Janine Jansen is een onstuimig talent op viool

Iedere noot speelt ze op leven en dood, en die gloeiende intensiteit is tegelijkertijd de kracht en de zwakte van violiste Janine Jansen (1978), zonder twijfel het grootste viooltalent onder de jongste generatie Nederlandse violisten. Vorig jaar studeerde ze af aan het Utrechts Conservatorium, waar zij les kreeg van Philipp Hirshorn, Charles-André Linale en Boris Belkin. Al vanaf haar tiende jaar won Jansen prijzen op concoursen, maar pas nadat ze in 1997 winnares werd van het Concours International de Musique de Chimay, nam haar prille carrière serieuze vormen aan. In 1998 ontving ze bovendien de Philip Morris Finest Selection Prize, waarbij de jury haar prees om haar `gerijpte muzikaliteit' en haar `grote gevoel voor stijl'. Inmiddels debuteerde ze met veel succes bij het Residentie Orkest en soleerde ze met Emmy Verhey in Bachs Dubbelconcert en met Yuri Bashmet in Mozarts Concertante.

In De Doelen trad Jansen voor de eerste keer op met het Rotterdams Philharmonisch Orkest en dat was overduidelijk tot wederzijds genoegen. Testcase was het Vioolconcert in e van Mendelssohn, waarover de legendarische vioolvirtuoos Jascha Heifetz ooit opmerkte: `Als dit concert doodgaat, dan gaat alle muziek dood.' Jansen stortte zich fel en onstuimig op de bekende partituur, die ze met intuïtieve zekerheid als een dramatisch bolwerk van hartstocht en sentimenten opvatte. Instrumentaal gezien profileerde Jansen zich als een absoluut natuurtalent, met een briljante techniek en een zingende toon, die inslaat als vuurwerk. Muzikaal gezien veroorloofde de violiste zich charmante vrijheden in tempi, dynamiek en frasering, die het spontaniteitsgehalte van haar uitvoering nog verhoogden.

Desondanks begon haar temperamentvolle spel na verloop van tijd een beetje te vervelen, omdat Jansen op het gebied van muzikale timing, dosering en nuancering nog erg naïef te werk gaat. Aan reflecteren en analyseren lijkt ze, door haar enorme talent en enthousiasme, maar nauwelijks toe te komen. Om die reden zou het geen kwaad kunnen wanneer ook Jansen, in de voetsporen van haar belangrijkste rivale Liza Ferschtman, al dan niet onder auspiciën van de Nederlandse Muziekprijs een tijdje in Amerika of elders over de grens zou gaan studeren.

Nu is het alsof ze de primaire kleuren in de muziek moeiteloos beheerst, terwijl ze van alle tussenliggende kleurnuances en schaduwtinten nog maar nauwelijks weet heeft. Onder leiding van de aimabele Christopher Seaman leidde het Rotterdams Philharmonisch Orkest het geslaagde debuut van Jansen in met een lieflijke maar wat waterig voortkabbelende ouverture Die schöne Melusine van Mendelssohn, waarna het concert besloten werd met een vloeiende, gematigd explosieve lezing van Elgars tumultueuze Symfonie nr. 1 in As, op. 55.

Concert: Rotterdams Philharmonisch Orkest o.l.v. Christopher Seaman, m.m.v. Janine Jansen (viool). Gehoord: 24/2 De Doelen, Rotterdam. Herhaling: 28/2 aldaar. Radio: 28/2 14u15 Radio 4.