Effect maatregelen integratie onbekend

Allochtonen moeten integreren in de Nederlandse samenleving. Daartoe heeft de overheid een scala aan maatregelen ingevoerd. Liefst 230 maatregelen telde de Algemene Rekenkamer in 1996 en 1997, bedoeld om de participatie van minderheden te bevorderen en de socaal-economische achterstand te verminderen, blijkt uit een rapport van diezelfde Rekenkamer. Vandaag is het rapport verschenen. Maar sorteren al die maatregelen ook effect? Dat valt nauwelijks te meten, schrijven de onderzoekers. In slechts drie procent van de 230 maatregelen konden zij nagaan of tijd, energie en geld goed waren besteed. In de andere gevallen kwamen ze daar niet of nauwelijks achter. Dan was het doel van de maatregelen niet duidelijk genoeg geformuleerd of werd de werking van de maatregelen te weinig geëvalueerd, aldus de onderzoekers. In 86 procent van de gevallen verzuimden de organisaties bijvoorbeeld aan te geven binnen welke termijn de doelstelling gerealiseerd moest zijn. Wel gaf de overheid volgens een schatting van minister Van Boxtel (Grote steden- en integratiebeleid) vorig jaar 1,5 miljard gulden uit aan integratiebeleid.

De ministeries van Volksgezondheid en Onderwijs vaardigden de meeste maatregelen uit: 127 van de 230. Dieper gaat de Rekenkamer in op taallessen voor buitenlanders, Nederlands als Tweede Taal (NT2). Het programma, dat 400 miljoen gulden per jaar kost, wordt wel regelmatig geëvalueerd. De kwaliteit ervan is verbeterd, menen de onderzoekers, maar een vergelijking van de gegevens blijft lastig – de instanties hanteren namelijk verschillende definities.

De betrokken ministers zien in het rapport ,,goede aanknopingspunten'' om de onderbouwing en evaluatie van het integratiebeleid te verbeteren.