ZIENDEROGEN OPGEKNAPT

DE BLIK IN de ogen van Jihad is van een peilloze droefheid. ``Lachen is moeilijk'', zegt hij terwijl hij uit wellevendheid toch nog een glimlachje tevoorschijn tovert. Een jaar en tien maanden geleden vluchtte hij naar Nederland. Sindsdien woont hij in een asielzoekerscentrum in het Zuid-Limburgse Echt. ``Ik moet denken aan mijn familie'', spreekt Jihad. Hij spant zich in om keurige Nederlandse zinnen te formuleren. ``Ik heb veel herinneringen aan Irak en ik heb veel slechte dromen.'' Naast hem zit Jozef, uit Iran, die al ruim vier jaar in het asielzoekerscentrum in Echt aan het wachten is.

Sinds vijf maanden komen Jihad en Jozef vier dagen per week met een busje naar opleidingscentrum Wereld Wijd dat aan de rand van Eckelrade ligt, een slaperig Zuid-Limburgs dorpje met zo'n 650 inwoners. 's Morgens krijgen ze Nederlandse les, 's middags leren ze een vak. Jihad, van huis uit autotechnicus, doet elektrotechniek. Zijn hart gaat niet sneller kloppen van het elektrovak, maar de mogelijkheid om iets buiten het asielzoekerscentrum te gaan doen gaf de doorslag. ``De situatie was zo slecht'', zegt hij met neergeslagen ogen. Jozef, in Iran verkoper, probeert zich het timmervak eigen te maken. ``Als ik hier blijf, wil ik werken'', zegt hij vastbesloten, ``daarom wilde ik naar deze opleiding.'' Nu ze vier dagen per week van tien tot vijf op Wereld Wijd zijn, gaat het een stuk beter met ze. Voor het eerst zijn ze af en toe bevrijd van het malende gepieker, waar ze in het asielzoekerscentrum lange dagen en lange nachten de tijd voor hadden. ``Als we hier zijn hebben onze hersens een beetje pauze'', legt Jozef uit. Ze hebben even wat anders aan hun hoofd.

Opleidingscentrum Wereld Wijd is vandaag niet in gewone doen. Door de uitzonderlijke sneeuwval strandde de touringcar, die iedere dag bij een aantal asielzoekerscentra ruim vijftig cursisten ophaalt. De overige dertig cursisten druppelen in de loop van de ochtend binnen. Ook veel vrijwilligers die de lessen verzorgen zijn in de sneeuw blijven steken. De technieklokalen, het naailokaal en het computerlokaal liggen er verlaten bij. ``Dit is nog nooit gebeurd'', zegt Frans Frankhuizen, de algemeen coördinator, ``er valt hier zelden een les uit.'' De cursisten komen buitengewoon trouw en onder de toegewijde vrijwilligers bestaat al helemaal geen uitval.

Wereld Wijd is een eigenzinnig onderwijsproject dat een ouderwets soort bevlogenheid en mededogen uitstraalt. De `menselijke maat' wordt streng in het oog gehouden. Frankhuizen wil alle 85 cursisten en 120 vrijwilligers persoonlijk kennen. Verdubbeling van de capaciteit had gekund toen er onlangs een groot gebouw in de buurt vrij kwam. ``We hebben het niet gedaan'', verklaart Frankhuizen, ``want kleinschaligheid is onze kracht.'' Een moeilijke beslissing, zeker omdat hij dagelijks ziet hoezeer de cursisten opleven als er ritme en structuur in hun leven komt en perspectief wordt geboden op diploma's, stages, vrijwilligerswerk en bemiddeling naar betaald werk als ze een definitieve verblijfsstatus krijgen. Liever ziet Frankhuizen dat er elders in het land vergelijkbare opleidingscentra voor asielzoekers van de grond komen. Zoals drie jaar geleden in Den Haag en binnenkort in de regio 's-Hertogenbosch.

