Jeltsin wil breuk met IMF helen

President Boris Jeltsin heeft vanaf zijn ziekbed laten weten persoonlijk de impasse tussen zijn land en het IMF te willen doorbreken. ,,Hij bereidt zich voor zich ermee te bemoeien'', zei de tweede man van de Kremlin-staf, Oleg Sisoejev, gisteren. Zijn uitlating komt nadat in Moskou met woede en ongeloof is gereageerd op de opmerking van IMF-directeur Michael Camdessus dat Rusland voorlopig niet kredietwaardig is. De Russische vice-premier Joeri Masljoekov, een planeconoom aan wie het macro-economisch beleid is toevertrouwd, noemde de houding van Camdessus ,,onfatsoenlijk''.

Minister Michail Zadornov waarschuwde gisteren in de Financial Times dat Moskou op grote schaal zijn verplichtingen niet zal nakomen als voor april geen vers IMF-krediet binnenkomt. Zijn woordvoerder voegde er aan toe dat Rusland dan geld moet bijdrukken, met het gevaar op hyperinflatie. Rusland heeft dit jaar 17,5 miljard dollar aan schuldverplichtingen te voldoen, maar heeft al laten weten slechts de helft te kunnen ophoesten. Eerdere IMF-leningen (zo'n 4,5 miljard dollar) moeten in mei terugbetaald zijn. De reserves van de Centrale Bank zijn in anderhalf jaar gehalveerd, van 23 miljard dollar in de herfst van 1997 tot 11,4 miljard dollar. In de door het IMF als ,,onrealistisch'' bestempelde begroting voor 1999 heeft Rusland aan de inkomstenzijde alvast IMF-kredieten ingeboekt. Vorige zomer kwam het IMF nog met een tranche van 4,2 miljard dollar over de brug, waarna de roebel alsnog instortte.

Volgens de leider van de liberale Jabloko-partij, Grigori Javlinksi, heeft Camdessus hieruit lering getrokken. De vorige vice-premier Boris Fjodorov roept Camdessus openlijk op niets aan Rusland te lenen.

Premier Primakov gaat in april naar Washington voor een gesprek met vice-president Gore en mogelijk ook Camdessus. Jeltsin zal na zijn herstel naar verwachting zijn ambtgenoot Clinton bellen, kennelijk in de hoop dat te elfder ure toch een deal met het IMF wordt gesloten.

De politieke verschillen zijn echter groot – zo wil het Verenigde Koninkrijk niets weten van een Europese belasting – en alle landen willen de mogelijkheid houden achtergebleven regio's te stimuleren. ,,Een vloer in de belastingdruk'', is het antwoord van Van der Lande. ,,Je kan afspreken wat de effectieve lastendruk mag zijn in een lidstaat, wat voor regelingen die ook heeft. Een speciaal bureau in Brussel zou dat met onze meetmethode kunnen controleren. Achtergebleven regio's mogen daar wat onder gaan zitten, terwijl gebieden met grote vestigingsvoordelen – ik noem maar wat: Schiphol – het zich kunnen veroorloven erboven te gaan zitten.''