Haagse piëteit bij dood Heerma

Het overlijden van oud-CDA-fractieleider Heerma oogstte gisteren opmerkelijk veel reacties binnen de Haagse politiek.

Het televisiedebat tussen de politieke kopstukken over de Statenverkiezingen ging niet door. Minister-president Kok stond uitgebreid de pers te woord. Andere politieke leiders staakten hun campagne-geraas.

De dood van oud-CDA-fractieleider Enneüs Heerma bracht een dag voor de Statenverkiezingen het radarwerk van de politiek tot stilstand. Hoewel de overledene al twee jaar uit de landelijke politiek weg is, daarna de publiciteit heeft geschuwd, en als fractievoorzitter geen gunstig imago had, was de aandacht voor zijn overlijden groot.

CDA-fractiesecretaris Hillen, destijds één van de tegenstanders van Heerma, zoekt de verklaring van de vele aandacht in ,,de sfeer van tragiek die om Enneüs hing en die nu bij zijn overlijden weer naar buiten komt. Hij belichaamde het CDA in diepe ellende. Door zijn authenticiteit als echte Fries, kreeg die ellende een extra accent.''

Ook de antirevolutionaire achtergrond van Heerma speelt mogelijk een rol, aldus de katholiek Hillen. ,,Wim Kan heeft eens gezegd: `Au fond zijn we een antirevolutionair volk. We hebben er een handvol van, maar ze drukken wel een stempel op ons'. Zodra er bij ons iets antirevolutionairs gebeurt, gaat dat gepaard met een ernst en waardigheid die de grondtoon van Nederland uitdrukt.''

Misschein was het daarom dat sommige reacties op het overlijden gisteren uitliepen op kritiek op de televisie-democratie. Zo zei oud-premier Lubbers, overigens een tegenstander van Heerma als mogelijk lijsttrekker in 1998: ,,Heerma was geen man voor een glad antwoord. Dat hij geen spetterende persoonlijkheid in de media was, nam ik voor lief''. CDA-Kamerlid Biesheuvel meende: ,,Iedereen roemde Heerma`s integriteit, maar het leek wel alsof we die eigenschap in het televisietijdperk niet voor het voetlicht konden krijgen. We moesten erover vertellen.''

Uitgerekend de televisie ondervond dan ook de gevolgen van Heerma's overlijden, omdat het slotdebat van de campagne tussen de landelijke kopstukken niet doorging.

VVD-leider Dijkstal zei daarover gisteren in Breda: ,,Dat het televisiedebat niet doorgaat, verstoort het democratische proces niet. Het zijn tenslotte provinciale verkiezingen, en landelijke thema's kunnen daarbij gemist worden. We onthouden ons vanavond van uitspraken over landelijke onderwerpen. We zullen ook geen poging doen morgen een kop in De Telegraaf te halen.''