Wapenstilstand

Toen was het een ruwe, dichtbegroeide boompartij met twee spoorlijntjes voor zwaar geschut, een ideale plek om twee treinen in stilte met elkaar te laten praten. Nu is het een typisch zondagmiddagbos, de Historische Plaats waar in november 1918 de wapenstilstand werd gesloten.

Duitsland kwam met witte vlaggen. Er waren geen grondstoffen meer, de Spaanse griep teisterde leger en industrie, de soldaten deserteerden bij duizenden en overal in het land gistte de revolutie. De Duits-Oostenrijkse oorlog was niet verloren, hij was simpelweg geïmplodeerd. Op de 11de van de 11de om 11 uur staakten de machinegeweren, de schutters salueerden naar hun tegenstanders, en het was voorbij. Aan de oostelijke en westelijke fronten hadden ruim 70 miljoen soldaten gevochten, van wie er 9,5 miljoen sneuvelden 13,5 procent. Het was een echte wereldoorlog: er vochten meer Canadezen, Indiërs en Australiërs mee dan Belgen. Een hele generatie werd erdoor getekend. Een Engelse vriend vertelde me dat hij in 1979 nog eten rondbracht in een weggestopt Londens ziekenhuispaviljoen met vreemde, spastische oude mannen. `Die zitten er al sinds 1918', werd gezegd.

Rondom de Historische Treinwagon, waarin Hitler op 21 juni 1940 op zijn beurt de Franse capitulatie dicteerde, is een museumpje gebouwd. Pas gaandeweg besef ik hoe de geschiedenis hier is nagemaakt. De oorspronkelijke wagon is door Hitler meegenomen naar Duitsland en begin april 1945 door SS-gevechtstroepen in brand gestoken. Niet nog eens! Zo verdween het echte Compiègne voor eeuwig in het Zwarte Woud.