Op dit moment wordt Wereld Wijd overlopen door delegaties uit het hele land en toen staatssecretaris Cohen van justitie een paar weken geleden diploma's kwam uitreiken aan een cursistengroep die bestond uit 26 nationaliteiten sprak hij lovende woorden. Zijn ministerie subsidieert een deel van het opleidingscentrum op voorwaarde dat de specifieke – op asielzoekers toegesneden – lesmethodes ook elders gebruikt kunnen gaan worden. De rest van begroting wordt min of meer sluitend gemaakt door fondswerving en door materiële bijdragen uit het bedrijfsleven, zoals de touringcar, de computers en deel van het gereedschap.

Eind jaren zeventig is Wereld Wijd door de radicale jongerenbeweging KWJ opgezet als fietsenwerkplaats voor werkloze jongeren. Ze leerden een vak en de opgeknapte fietsen werden naar de Derde Wereld verscheept. Maar rond 1990 was er van jeugdwerkloosheid nauwelijks meer sprake en de Derde wereld bleek inmiddels om de hoek te liggen, in de talloze asielzoekerscentra die in Zuid-Limburg werden gevestigd. Asielzoekers stroomden toe. Het aantal gegadigden is altijd vele malen groter dan de hoeveelheid cursusplaatsen. De lessen Nederlands worden grotendeels door voormalige, veelal vuttende, leraren gegeven die genieten van de leergierigheid van hun leerlingen.

Gilles Jaspars heeft 35 jaar voor de klas gestaan en geeft hier sinds twee jaar Nederlands. ``Dit is het einde! Ah!'' roept hij. ``Het zijn zeer gemotiveerde, beschaafde en hoffelijke mensen.'' Het lesgeven is voor hem een feest, wil hij maar zeggen. En dat is het ook voor Mart Claessens, die tot zijn pensionering psychotherapeut en opleider was en nu al vijf jaar twee tot drie ochtenden Nederlands geeft op Wereld Wijd. Vandaag zit hij met slechts drie leerlingen in zijn lokaal, alle drie hebben ze in hun land van herkomst een universitaire studie afgerond. Rouhalla, afkomstig uit Afghanistan is apotheker en doet nu een cursus metaal. Suha studeerde iets op het gebied van landbouw en volgt nu de computercursus. En Ghulam leert lassen. In Afghanistan was hij docent techniek. Ook zij gingen in het asielcentrum bijna ten onder aan ledigheid en gepieker. ``Ik kan nu weer een beetje slapen'', zegt Rouhalla.

's Middags zijn er cursussen metaal- en houtbewerking, elektrisch en autogeen lassen, autotechniek, naaitechniek en textielbewerking, en computergebruik. Elektrotechniek is er onlangs aan toegevoegd en Frankhuizen is op dit moment bezig om opleidingsmogelijkheden in de verzorging te creëren. Niet alleen omdat in deze sector krapte dreigt, maar ook om het scholingsaanbod voor vrouwen te verbreden.

Er wordt zwaar getild aan erkende diploma's. Dat vergroot de kansen op de arbeidsmarkt, zowel hier als eventueel in hun land van herkomst.De groep die geen definitieve verblijfsvergunning krijgt wordt alleen maar groter, is de ervaring van Frankhuizen, ``dus wij proberen mensen ook te begeleiden bij hun terugkeer.'' Via de 120 vrijwilligers is een wijdvertakt netwerk opgebouwd voor stages, vrijwilligerswerk en betaalde banen. Deze bemiddeling rekent Wereld Wijd uitdrukkelijk tot haar taak.

De groep die naar het opleidingscentrum komt is bont gevederd, zowel wat betreft nationaliteit als qua achtergrond. Frankhuizen: ``De ingenieur werkt samen met iemand die nog nooit een vijl in zijn handen heeft gehad. Asielzoekers die tot niets meer in staat waren knappen hier binnen twee weken zienderogen op.'' Ook de Riagg heeft de preventieve en helende werking van Wereld Wijd inmiddels onderkend, en heeft een aantal plaatsen ingekocht. Ook naburige gemeentes hebben inmiddels de weg naar het centrum gevonden en sturen hun vluchtelingen voor inburgering en werkbemiddeling. ``Hoewel de mensen hier allemaal geschiedenissen hebben waar heel veel narigheid aan kleeft, zijn we hier niet therapeutisch bezig'', zegt Frankhuizen. ``We zijn puur een school.''

    • Michaja Langelaan