Orkest schort zaak tegen ministerie op

Het Koninklijk Concertgebouworkest heeft in overleg met het ministerie van OCW een rechtszaak over de `7-procentnorm' bij het spelen van Nederlandse muziek tegen het ministerie opgeschort.

Dat zei directeur Jan Willem Loot gisteren bij de presentatie van het nieuwe seizoenprogramma.

Het orkest is in gesprek met de nieuwe staatssecretaris Van der Ploeg (cultuur) en verwacht dat hij in zijn komende Cultuurplan met andere voorstellen voor de uitvoering van Nederlandse muziek zal komen dan voorganger Nuis. Die verplichtte, met instemming van de gehele Tweede Kamer en op straffe van een boete, de orkesten minstens zeven procent van hun tijd op het podium te besteden aan het spelen van Nederlandse muziek.

Het Concertgebouworkest had principiële bezwaren tegen aantasting van artistieke vrijheid, achtte de maatregel in strijd met Europese regelgeving tegen discriminatie en vond dat het als een van de toporkesten in de wereld een artistiek hoog niveau moet handhaven. Nuis had in de laatste maanden van zijn bewind al voorgesteld om voor elk orkest te komen tot een eigen norm. Van der Ploeg zei in november in de Tweede Kamer dat hij tijdens de hernieuwde discussie met de orkesten over algemene modernisering van het repertoire `voorlopig' geen boetes zal opleggen voor het niet-nakomen van de `7-procentnorm'. Het orkest zegt dat het vooral moeilijk is om buitenlandse gastdirigenten te bewegen Nederlands repertoire te dirigeren. Niettemin doen Esa-Pekka Salonen, Christian Thielemann en Gerd Albrecht dat het komende seizoen wel. Het orkest voert werk uit van Theo Verbey (de première van Alliage en zijn bewerking van de Sonate op. 1 van Berg), Peter Schat (De hemel), Otto Ketting (Eerste symfonie), Rudolf Escher (Six épographes antiques) en Hendrik Andriessen (Symfonische etude). Verder staan eigentijdse stukken van Adams, Ligeti, Kurtág, Scelsi, Henze en Schnittke op programma.

Het Concertgebouworkest opent het seizoen met concerten onder leiding van eredirigent Bernard Haitink en begint het jaar 2000 met twee uitvoeringen onder leiding van chef-dirigent Riccardo Chailly van Mahlers monumentale Achtste symfonie, die op de cd zal worden gezet. Chailly dirigeert van Mahler verder de symfonieën nrs 4 en 10 (in de versie van Deryck Cooke) en de wereldpremière van een klein bezette versie van de liederencyclus Des Knaben Wunderhorn met vier solisten. Onder leiding van Chailly begeleidt het orkest ook Verdi's Aida bij de Nederlandse Opera. De dirigenten Kurt Masur en Markus Stenz zullen voor het eerst voor het orkest staan.