'Gewichtsgat' bij El Al-Boeing

De enquêtecommissie die de Bijlmerramp onderzoekt dacht met de vondst van aanvullende papieren over 20 ton lading de vrachtdocumentatie van de rampvlucht compleet te hebben. Dat blijkt echter niet zo te zijn.

Twijfel was er altijd al. Iedere luchtvrachtdeskundige die de documentatie van El Al-vlucht LY 1862 van 4 oktober 1992 serieus bestudeerde, wees al snel op een opmerkelijk feit. In de papieren over de lading die vanuit New York verzonden was naar Tel Aviv, bijna één-derde van de totale inhoud van het vrachttoestel, zit een groot gewichtsverschil. Deze goederen, verdeeld over zestien pallets, zouden volgens de lijst van bijbehorende vrachtbrieven (het `cargomanifest') 35.296 kilo moeten hebben gewogen. Maar dat aantal komt niet overeen met de werkelijkheid. Alle zestien pallets zijn in New York immers op de weegschaal geweest en de wijzer stond stil bij 42.718 kilo. Trek daar het gewicht van de pallets en het verpakkingsmateriaal vanaf (2.350 kilo) en er blijft een verschil van 5.072 kilo over tussen de gewogen en de papieren werkelijkheid.

De afgelopen jaren is gebleken dat dit `gewichtsgat' nauwelijks te verklaren is. Hoogstwaarschijnlijk is het gewogen getal van 42.718 kilo het juiste. Voor de vliegveiligheid is het van cruciaal belang dat er, vanwege de trim- en balanseigenschappen van het toestel, met deze weegbriefjes niet gerommeld wordt. Maar waarom staat op het cargomanifest een ander cijfer? Een directeur van een groot vrachtafhandelingsbedrijf, die uit concurrentieoverwegingen niet met zijn naam in de krant wil, noemt het verschil te groot: ,,Het kan voorkomen dat er een paar honderd kilo's licht zit tussen de opgetelde getallen van het cargomanifest en het gewogen gewicht, maar vijfduizend kilo komt overeen met bijna twee volle pallets.'' De vraagtekens rijzen vooral bij de lading die in New York voor Tel Aviv ingeladen werd. De vracht Amsterdam-Tel Aviv klopt wel: daar zijn de opgetelde gewichten van het cargomanifest en de weegbriefjes nagenoeg gelijk.

Afgelopen week werden de twijfels alleen maar groter toen de parlementaire enquêtecommissie plotseling een veel verfijnder cargomanifest van de lading uit New York in handen kreeg dan tot dan toe bekend was. Tot een paar dagen geleden was er alleen een cargomanifest beschikbaar dat niet veel meer inhield dan een opsomming van de vrachtbriefnummers met een gewicht. Het nieuwe document geeft echter ook de zogenoemde `palletindeling'. Zo kan er precies worden vastgesteld welk deel van de vracht met bijbehorende vrachtbrief op welke positie in het vliegtuig stond. Met de weegbriefjes van de afzonderlijke pallets in de hand, kan vervolgens worden vergeleken of het aantal kilo's dat op dit cargomanifest staat overeenkomt met het gewicht van de pallet op die plek. Vreemd genoeg was dit document er altijd wel voor de lading vanuit Amsterdam, maar tot voor kort dus niet voor de lading New York-Tel Aviv.

Analyse van dat nieuwe document laat zien waar de gewichtsverschillen precies zitten. Zo staat op het cargomanifest dat er op een pallet rechtsonder in het benedendek van het vliegtuig slechts 437 kilo zou zijn vervoerd. In werkelijkheid, zo bewijzen de weegbriefjes, woog deze pallet op 4 oktober 2.524 kilo. Het is onbekend wat dat voor goederen waren. De bijbehorende vrachtbrief geeft aan dat de 437 kilo deel uitmaakt van een grotere zending van 5.853 kilo, die slechts als samengestelde lading (,,consolidation as per attached manifest'') staat aangegeven. Het is onduidelijk of de rest ook bij deze vrachtbrief behoorde of een aparte zending was. Aanvullende papieren ontbreken. Zo zijn er meer `mysterieuze pallets'. Linksonder in het benedenruim bijvoorbeeld is er eveneens 760 kilo die niet op het manifest voorkomt; drie pallets verderop gaat het om nog eens 1.516 kilo. Ook hier betreft het een zending die deel uitmaakt van een nietszeggende bijbehorende vrachtbrief van 6.743 kilo. Ook de pallets waarop de ontbrekende twintig ton lading zat waarvan de afgelopen weken plotseling onderliggende papieren boven water kwamen, roepen onduidelijkheden op. Volgens het cargomanifest gaat het in totaal om 16.663 kilo, maar de pallets waarop deze goederen stonden blijken bij elkaar afgewogen voor ruim duizend kilo meer, exclusief palletgewicht en verpakkingsmateriaal. Op de bijbehorende vrachtbrief staat weer een ander getal: 19.148 kilo.

Al deze zendingen zijn waarschijnlijk opgedeeld in `part shipments', maar het is onduidelijk welk gedeelte van de vracht zich aan boord van vlucht LY 1862 bevond en, belangrijker, wat het precies was. Opvallend is verder dat uitgerekend bij deze zendingen vermeld staat dat de ,,originele documenten aan boord waren van vlucht LY 008 op 3 oktober'', een rechtstreekse El Al-passagiersvlucht New York-Tel Aviv een dag eerder. Deze documenten zijn nooit opgevraagd.

Het recent gevonden cargomanifest laat zien dat het op 4 oktober 1992 onvolledig was ingevuld: op een aantal palletposities is meer vervoerd dan het manifest aangeeft. Buiten de beruchte `twintig ton', bestaat er nóg ruim 4.000 kilo `ongeïdentificeerde' lading. Gezien de tijdsdruk waaronder de enquêtecommissie moet werken, zal het moeilijk worden om hierover nog exacte informatie te krijgen. Daarvoor zijn immers alle onderliggende documenten (`House Airwaybills') van de betrokken vrachtbrieven èn de papieren van vlucht LY 008 op 3 oktober nodig. Daarnaast moet worden aangetoond welk deel van de vrachtbrief met de rampvlucht werd vervoerd.