens de onderhandelingen in het kasteel in Rambouillet. Ze zien er uitgeput uit. ,,De hele eerste week'', zegt Tahiri, ,,werden we 's nachts wakker gehouden door de leden van de Servische delegatie. Wij hadden onze kamers op de derde verdieping, zij op de tweede. Tot 's ochtends vroeg waren de Serviërs aan het drinken en lawaai maken. Ze zongen nationalistische liedjes om ons te provoceren.''

Volgens Tahiri hebben de Albanezen geleerd om die provocaties te negeren. De delegatieleden klaagden niet over de herrie. ,,Alleen toen Madeleine Albright probeerde om ons met de Serviërs aan één tafel te krijgen, hebben we gezegd dat dat niet nodig was. Omdat we 's nachts al contact met ze hadden.''