Arbeiders `Vilvoorde' aan de slag

Twee jaar na de controversiële sluiting van de Renault-fabriek in het Vlaamse Vilvoorde, hebben negen op tien van de ruim drieduizend ontslagen werknemers weer werk gevonden. Ze konden onder meer terecht bij autofabriek Van Hool in Lier en in distributiebedrijven. Een vierhonderdtal oudere werknemers kon blijven werken bij een restant van Renault in Vilvoorde om er onder meer chassis van de Mégane Cabrio en onderdelen van de Clio te produceren en 650 werknemers boven de vijftig gingen met vut.

De werknemers die elders werk vonden zeggen met enige spijt dat ze financieel beter af waren bij Renault. Toch is hun situatie beter dan ze hadden durven hopen, toen twee jaar geleden Renault bekend maakte dat de vestiging in Vilvoorde zou worden gesloten.

De sluiting draaide uit op een van de grootste sociale conflicten in de Belgische geschiedenis. Maandenlang werd het fabrieksterrein bezet, Renaults die klaarstonden werden `gegijzeld', werknemers demonstreerden in Brussel en Parijs en topman Schweitzer werd voor de rechter gedaagd en veroordeeld.

Onder druk van de protesten werd een uitgebreid sociaal plan uitgewerkt. De werknemers die op straat kwamen te staan, werden begeleid bij hun herscholing en bij het vinden van een nieuwe baan. De arbeiders die werk vonden bij Volkswagen in Vorst staat opnieuw ontslag te wachten. Bonden en directie onderhandelen al weken over de toekomst van de fabriek, die kampt met productiviteitsproblemen.

Volgens Vlaams minister van Economie Van Rompuy weerspiegelt de situatie van de ex-Renault werknemers het gunstige klimaat op de Vlaamse arbeidsmarkt. Sinds de sluiting van de vestiging van de Franse autofabrikant zijn er volgens de bewindsman netto 50.000 banen bijgekomen. Het is een boodschap die ook Vlaams minister-president Van den Brande uitdraagt.

In de aanloop naar de verkiezingen van juni laat hij trotse advertenties plaatsen met zijn foto en het bericht dat er in Vlaanderen het afgelopen jaar 30.000 nieuwe arbeidsplaatsen bijkwamen.