BENOÎT JUTRAS OVER Cirque-muziek

,,Op mijn zeventiende hoorde ik voor het eerst Strawinsky's Le sacre du printemps en onmiddellijk dacht ik: ik wil óók componist worden. Dat is gelukt, zou je zeggen. Quidam was de eerste productie van Cirque du Soleil waarvoor ik de componist ben, en daarna heb ik ook nog de muziek gemaakt voor de Cirque-producties in Las Vegas en in Walt Disney World in Orlando, Florida. Maar toch, als ik nu de Sacre weer hoor, kan ik er niet onderuit me af te vragen of ik eigenlijk wel ècht componist ben geworden.''

Benoît Jutras (35) is in Amsterdam om te repeteren met het zesmans-orkest dat zijn sferische muziek speelt in Quidam, de nieuwe voorstelling van het acrobatische Cirque du Soleil die donderdag in de grote tent naast het Olympisch Stadion haar Europese première beleeft. In niets lijkt die muziek op de traditionele circusmuziek, met haar feestelijke trompetgeschetter en de drumroffels bij de apotheose van een moeilijke truc, zoals Cirque du Soleil ook in niets op het traditionele piste-circus lijkt. Jutras combineert rock met volksmuziek, één enkele strijker met een kamerbreed synthesizergeluid en filmische klanktapijten met het pakkende ritme van een moeiteloos meezingbare titelsong.

,,Tegen de traditionele circusmuziek heb ik me nooit hoeven afzetten om de eenvoudige reden dat ik die nog nooit had gehoord voordat ik bij Cirque du Soleil kwam. Canada heeft geen circustraditie; het eerste circus dat ik ooit heb gezien, was Cirque du Soleil op de televisie – twaalf jaar geleden. Ik had mijn studie beëindigd, had een baantje als pianist in een droevige bar en werd via een vage kennis gevraagd om leider van het Cirque-orkest te worden. Daardoor heb ik de stijl van hun muziek van binnen en buiten leren kennen. Pas later heb ik een tijdje in Zwitserland gewerkt bij Circus Knie, waar ze hun muziek wilden moderniseren. Daar zat nog een ouderwetse kopersectie, maar ik ben er toen wel in geslaagd het reguliere tromgeroffel weg te werken. Volgens mij zijn er betere, originelere manieren te bedenken om een circusnummer naar zijn hoogtepunt te voeren dan die eeuwige roffel.

,,Ik schrijf altijd heel veel muziek als we aan een nieuwe show beginnen, soms wel tachtig nummers. Pas tijdens de repetities krijgt het langzaam vorm. De meeste acrobaten bemoeien zich niet of nauwelijks met de muziek die tijdens hun optreden wordt gespeeld. Ze weten dat ze hier geen los nummer zijn, maar deel uitmaken van een groter geheel, waarvan de artistieke leiding niet in hun handen is. Alleen met sommige Russische artiesten, die daaraan nog niet gewend zijn, kunnen de discussies soms hoog oplopen. Die roepen dan al gauw dat de muziek niet spectaculair genoeg is.

,,Vorig jaar ben ik zeven dagen per week twaalf uur per dag voor Cirque aan het werk geweest. Dat liet me geen tijd om nog iets anders te doen. Komend jaar hoop ik ook wat meer toe te komen aan ander werk. Invloeden van buiten heb ik hard nodig. Op het conservatorium was ik voornamelijk met componisten als Varèse en Stockhausen bezig, nu probeer ik binnen de stijl van dit circus mijn eigen gezicht te laten zien. Dat is enerzijds aantrekkelijk omdat mij een vrij grote artistieke vrijheid wordt gegeven èn een royaal budget – twee dingen die elders bijna nooit samengaan. Maar anderzijds gaat de aandacht van het publiek in een circus natuurlijk niet in eerste instantie uit naar de componist. En als je me vraagt of de muziek die ik hier maak, ook mijn muziek is, moet ik je nu het antwoord nog schuldig blijven. Ik hoop het te ontdekken door een paar andere projecten waarvoor ik ben gevraagd. Op dit moment weet ik niet hoe ik zou schrijven als er geen kunsten bij werden vertoond.''

Quidam, door Cirque du Soleil, Amsterdam, 4/3 t/m 30/5. Inl. (0900) 0106.

Quidam-muziek op cd, BMG 09026 68601 2.