W.F. Hermans van nabij

Volgende week verschijnt de eerste biografie van de in 1995 overleden W.F. Hermans, geschreven door zijn generatiegenoot Hans van Straten. In het jongste nummer van het W.F. Hermans-magazine, onder redactie van Dick Baartse en Bob Polak, wordt op deze grote gebeurtenis vooruitgelopen en komt de biograaf, geïnterviewd door André Drogger, zelf aan het woord. Het interview begint – geheel in de stijl van Hermans zelf – met een schimpscheut: `Terwijl Hugo Brandt Corstius (1935) na bijna twintig jaar nog maar steeds niet zijn biografie van Multatuli gereed heeft, levert Hans van Straten (1923) dezer dagen de kopij in van alweer zijn derde biografie, Hermans, zijn tijd, zijn werk, zijn leven.'

Van Straten, die Hermans ruim veertig jaar van nabij heeft meegemaakt, vertelt dat hij eind 1996 is benaderd door Martin Ros, adviseur van uitgeverij Aspekt, met het verzoek om de biografie te schrijven. Twee dagen heeft hij erover nagedacht alvorens de opdracht te aanvaarden. Een handicap was dat hij niet de beschikking had over de uitgebreide correspondentie van Hermans en andere archivalia, maar Van Straten zag daar ook een voordeel in. `Ik bedacht dat als ik heel die nagelaten paperasserij van Wim tot mijn beschikking zou krijgen, ik zeker twee jaar nodig zou hebben om daarvan een bruikbare database te maken.' Nu heeft hij die twee jaar benut om de hele biografie (ruim vijfhonderd pagina's) te schrijven.

Een voorpoefje van wat we kunnen verwachten aan verhalen over de verschrikkelijke jeugd van de schrijver levert het Hermans-magazine in de vorm van een verhaal over Hermans' zusje Corry. Ze was drie jaar ouder dan haar broer Wim en op het Barlaeusgymnasium deed ze het aanzienlijk beter dan hij. Wegens haar gezeglijkheid was ze de lieveling van de strenge, stijve ouders-Hermans, hoewel zij – net als Wim – stevig onder de duim werd gehouden. Alleen als ze cum laude overging kreeg ze een cadeautje, wist haar inmiddel overleden klasgenote Therese Lemaire zich te herinnering. In dit artikel komen ook andere klasgenoten van Corrie aan het woord, zoals de voormalige PvdA-minister Irene Vorrink. Zij schetste in 1971 in de HP het bekrompen milieu waarin de kinderen Hermans opgroeide: `Het was 1932 maar het leek daar wel rond de eeuwwisseling. (...) Die moeder was was een echt Ot en Sien-type, ze zei ook nooit veel. Die vader was altijd aan het woord.'

Vader Hermans was een potentaat, zoals de lezers van zijn werk weten. Irene Vorrink: `Ik zat daar eens tussen de middag aan tafel en toen ik klaar was met eten legde ik mijn mes en vork wel of juist niet gekruist op mijn bord. Corry maakte toen een gebaar tegen me alsof er iets vreselijks was gebeurd. Later zei ze : je had je mes en vork verkeerd neergelegd, dat kan mijn vader niet verdragen.' Wim Hermans was volgens Vorrink minder schuw dan zijn zusje. Ze dacht dat hij wel niet zou willen deugen. Anders dan Corry publiceerde Wim in de schoolkrant Suum Cuique waarvan J.L. Heldring en Jan van Lelyveld redacteuren waren.

Met Corry Hermans liep het tragisch af. Kort na de inval van de Duitsers in mei 1940 werd ze dood aangetroffen in de auto van haar neef. Deze keurig getrouwde inspecteur van politie met wie ze mogelijk een geheime verhouding onderhield, had eerst haar en vervolgens zichzelf met zijn dienstwapen doodgeschoten. Wat de achtergrond was van deze (zelf)moord, wordt in dit artikel niet opgehelderd. Wellicht is de zelfmoord van Ter Braak op 10 mei 1940 van invloed geweest.

Ongetwijfeld komt in Van Stratens biografie ook Hermans' bezoek aan Zuid-Afrika in 1983 aan de orde. Hij doorbrak daarmee de culturele boycot waartoe de VN en het ANC hadden opgeroepen. Het Hermans-magazine publiceert een reeks artikelen over dit Afrika-bezoek dat in Nederland heftige protesten uitlokte, maar in Zuid-Afrika door veel schrijvers positief werd gewaardeerd. Waarschijnlijk had Hermans met zijn actie achteraf bezien – zoals altijd – gelijk.

Een andere recent verschenen publicatie van de Stichting Hermans-magazine is het fraai uitgegeven boekje Willem Frederik Hermans in de prijzen, geschreven door Rob Delvigne. Het geeft een compleet overzicht van de literaire prijzen waarbij Hermans betrokken was. Hij accepteerde in 1938 de prijs voor een opstelwedstrijd op het Barlaeus, maar weigerde in 1971 de P.C. Hooftprijs.

Hermans-magazine, jaargang 8, nummer 29. Prijs ƒ12,50.

Rob Delvigne: Willem Frederik Hermans in de prijzen. Uitg. Stichting Hermans-magazine. Prijs ƒ35,-