Bruno Ganz

In een reeks profielen van hedendaagse sterren deze week Bruno Ganz, de innemende en introverte acteur die in `L'éternité et un jour' als de ten dode opgeschreven dichter Alexander zijn leven overdenkt.

Bezoekers van het afgelopen filmfestival van Rotterdam hadden hem kunnen tegenkomen. Niet dat ze hem herkend zouden hebben, want de introverte acteur liep ver van het festivalgewoel, in een oude winterjas alweer te mijmeren over de volgende rol die hij zou spelen. Op de planken. Want hoewel hij met een slordige twintig filmtitels op zijn naam inmiddels tot een van de vooraanstaandste representanten van de Europese cinema is gaan behoren, is Bruno Ganz voor alles een theateracteur, altijd met `het vak' in de weer. ,,De gelukkigste momenten van mijn leven hebben altijd iets te maken met de rol waarmee ik op dat moment bezig was'', verklaarde hij onlangs in een Berlijnse krant die hij een zeldzaam interview toestond over zijn vertolking van Goethe's Faust. Een gedroomd personage: ,,Mijn favoriete rollen hebben te maken met het zoeken naar identiteit.''

Zijn acteerdebuut maakte Bruno Ganz (Zürich, 21 maart 1941) evenwel op het witte doek, in de in vergetelheid geraakte Zwitserse productie Der Herr mit der schwarzen Maske (1960, Karl Suter). Op de bühne groeide hij met rollen van moderne Duitstalige auteurs echter binnen een paar jaar uit tot een van de jeune prémiers van zijn generatie. Eind jaren zestig trok hij naar Berlijn, waar hij met de toonaangevende theatermaker Peter Stein de Berliner Schaubühne oprichtte, waarmee hij tot op de dag van vandaag optreedt.

De Zwitser Ganz werd daarmee een van die in Berlijn residerende ontheemde wereldburgers en het is daarom dat hij zo moeiteloos vereenzelvigd kan worden met zijn rol van Damiel, de beminnelijke engel-die-mens-wordt in Wim Wenders' Der Himmel über Berlin (1987). De film werd een onwillekeurige spil van zijn carrière, die hem weer samenbracht met een aantal cruciale personen uit zijn loopbaan. Met regisseur Wim Wenders maakte hij eerder Der amerikanische Freund (1977), die tevens producent was van het door scenarioschrijver Peter Handke geregisseerde Die linkshändige Frau (1977). Met mede-engel en Schaubühne-collega Otto Sander regisseerde Ganz in 1982 het documentaire portret Gedächtnis over de Berlijnse theaterlegende Curt Bois, die ook weer in Der Himmel über Berlin is te zien.

Ganz' eerste grote film was Eric Rohmers Die Marquise von O... (1975). Andere noemenswaardige rollen zijn Jonathan Harker in Nosferatu - Phantom der Nacht (1979, Werner Herzog) en Professor Bruckner in The Boys from Brazil (1978, Terry Gilliam). Toen al werd duidelijk waarom het nooit wat zou worden met Ganz' internationale carrière: zijn Duitse accent was te overheersend om ooit verstaanbaar Engels op te leveren. Daarom aarzelde Ganz geen moment toen Theo Angelopoulos hem, na Marcello Mastroianni, Michel Picoli en Jean-Louis Trintignant, vroeg voor L'éternité et un jour, ook al moest hij er genoegen mee nemen dat hij (door de regisseur zelf overigens) zou worden nagesynchroniseerd.