Flexwet verdeelt betaald voetbal

De betaald-voetbalclubs wezen zaterdag de CAO-voorstellen van de werknemersorganisatie VVCS unaniem af. De vraag is hoe de werkgevers nu de gevaren van de flexwet zullen neutraliseren.

De flexwet heeft voor veel verontrusting gezorgd in het betaald voetbal. Clubs kunnen sinds 1 januari van de een op de andere dag spelers kwijtraken zonder dat zij daar een vergoedingssom voor ontvangen. Voetballers die langer dan drie jaar onder contract staan bij dezelfde club kunnen na verlenging van hun verbintenis met onmiddellijke ingang opzeggen. Anderzijds biedt de wet clubs de mogelijkheid werknemers zonder ontslagprocedure op straat te zetten.

Een collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) voor het betaald voetbal zou de nadelige gevolgen van de flexwet kunnen ondervangen, daarover zijn alle partijen het eens. Maar de onderhandelingen over een CAO tussen de clubs (verenigd in de Federatie van Betaald voetbal Organisaties FBO) en de spelers (vertegenwoordigd door de Vereniging van Contractspelers VVCS) liepen afgelopen zaterdag op een mislukking uit. Het voorstel van de spelersvakbond werd tijdens een algemene vergadering van de FBO binnen een paar minuten van tafel geveegd.

De VVCS is ontmoedigd door de houding van de clubs en laat het initiatief na acht maanden moeizaam onderhandelen aan de clubs. Die hebben nu een werkgroep samengesteld die alternatieven onderzoekt voor een collectieve arbeidsovereenkomst. Naar verwachting komt de werkgroep binnen twee weken met enkele aanbevelingen. De afgevaardigden van ADO Den Haag (Slooters), Heerenveen (Kuiper), FC Zwolle (Van Vliet) en FC Groningen (Mulder) komen vandaag voor het eerst bijeen.

De FBO gaat in elk geval geen gesprekken voeren met ProProf, zoals hier en daar is gesuggereerd. Deze belangengroepering in oprichting, een initiatief van een aantal makelaars dat zegt tweehonderd spelers te vertegenwoordigen, wordt door de FBO niet als een serieuze onderhandelingspartner gezien. Toch vreesde de FNV, waarbij de VVCS is aangesloten, vorige week dat het die kant op zou gaan. FBO-directeur Gerard Slager: ,,ProProf bestaat nog helemaal niet, dus heeft het geen zin met hen rekening te houden. FNV-voorzitter De Waal heeft zich ten onrechte opgewonden over onze vermeende belangstelling voor ProProf. Wij zijn geen kannibalen en netter dan iedereen denkt.''

Volgens Slager zijn er voor de clubs wel wat alternatieven te bedenken om de negatieve gevolgen van de flexwet te omzeilen. Zo zou er een aparte CAO voor topclubs kunnen worden afgesloten. Of een collectieve arbeidsovereenkomst voor de eredivisie en één voor de eerste divisie. Zelfs per club zijn er mogelijkheden. ,,Maar zo'n regeling is dan natuurlijk niet van toepassing op de hele bedrijfstak.''

De werkgroep zal geen pogingen doen een uitzonderingspositie voor het betaald voetbal te onderzoeken. Slager: ,,Een aparte status is zeker niet onze insteek. De wet is door de Eerste Kamer goedgekeurd en dan hoeft de voetbalwereld daar niet aan te tornen. We willen alleen de nadelige effecten van de flexwet zoveel mogelijk neutraliseren. Het Nederlandse voetbal kan zich momenteel niet permitteren de concurrentiepositie ten opzichte van het buitenland verder te laten verslechteren. In elk ander land kennen ze immers geen flexwet of contracten voor onbepaalde tijd.''

In de onderhandelingen tussen de FBO en VVCS is een oude vete weer opgelaaid. De spelersorganisatie wordt verweten misbruik te maken van de situatie. De VVCS hing aan het gedeeltelijk ondervangen van de flexwet een prijskaartje. De spelersvakbond vroeg van de clubs bijna een miljoen gulden (0,33 procent van de jaarlijkse loonsom) om de begroting van de vakbond te dekken. Tenminste anderhalf miljoen gulden zou in een op te richten fonds voor maatschappelijke begeleiding van spelers gestort moeten worden. En 2,5 miljoen gulden, het aandeel in de tv-rechten dat de bond al eerder had bedongen, zou gebruikt moeten worden om het WAO-gat te financieren. En dan nog wil de VVCS in ruil hiervoor de flexwet niet volledig uitsluiten, maar de termijn van drie jaar verlengen tot zes jaar. Voor Jari Litmanen, al zes jaar in dienst bij Ajax, zou dat betekenen dat hij alsnog een dag na de verlenging van zijn contract kan vertrekken naar een andere club.

Op het kantoor van de VVCS, die volgens een nieuwe eigen telling 950 profvoetballers vertegenwoordigt, heerste deze week verslagenheid over de verkeerde bedoelingen die de eisen van de spelersvakbond gewekt zouden hebben. Voorzitter Theo van Seggelen: ,,Het is unfair zoals wij er van verdacht worden de onderhandelingen te hebben misbruikt om onze zakken te vullen. Als de clubs niet willen betalen, waarom heb ik dat dan in de onderhandelingscommissie niet gehoord? De genoemde miljoenen zouden voornamelijk zijn bestemd voor de spelers. Het enige waar men over kan vallen is de bijdrage voor onze begroting. Die is anderhalf miljoen gulden per jaar waarvan vijf professionals en zeven parttimers een vakbondssalaris moeten ontvangen. Het is toch reëel als de spelers de helft voor hun rekening nemen en de andere helft wordt aangevuld door de clubs?''

De overige voorwaarden beschouwt Van Seggelen als wisselgeld. ,,De flexwet is een groot goed voor de spelers. Had ik dan naar mijn achterban moeten stappen en zeggen: `We hebben er afstand van gedaan maar jullie krijgen er niets voor terug.' In elke bedrijfstak worden maatschappelijke fondsen opgericht. De tijd was rijp om nu eens goede collectieve voorzieningen te treffen waarmee je in het buitenland kunt aankomen. De clubs willen de flexwet volledig uitschakelen. Dat is wettelijk niet mogelijk.''

De clubs streven er in elk geval wel naar. De noodzaak van aanvullende sociale voorzieningen voor de spelers wordt door Slager weggehoond. ,,In de eerste divisie zweeft het gemiddelde salaris momenteel rond een ton. In de eredivisie neemt een profvoetballer voor anderhalve ton nog geen corner. Moeten bij dit soort grootverdieners sociale voorzieningen een prioriteit hebben? Zij kunnen toch wel een verzekering afsluiten? We moeten elkaar niet voor het lapje houden. De meeste clubs hebben geen geld. Ze draaien net quitte. Eventuele overschotten verdwijnen in de zakken van de spelers en gaan echt niet naar de aandeelhouders. De VVCS heeft misbruik willen maken van de situatie door een oud eisenpakket op tafel te leggen. Het gaat er nu om dat de bedrijfstak niet in gevaar komt. Dat moet Van Seggelen zijn achterban maar voorhouden.''

    • Erik Oudshoorn