Franse politiek bezint zich op rol van vrouw

Vrouwen spelen een ondergeschikte rol in openbare functies in Frankrijk. De grondwetswijziging die daaraan een einde moet maken, leidt tot veel tumult.

De Franse Senaat wil niet ouderwets lijken. De voor negen jaar gekozen vertegenwoordigers van `la France profonde', het niet-Parijse Frankrijk, hebben na maanden hun verzet opgegeven tegen een wetsontwerp dat gelijke kansen wil scheppen voor mannen en vrouwen in de politiek.

De strijd is pittig en wordt op het (bijna) hoogste niveau uitgevochten. De president van de Republiek en de minister-president zijn vóór, al is de vraag waarvoor precies. Om dat te verhelderen zijn de dames Chirac en Jospin in het strijdperk getreden. Sylviane Agacinski, filosofe en echtgenote van de premier, heeft zich uitgesproken voor gelijke aantallen mannen en vrouwen in openbare functies. Bernadette Chirac antwoordt vandaag in Le Figaro: meer vrouwen in het openbare leven, ja, maar geen quota.

Het debat vernauwde zich de afgelopen weken soms tot stereotypen, maar de opiniepagina's hebben ruimte geboden aan tal van vrouwen, en mannen, die nuanceringen aandroegen. Agacinski verzet zich tegen een (door haar vooral in de Verenigde Staten gesitueerd) `abstract universalisme' dat ieder onderscheid tussen mannen en vrouwen van de hand wijst. Haar `nieuwe feminisme' definieert als een nieuwe verworvenheid `het erkennen van de seksuele dualiteit als het enige universele verschil binnen de mensheid'. Om dat recht te doen moet de wet vrouwen de kans garanderen te ontkomen aan de `valse gelijkheid van nu' die `vrouwen van de kaart veegt'.

Groot bestrijdster van de lijn-Agacinski was steeds Elisabeth Badinter. Zij verdedigde een humanistische visie die discriminatie voor het goede doel afwijst. ,,Het doel en de middelen worden verward'', hield zij de regering voor. Naarmate de laatste maanden duidelijker werd dat de door rechts gedomineerde Senaat haar argumenten ge- of misbruikte, heeft Badinter wat afstand genomen. ,,In Zweden zijn vrouwen een vrijwel even grote rol in het openbare leven gaan vervullen, zonder dat de Grondwet dat afdwong'', houdt zij overigens vol.

Chirac en Jospin kunnen gerust zijn: een ruime meerderheid van het Franse volk staat achter pogingen om de ongelijkheid te verminderen. Frankrijk heeft in Europa alleen Griekenland achter zich als het gaat om het aandeel van vrouwen in de Assemblée Nationale, de Franse Tweede Kamer: 10,4 procent (Nederland 36 procent, achter Zweden 42,7). De Senaat is het zuiverste mannenbolwerk: 5,9 procent vrouwen. In de regering valt het mee: 34 procent (Nederland 31). In de hogere categorie Franse ambtenaren is 13 procent vrouwen doorgedrongen, terwijl 57 procent van de ambtenaren geen man is. Van de burgemeesters is 7,5 procent vrouw.

Om de toegang van vrouwen tot politiek en bestuur te verruimen wil de regering aan de Grondwet een bepaling toevoegen die zegt dat 'de wet gelijke toegang bevordert'. Sinds december is het wetsontwerp heen en weer gegaan tussen Assemblée Nationale en Senaat. De weigering van de Senaat leidde ertoe dat de Tweede Kamer de tekst verhardde: 'de wet bepaalt gelijke toegang'. Om de Grondwet te kunnen wijzigen moeten beide kamers het eens zien te worden.

Onder druk van president Chirac, die zijn gezag over de rechtse meerderheid in de Senaat deed gelden, is een compromis nu toch in zicht gekomen. Dat laat het aan later te schrijven wetten over aan te geven hoe de gelijkheid in de praktijk wordt bevorderd. Minister van Justitie Elisabeth Guigou liet vanmorgen in de Senaat in het midden hoe dat precies zou gebeuren. Zij moet eerst de linkse meerderheid in de Assemblée weer terug zien te krijgen bij het eerste voorstel.