`Limburgers te gelaten over provinciale politiek'

Op 3 maart worden nieuwe Provinciale Staten gekozen. Maar de belangstelling van de kiezer voor het reilen en zeilen van zijn provincie loopt sterk terug, vooral in het zuiden.

Het grote publiek kent ze alleen met kaplaarzen aan, diep in het bluswater of in het wassende tij van de grote rivieren. Bij rampen zijn ze plotseling in beeld, maar uit recente peilingen blijkt dat commissarissen van de koningin weinig bekend zijn bij de kiezer. Zeven van de tien kiesgerechtigheden weten niet hoe de chef van zijn provincie heet en weten maar weinig van het werk dat op provinciaal niveau wordt gedaan. Niet meer dan vijftig procent van de ondervraagden is van plan te gaan stemmen, net als in 1995. Bij de Tweede-Kamerverkiezingen vorig jaar kwam 73,3 procent van de kiezers op.

In Maastricht was er vorige week een open dag om kennis te maken met de kandidaten voor het provinciale bestuur, er kwamen 700 bezoekers naar de kraampjes van de politieke partijen in het Gouvernement, zoals het provinciehuis hier heet. En in Drenthe laat commissaris R. ter Beek op een regionaal tv-spotje zien aan welke tafel in het provinciehuis de meest drastische besluiten worden genomen en vertrouwt hij de kiezer toe dat hij of zij volgende week woensdag de kans heeft om invloed uit te oefenen op de besluiten die aan die tafel worden genomen.

,,We gaan voor goud'', zegt de commissaris monter na de tv-opnamen. ,,Drenthe scoort vrij hoog met een opkomst van om en nabij de 55 procent maar het moet nog beter. De moeilijkheid met onze boodschap is dat mensen niet in hun portemonnee voelen wat wij doen. En toch is het belangrijk voor de omstandigheden waaronder ze hier wonen en werken, Dat vergeten ze,'' aldus Ter Beek.

Dat wordt zo vaak vergeten dat minister Peper van Binnenlandse Zaken zich afvraagt of provincies nog een aparte rol te vervullen hebben als de belangstelling bij de kiezers verder afneemt. ,,De bestuurslaag is verkruimeld tussen het landelijke en lokale niveau,'' zei hij dinsdag op de Radio 1. En in Limburg hebben de Provinciale Staten enkele maanden geleden een onderzoek laten instellen naar de afnemende belangstelling voor hun politieke inspanningen. Een oplossing voor hun probleem kregen ze niet aangereikt.

,,Wij moesten de Statenleden teleurstellen. Op de korte termijn valt er niet zo heel veel aan te veranderen. Kiezers weten niet wat de provincie allemaal doet en de partijprogramma's komen steeds dichter bij elkaar in de buurt. Het is minder helder wat de keuzes nog zijn en ze tonen weinig interesse,'' zegt een van de samenstellers van het rapport `Limburg kom op', wetenschappelijk docent J. Janssen. Pas als de provincies meer taken naar zich toe kunnen trekken, zouden de kiezers wakker geschud kunnen worden. Maar kansen dat provincies hun werkterrein kunnen vergroten zijn er op dit ogenblik niet. De animo ontbreekt, meent hij. De samenstellers van het rapport concluderen verder dat katholieke kiesgerechtigden veel gemakkelijker thuisblijven dan protestantse. Bij de laatsten is volgens hen het plichtsbesef meer ontwikkeld.

De gouverneur van Limburg, baron B.J. van Voorst tot Voorst, maakt zich zorgen over de legitimering van de provinciale politiek als de belangstelling van de kiezers verder terugloopt tot onder de 50 procent.

,,Het had weinig gescheeld of Limburg had na de Tiendaagse Veldtocht van augustus 1831 bij België gehoord. Dat merk je hier wel een beetje. Het nationale politieke centrum ligt ver weg. Dat was al zo toen de Limburgers werden geregeerd vanuit Madrid, Parijs of Wenen. Het gekke is dat de kiezer wel warm loopt als het om gemeenteraadsverkiezingen gaat. Dan is er altijd wel een familielid of vriend of vriendin aan wie een stem wordt beloofd. Maar voor het belangrijke werk dat wij doen, daarvoor neemt de belangstelling kennelijk af.'' De gouverneur wil dat de taken van de provincie verder worden uitgebreid, zodat de keizer meer vertrouwd raakt met het werk van de provincie. Nu is het allemaal nog wat abstract. Op het terrein van de volksgezondheid zou dat kunnen en bij onderwijs en cultuur. Maar de laatste tijd ziet hij dat Den Haag weer terrein wil terugwinnen op de provincies. Misschien is dat niet direct de wens van de ministers maar zeker van de Tweede Kamer, die bijvoorbeeld de ontwikkeling van het vliegveld Beek aan banden legde nadat de provincie juist met uitbreiding had ingestemd.

De dichter en cultuurkenner Wiel Kusters zet vraagtekens bij het veronderstelde verband tussen religie en opkomst van de kiezers. ,,Dat dat katholiek zijn met die geringe opkomst van de kiezer te maken zou hebben begrijp ik niet zo goed. Welk katholicisme bedoel je dan? Het Poolse, het Duitse, het Franse? Het gaat om de kleur die je daarbij invult. Daar is dat rapport `Limburg kom op' over de oorzaken van de terugloop van de belangstelling voor provinciale verkiezingen niet duidelijk over. Wel is de cultuur van de KVP belangrijk. Die partij was hier machtig onder het motto `ga maar slapen, wij regelen het intern wel goed voor je'.<TI>n,,Mijn moeder in Kerkrade zei altijd: `maak een vuist, maar wel in je broekzak zodat ze het niet direct zien'. Toen gouverneur Kremers hier aantrad in de jaren tachtig, zei hij: `ik moet ze daar in dat Limburg een schop onder kun kont gaan geven'. Hij wilde die onverschilligheid, die berusting aanpakken. Maar daar merk nu je niet zoveel van.''

    • Willebrord Nieuwenhuis