Sharon wil uitstel Israels verkiezingen

Onder druk van de `Libanese crisis' heeft de Israelische minister van Buitenlandse Zaken Ariel Sharon gisteravond voorgesteld om de algemene verkiezingen enkele maanden uit te stellen.

Op 17 mei gaat Israel naar de stembus voor het kiezen van een premier en een nieuw parlement. Sharon suggereert de vorming voor van een `nationale noodregering' van Likud en de Arbeidspartij, hangende de vaststelling van een nieuwe verkiezingsdatum. Een dergelijke regering moet volgens hem beslissen over het eenzijdig terugtrekken van het Israelische leger uit Zuid-Libanon, over de uitvoering van het akkoord van Wye Plantation met de Palestijnen en over het begin van onderhandelingen over de uiteindelijke oplossing van het Palestijnse vraagstuk.

Sharons opmerkelijke initiatief heeft van de Arbeidspartij een koude douche gekregen. Volgens woordvoerders van de Arbeidspartij geeft premier Netanyahu thans via Sharon toe dat zijn Libanese politiek – die erop is gericht de Libanese kwestie te isoleren van vredesoverleg met Syrië over de Golan-hoogvlakte – is mislukt.

Het initiatief van Sharon volgde op de verkiezingsbelofte van de socialistische partijleider Ehud Barak dat een door hem te vormen regering het Israelische leger binnen een jaar uit Libanon zal terugtrekken. Netanyahu kwam snel daarna uit met de belofte daar ook naar te zullen streven. De Libanese problematiek is na het sneuvelen van zeven militairen binnen twee weken het belangrijkste agendapunt van de verkiezingscampagne geworden.

Netanyahu is volgens commentatoren door Barak over Libanon in het defensief gedrongen. Het voorstel van Sharon van gisteren wordt dan ook gezien als een poging van Netanyahu en Sharon om de rollen om te draaien.

De multinationale commissie die toezicht houdt op het akkoord van 1996 over Libanon heeft vanmorgen bepaald dat ,,een gewapende groep'' zaterdag twee raketten op Israel heeft afgeschoten en daarmee dat akkoord heeft geschonden. De commissie waarin de VS, Frankrijk, Israel, Syrië en Libanon zitting hebben, kwam bijeen in Naqoura. Israelische militaire kringen hielden er rekening mee dat een Palestijnse groep achter deze aanval zat.